Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Literatuursamenvatting Sociologie voor psychologen (2019). Macionis & Peper, Burroway en Palmer

Beoordeling
3.0
(1)
Verkocht
6
Pagina's
66
Geüpload op
26-03-2019
Geschreven in
2018/2019

LITERATUURSAMENVATTING SOCIOLOGIE VOOR PSYCHOLOGEN TILBURG UNIVERSITEIT 2019. BESTAANDE UIT: • Macionis, J., Peper, B. & Van der Leun, J. (2014). De Samenleving: Kennismaking met de sociologie. Benelux: Pearson. (H1 t/m H18). • Palmer, R., E. (1969). Hermeunetics. Nortwestern University: Press (Pag. 3 – 45). • Burawoy, M. (2005). For public sociology. American sociological review, 70(1), 4-28. (ARTIKEL). In deze litersamenvatting komt alle stof terug die voor het tentamen van sociologie voor psychologiestudenten geleerd moet worden. Van Karl Marx, tot Durkheim en Max Weber. Het boek gaat dieper in op de verschijnselen en begrippen die tijdens het hoorcollege ook aan bod zijn gekomen, waarin het structureel functionalisme, conflictsociologie en symbolisch interactionisme/rationale keuzetheorie centraal staan. Heel veel succes met leren!

Meer zien Lees minder
Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

LITERATUURSAMENVATTING SOCIOLOGIE VOOR PSYCHOLOGEN TILBURG
UNIVERSITEIT 2019. BESTAANDE UIT:

 Macionis, J., Peper, B. & Van der Leun, J. (2014). De Samenleving:
Kennismaking met de sociologie. Benelux: Pearson. (H1 t/m H18).

 Palmer, R., E. (1969). Hermeunetics. Nortwestern University: Press (Pag. 3 – 45).

 Burawoy, M. (2005). For public sociology. American sociological review, 70(1),
4-28. (ARTIKEL).


Hoofdstuk 1: Wat is sociologie?

1.1 Het sociologisch perspectief
Sociologie kunnen we omschrijven als het systematisch onderzoek van de menselijke samenleving.
De kern van deze discipline bestaat uit een geheel eigen gezichtspunt dat we de sociologische visie
of het sociologisch perspectief kunnen noemen. Peter Berger (socioloog) omschreef het
sociologisch perspectief als het algemene in het bijzondere zien. Hiermee bedoelde hij dat sociologie
ons helpt om in het gedrag van bepaalde mensen algemene patronen te ontdekken. Elk individu is
uniek, maar de wijze waarop de samenleving inhoudelijk het leven van mensen die tot uiteenlopende
categorieën behoren (vrouw/man, rijk/arm) beïnvloedt kan zeer sterk verschillen. Dingen zoals
partnerkeuze wordt beïnvloed door patronen die samenhangen met geslacht, leeftijd, etniciteit en
sociale achtergrond. Het sociologisch perspectief brengt met zich mee dat we het bekende idee dat
we zelf bepalen hoe ons leven eruitziet moeten loslaten voor de in eerste instantie vreemde gedachte
dat de samenleving onze beslissingen en al onze ervaringen beïnvloedt. Hoe de samenleving ons
beïnvloedt is niet altijd duidelijk, laten we het besluit om kinderen te krijgen als voorbeeld nemen.
Hoeveel kinderen een vrouw wilt krijgen lijkt een persoonlijk besluit, maar ook hier zijn bepaalde
sociale patronen in te ontdekken. In Europa krijgen vrouwen gemiddeld 1/2 kinderen, terwijl in Afrika
dit getal rond de 6/7 kinderen ligt. In latere hoofdstukken zal duidelijk worden dat dit verschil voortkomt
uit het feit dat vrouwen in arme landen minder scholing en economische mogelijkheden hebben en
vaak geen anticonceptiemiddelen gebruiken. Het is duidelijk dat de samenleving veel invloed heeft op
dit besluit.

