Behavioural Theory of the Firm
Gedragstheorie bedacht door March, Simon en Cyert
- Volgens SET is een bedrijf holistisch.
Volgens BTF is een bedrijf een samenwerkingsverband tussen deelnemers, deelnemers
ontvangen stimulansen en geven contributies.
- Volgens de BTF is het aspiratieniveau belangrijker voor de werknemers dan de hoogte van
het loon. Volgens de SET vertrekken medewerkers meteen naar een ander bedrijf als ze daar
een hoger loon krijgen.
- Consumenten weten volgens de BTF niet de prijzen van andere producenten en volgens de
SET wel.
- Deelnemers zijn Stakeholders en aandeelhouders zijn Shareholders.
- Volgens de BTF heeft iedere zijn eigen doel en deze doelen worden behaald door een
onderhandelingsproces (Bargaining proces). Ze hebben dus geen gezamenlijk doel voor ogen.
- Voor de participanten moet het bereikingsniveau gelijk zijn aan het bevredigingsniveau.
- Het verschil tussen de totale middelen (resources) en de totale betalingen die nodig zijn om
het bevredigingsniveau te bereiken, heet organizational slack. Naast winstmaximalisatie
heeft een bedrijf ook andere doelen (operational subgoals).
- Volgens de SET is er sprake van informatiesymmetrie, iedereen beschikt over dezelfde
informatie. Volgens de BTF bestaat er een verschil tussen de informatie. Hierdoor kunnen
besluitvormers tot andere conclusies komen waardoor en verschillende verwachtingen
ontstaan.
- Een belangrijke aanname binnen de SET is dat een bedrijf maximaliserend gedrag toont
(Maximizing behavioural). Dit betekent dat als bedrijven een besluit gaan nemen, ze alle
alternatieven weten en ook hieruit de beste kunnen kiezen. Volgens de BTF word een
voorstel aangenomen als aan alle aspiratieniveaus wordt voldaan = Satisficing. En mensen
kunnen niet alle alternatieven zien door de beperkte rationaliteit van de mens.
Fouten die spelen bij beslissingen onder onzekerheid:
- Beschikbaarheid van de informatie: impact van emotionele informatie groter dan de echte
kans op een bepaalde gebeurtenis. Vliegramp lijkt gevaarlijker dan een auto-ongeval, maar
dat is dus niet.
- Anchoring: Teveel vertrouwen op een informatiestuk bij een besluit.
- Representativiteit: stereotypering
- Loss aversion: De positieve kans en negatieve worden niet gelijk gewogen.
- Reciprocity en Fairness: wederkerigheid en eerlijkheid.
Gedragstheorie bedacht door March, Simon en Cyert
- Volgens SET is een bedrijf holistisch.
Volgens BTF is een bedrijf een samenwerkingsverband tussen deelnemers, deelnemers
ontvangen stimulansen en geven contributies.
- Volgens de BTF is het aspiratieniveau belangrijker voor de werknemers dan de hoogte van
het loon. Volgens de SET vertrekken medewerkers meteen naar een ander bedrijf als ze daar
een hoger loon krijgen.
- Consumenten weten volgens de BTF niet de prijzen van andere producenten en volgens de
SET wel.
- Deelnemers zijn Stakeholders en aandeelhouders zijn Shareholders.
- Volgens de BTF heeft iedere zijn eigen doel en deze doelen worden behaald door een
onderhandelingsproces (Bargaining proces). Ze hebben dus geen gezamenlijk doel voor ogen.
- Voor de participanten moet het bereikingsniveau gelijk zijn aan het bevredigingsniveau.
- Het verschil tussen de totale middelen (resources) en de totale betalingen die nodig zijn om
het bevredigingsniveau te bereiken, heet organizational slack. Naast winstmaximalisatie
heeft een bedrijf ook andere doelen (operational subgoals).
- Volgens de SET is er sprake van informatiesymmetrie, iedereen beschikt over dezelfde
informatie. Volgens de BTF bestaat er een verschil tussen de informatie. Hierdoor kunnen
besluitvormers tot andere conclusies komen waardoor en verschillende verwachtingen
ontstaan.
- Een belangrijke aanname binnen de SET is dat een bedrijf maximaliserend gedrag toont
(Maximizing behavioural). Dit betekent dat als bedrijven een besluit gaan nemen, ze alle
alternatieven weten en ook hieruit de beste kunnen kiezen. Volgens de BTF word een
voorstel aangenomen als aan alle aspiratieniveaus wordt voldaan = Satisficing. En mensen
kunnen niet alle alternatieven zien door de beperkte rationaliteit van de mens.
Fouten die spelen bij beslissingen onder onzekerheid:
- Beschikbaarheid van de informatie: impact van emotionele informatie groter dan de echte
kans op een bepaalde gebeurtenis. Vliegramp lijkt gevaarlijker dan een auto-ongeval, maar
dat is dus niet.
- Anchoring: Teveel vertrouwen op een informatiestuk bij een besluit.
- Representativiteit: stereotypering
- Loss aversion: De positieve kans en negatieve worden niet gelijk gewogen.
- Reciprocity en Fairness: wederkerigheid en eerlijkheid.