Emile Durkheim is een van de pioniers op het gebied van sociologie en heeft ook gekeken naar de
invloed van de samenleving op individuen. Hij heeft gekeken naar de invloed van de samenleving op
een handeling die op het eerste gezicht het meest eenzaamst en persoonlijkst lijkt, namelijk
zelfdoding. Hij laat zien dat ook deze uiterst persoonlijke handeling onderhevig is aan de invloed van
sociale factoren, hiermee toonde Durkheim aan dat sociale factoren ons individuele gedrag kunnen
beïnvloedden. Op basis de officiële cijfers van de Franse overheid constateerde Durkheim dat
bepaalde categorieën mensen zich eerder van het leven benemen dan andere categorieën. Het
zelfdoding cijfer bij mannen, protestanten, welvarende mensen en ongehuwden lag veel hoger dan dat
bij vrouwen, katholieken, arme mensen en gehuwden. Durkheim verklaarde deze verschillen in termen
van sociale integratie. Mensen met sterke sociale banden zullen minder gauw tot zelfdoding
overgaan dan meer individualistische mensen. Durkheim wijst hier op het karakter van groepsnormen,
zelfs bij een daad die we in eerste instantie zien als een individuele beslissing. Waarom dan juist meer
mannen zelfmoord zouden plegen zou dan verklaard kunnen worden door het feit dat zij meer vrijheid
hadden dan vrouwen, met deze vrijheid kwam echter ook meer sociaal isolement en uiteindelijk een
hoger zelfdodingscijfer. Kortom, in het gedrag van afzonderlijke individuen, kunnen we algemene
sociologische patronen ontdekken.

Iedereen kan de wereld vanuit een sociologisch perspectief leren zien, maar er zijn 2 verschijnselen
die hierbij helpen: (1) het bestaan van marges in de samenleving en (2) het doormaken van een
sociale crisis. Hoe meer iemand zich een buitenstaander voelt, hoe beter hij/zij in staat is om het
sociologisch perspectief in te nemen (algemene patronen zien in het gedrag van mensen). Mensen die
aan de zijlijn van de samenleving kunnen staan zoals soms homoseksuelen/gehandicapten zijn zich
bewust van bepaalde sociale patronen waar andere mensen nooit aan denken.

1

,Men kan beter uit de voeten met de sociologische visie als we afstand nemen van onze gewoontes en
ons leven weer met nieuwsgierigheid bekijken. Daarnaast kunnen veranderingen in de samenleving
ons ook tot een sociologisch perspectief bewegen. Socioloog Mills beweert dat wanneer mensen
gebruik maken van hun ‘sociologische verbeeldingskracht’, dat men beter inzicht krijgt in het
functioneren van de samenleving en de wijze waarop deze hun leven beïnvloedt.

1.2 Het belang van een mondiale visie
De nieuwe informatietechnologie heeft de verste uithoeken van de wereld dichterbij gebracht. Dit heeft
ertoe geleid dat veel academische disciplines een mondiaal of globaal perspectief hebben
ingenomen: het bestuderen van de wereld in zijn geheel en de plaats die onze samenleving daarin
inneemt. Onze positie in de samenleving heeft veel invloed op de ervaringen die we op doen, we
mogen dan ook aannemen dat de positie die onze samenleving inneemt in de wereld, alle leden van
onze samenleving beïnvloedt. De wereld kent in totaal 196 landen die aan de hand van hun
economische ontwikkeling in drie categorieën kunnen worden ingedeeld:
1. Hoge inkomenslanden (landen met de hoogste algemene levensstandaard). Gezamenlijk
leven deze landen de meeste goederen en diensten, hebben het economisch gezien goed en
hun inwoners bezitten het merendeel van de rijkdommen die deze wereld te bieden heeft. Dit
zijn landen zoals Canada, VS, Japan en Australië.
2. Middeninkomenslanden (landen met een levensstandaard die we als we de wereld in zijn
geheel bekijken, gemiddeld kunnen noemen). Hier bestaat vaak veel sociale ongelijkheid,
sommigen zijn extreem rijk en anderen extreem arm. Dit zijn landen in Azië/Oost-Europa.
3. Lage-inkomenslanden (landen met een lage levensstandaard, waarvan de meeste inwoners
arm zijn). Kenmerkend voor deze landen is dat sommige mensen extreem rijk zijn, maar dat
de meeste onder erbarmelijke omstandigheden leven. Dit zijn landen in Afrika/Azië.

1.3 Het sociologisch perspectief in de praktijk
Het innemen van het sociologisch perspectief is in veel opzichten zinvol. Allereerst speelt de
sociologie een belangrijke rol in het tot stand komen van de wetten en overheidsmaatregelen die ons
leven beïnvloedden. Sociologen dragen met hun kennis op talrijke manieren bij tot het ontwikkelen van
beleid van overheden en de wetten en regels die reguleren hoe mensen in een bepaalde
gemeenschap leven en werken. Daarnaast bevordert het op individueel niveau de persoonlijke groei
en bewustwording. Het sociologisch perspectief heeft 4 positieve effecten:
1. Je kan nagaan wat er wel en niet klopt aan het ‘’alledaags denken’’.
2. Geeft beter inzicht in mogelijkheden en hindernissen van het dagelijks leven
3. Geeft de mogelijkheid om een actieve rol te spelen in de samenleving
4. Helpt ons te leven in een wereld gekenmerkt door diversiteit.

1.4 Het ontstaan van de sociologie
De keuzes die wij als individu maken, ontstaan dus zelden uit het niets. Hetzelfde geldt voor
belangrijke historische gebeurtenissen. De ingrijpende veranderingen in de 18 e en 19e eeuw in Europa
maakten dat meer mensen gingen nadenken over de samenleving en hun eigen positie hierin. Deze
veranderingen hebben de ontwikkeling van sociologie versneld. Er kunnen drie belangrijke
veranderingen genoemd worden die de transformatie van de samenleving teweegbrachten: (1)
Industrialisering, (2) de explosieve groei van steden én (3) nieuwe opvattingen over democratie en
politieke rechten.

De (1) industrialisering vond plaats tijdens de middeleeuwen waarin de meeste inwoners thuis een
stuk land bewerkten en op kleine schaal producten produceerden. Tegen het einde van de 18 e eeuw
introduceerde uitvinders nieuwe energiebronnen waarmee grote machines aan het werk konden
worden gezet. Als gevolg werd arbeid gedaan door een groot anoniem leger van arbeidskrachten dat
gecontroleerd werd door eigenaren, in plaats van kleinschalige productie thuis. Door deze
veranderingen moesten mensen vaak hun vertrouwde omgeving verlaten en ontstond er een
scheiding tussen werk en privé. Tradities die hun leefomgeving eeuwenlang hadden bepaald kwamen
in het gedrag.

De (2) explosieve groei van steden vond plaats omdat steeds meer mensen naar de stad verhuisde.
Landeigenaren namen daarnaast meer land over waardoor er voor kleine pachters niks anders op zat
dan naar de steden te verhuizen en daar werk te zoeken. Degene die van het platteland naar de stad
verhuisde kregen te maken met sociale problemen zoals vervuiling of uitbuiting op het werk. Zij
belandde in een nieuwe onpersoonlijke wereld: de straten werden bevolkt door anonieme gezichten.


2

,De (3) politieke veranderingen kwamen op gang door economische ontwikkeling en de stedengroei
die ervoor zorgde dat men anders ging denken. De aandacht verlegde zich van morele verplichtingen
die mensen tegenover God en de koning hadden, naar het nastreven van hun eigen belang. In dit
klimaat introduceerden filosofen begrippen zoals ‘vrijheid’ en ‘de rechten van het individu’.

De aandacht ging zich door de combinatie van industrialisering, stedengroei en nieuwe politieke
ideeën meer en meer op de samenleving richten. De menselijke rede (het verstand) werd de nieuwe
maatstaf om de wereld mee te duiden. Dit had als gevolg dat mensen de wereld minder zagen alsof
het door God of door het lot werd bepaald. In de landen waarin de grootste veranderingen
plaatsvonden, zoals Frankrijk, Duitsland en Engeland ontstond een nieuwe discipline: De Sociologie.

Meerder filosofen vroeger vonden de samenleving al een bijzonder verschijnsel, echter waren zij meer
geïnteresseerd in de ideale samenleving in plaats van het bestuderen van de maatschappij op dat
moment. Om het denken over de samenleving te kunne beschrijven introduceerde Auguste Comte
de term sociologie en daarmee behoorde sociologie tot een van de jongste academische disciplines
(nog jonger dan fysica of geschiedenis). Comte stelde dat er drie ontwikkelingsfasen aan het ontstaan
van de sociologie vooraf waren gegaan:

1. De theologische fase (begin geschiedenis mens – middeleeuwen). Tijdens deze fase ging
men ervan uit dat de samenleving de wil van God tot uitdrukking bracht.
2. De metafysische fase (Renaissance). Tijdens deze fase werd de samenleving niet meer als
een bovennatuurlijk verschijnsel gezien, het zou eerder het menselijke tekort reflecteren (door
de egoïstische natuur van de mens).
3. De wetenschappelijke fase (1473-1727). Tijdens deze fase zorgde ervoor dat de methode
die veelal in de fysica werd gebruikt nu ook voor het bestuderen van de samenleving kon
worden gebruikt. Deze fase werd opgeroepen door Copernicus, Gallileo en Newton.

Comtes benadering wordt ook wel positivisme genoemd: inzicht verwerven op basis van
wetenschappelijk onderzoek. Comte was van mening dat het functioneren van de samenleving door
bepaalde wetten wordt gereguleerd. Deze wetenschappelijke waarnemingen is voor positivisten de
enige bron van geldige kennis over de werkelijkheid. Zij zien filosofie of theologie niet als wetenschap,
omdat dit gaat over oncontroleerbare kennis.

1.5 Sociologie en de moderne samenleving
Sociologie is een wetenschap die ontstaat tijden de belangrijk en ingrijpende sociale veranderingen in
de 18e en 19e eeuw. Deze periode wordt vaak omschreven als een transitie van een traditionele
samenleving naar een meer moderne samenleving. Tegenwoordig is men vooral geïnteresseerd in de
vraag of de transitie leidt tot veranderingen in (on)gelijkheid tussen groepen mensen, in de sociale
orde of dat mensen juist steeds rationeler met elkaar en de wereld omgaan. Moderniteit is een begrip
dat ook wel omschreven wordt als sociale patronen die het resultaat zijn van industrialisering. Het
begrip verwijst eigenlijk naar een relatie tussen het heden en het verleden. Je kan modernisering dan
ook beschrijven als het sociale veranderingsproces dat in gang is gezet door de industrialisering.
Socioloog Peter Berger onderscheidde 4 belangrijke kenmerken van modernisering:

1. Het verdwijnen van kleine traditionele gemeenschappen. De samenleving draait niet meer
zozeer om directe omgeving/familie maar om het individu en zijn plaats in de samenleving.

2. De uitbreiding van persoonlijke keuzemogelijkheden. Het verdwijnen van tradities/traditionele
samenlevingen heeft tot gevolg dat mensen hun leven zien als een oneindige reeks van
keuzes. Een proces dat Berger individualisering noemt.

3. Grotere sociale diversiteit. In traditionele samenlevingen zorgen hechte familiebanden en
sterke geloofsovertuigingen ervoor dat men zich conformeert. Modernisering bevordert een
meer wetenschappelijk wereldbeeld waarin mensen meer keuzemogelijkheden krijgen.

4. Oriëntatie op de toekomst en een groeiend tijdsbewustzijn. Traditionele samenlevingen richten
zich meer op het verleden, moderne samenlevingen richten zich meer op de toekomst en ‘’tijd
is geld’’ principe werd ook belangrijker.




3

, 1.5.1 Ferdinand Tönnies
Ferdinand Tönnies, een Duitse socioloog heeft een theorie geschreven over Gemeinschaft en
Gesellschaft. Gesellschaft omschrijft hij als een proces waarbij de Europese en Noord-Amerikaanse
samenlevingen langzamerhand worden ontheemd, omdat de meeste sociale betrekkingen tussen
mensen gebaseerd zijn op eigenbelang. Gemeinschaft omschrijft hij als families die vele generaties
in kleine dorpen hebben gewoond, een hechte gemeenschap vormen waarin hard werken voorop
stond. Deze families veranderde langzaam. Volgens Tonnies houdt gemeenschapszin in dat
mensen, ondanks factoren die hen verdelen, toch een hechte eenheid vormen. Moderniteit keert
volgens hem de samenleving binnenstebuiten: ondanks factoren die hen verenigen, vormen mensen
in wezen geen eenheid. Dat is de wereld van Gesellschaft waarin mensen vreemden voor elkaar zijn.
Tönnies theorie is het meest geciteerde model van modernisering, echter is er ook kritiek, men
beweert dat het ook in een moderne samenleving mogelijk is om hechte vriendschappen te hebben.

1.5.2 Emile Durkheim
De Franse socioloog Emile Durkheim deelde Tönnies’ belangstelling voor de sociale veranderingen
die de industrialisering met zich meebracht. Voor Durkheim werd de modernisering gekenmerkt door
toenemende Arbeidsverdeling, oftewel een gespecialiseerde economische activiteit (in een Moderne
samenleving hebben mensen zeer gespecialiseerde rollen, in traditionele samenleving verricht men
vrijwel dezelfde werkzaamheden). Volgens Durkheim worden pre-industriële (ook wel traditionele)
samenlevingen bijeengehouden door mechanische solidariteit of ook wel gedeelde morele waarden.
De leden van deze samenlevingen zien elkaar als gelijken, verrichten dezelfde werkzaamheden en
horen bij elkaar (Gemeinschaft). Door modernisering wordt deze vorm van solidariteit vervangen door
een organische solidariteit, de wederzijdse afhankelijkheid van mensen die gespecialiseerde arbeid
verrichten (Gesellschaft). Kortom: de moderne samenleving wordt niet door overeenkomsten, maar
door verschillen bijeengehouden. Durkheim zag dit niet als het verloren gaan van traditionele
samenlevingen zoals Tönnies, maar meer als een overgang van de ene gemeenschap naar de
andere, een verschuiving van een samenleving die gebaseerd is op overeenkomsten (verwantschap),
naar een maatschappij gebaseerd op wederzijdse economische afhankelijkheid (verdeling van arbeid).
Durkheim was echter bang dat moderne samenlevingen zo divers zouden worden dat ze tot anomie
zouden leiden, een situatie waarin een samenleving het individu weinig morele richtlijnen te bieden
heeft. Onder deze omstandigheden zouden mensen egocentrisch kunnen worden. Volgens Durkheim
is de mate van zelfdoding een goede meter voor anomie, omdat morele vraagstukken niet echt zwart
wit zijn, maar als verwarrende grijsschakeringen kunnen worden ervaren.

1.5.3 Max Weber
Voor de Duitse socioloog Max Weber hield het begrip moderniteit in dat een traditioneel wereldbeeld
vervangen wordt door een meer rationele denkwijze. Volgens hem hebben in traditionele
samenlevingen tradities een remmend effect op sociale veranderingen, de waarheid is hoe dingen
altijd zijn geweest. In moderne samenlevingen is de waarheid het resultaat van rationele processen.
De moderne mens hecht waarde aan efficiëntie, heeft weinig ontzag voor het verleden en zal die
sociale patronen overnemen die hem in staat stellen zijn doelen te bereiken. Weber stelt dat de
moderne samenleving als het ware ‘’onttoverd’’ is. Het rationele denken heeft mensen aan het
twijfelen gebracht over vaststaande waarheden, de moderne samenleving keert zich af van de goden.
Max Weber vreesde echter dat deze technologische ontwikkelingen zouden zorgen voor een grotere
afstand tot enkele fundamentele levensvragen zoals de zin en het doel van het leven. Hij was bang
dat de rationalisering de menselijke geest met een eindeloze reeks van regels zou verstikken.

1.5.4 Karl Marx
In de ogen van de Duitse socioloog Karl Marx staat de moderne samenleving gelijk aan kapitalisme.
Hij beschouwde de industriële revolutie als een kapitalistische revolutie, de groei van Europa schreef
hij toe aan de uitbreiding van de handel. Marx was het eens met de stelling dat modernisering zorgde
voor minder traditionele samenlevingen én arbeidsverdeling groter werd, maar hij beschouwde deze
aspecten als condities die het mogelijk maakten dat kapitalisme volledig tot ontwikkeling zou komen.
Volgens Marx onttrekt het kapitalisme mensen aan het platteland ten behoeven van een uitbreidend
marktstelsel dat gecentreerd is in de steden  fabrieken die efficiënt willen produceren hebben
specialisten nodig  en de rationaliteit komt tot uiting in het continu winststreven van kapitalisten. Hij
zag de moderne samenleving als een bureaucratische ijzeren kooi. Daarnaast geloofde hij dat sociale
conflicten in kapitalistische samenlevingen uiteindelijk tot revolutionaire veranderingen en
maatschappelijke gelijkheid (socialisme) zouden leiden. Marx geloofde in potentie die mensen hebben
om werkelijk dingen te veranderen, mits zij zich hier ook bewust van zijn dat zij dit zelf kunnen doen.

4

Gekoppeld boek

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Ja
Geüpload op
26 maart 2019
Aantal pagina's
66
Geschreven in
2018/2019
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$7.79
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle reviews worden weergegeven
6 jaar geleden

Goede samenvatting, maar erg veel spel- en typefouten

3.0

1 beoordelingen

5
0
4
0
3
1
2
0
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
lottebant Tilburg University
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
530
Lid sinds
8 jaar
Aantal volgers
345
Documenten
36
Laatst verkocht
2 jaar geleden

Ik bied op mijn pagina bijna alle vakken aan van psychologie aan de Tilburg Universiteit, van elke jaarlaag. Ik maak altijd mijn eigen samenvattingen aan de hand van het boek/artikelen en daarnaast de hoorcolleges. Tot nu toe altijd alles gehaald met mijn eigen aantekeningen en samenvattingen (gemiddeld een 8,2) en hoop jullie daar ook mee te helpen! :)

3.8

91 beoordelingen

5
13
4
57
3
17
2
2
1
2

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen