HC 1 Hart- en Vaatziekten het vetweefsel
Tentamen
1. Kunnen uitleggen wat het metabool syndroom is
2. De epidemiolgie van het MetS kennnen
3. De relatie met visceraal vetweefsel en het MetS kunnen uitleggen
4. Rol van: FFA, TNFa, CRP, IL-6, PAI-I, adiponectine en leptine kunnen uitleggen bij MetS
5. Metabole veranderingen kunnen noemen bij het MetS
6. Aandoeningen die gerelateerd zijn aan MetS kunnen noemen
MetS = Metabool syndroom = Cluster van risicofactoren voor cardiovasculaire aandoeningen
(beroerte, CVA) en diabetes type 2
- 1988 Reaven syndroom X
- Insulineresistentie en hyperinsulinemie niet primair
- Latere naam: insulineresistentie syndroom
- Recent oorzaak in vetweefsel
- Ook andere risicofaktoren leken gekoppeld aan insulineresistentie:
o verminderde fibrinolyse (verminderde oplossen van stolsel), endotheeldisfunctie
(artherosclerose) ,aanwezigheid van kleine LDL-cholesteroldeeltjes (‘smalldense’-
LDL), hypercoagulabiliteit (sneller stolsels maakt), ontstekingsproces hele lichaam bij
MetS
- MetS verhoogde kans op DM type 2 (5x) en cvd (2x)
- Veel discussie
Pagina 1 van 34
,- Wordt klinisch niet meer gebruikt
Basis = obesitas (BMI >30)
Pagina 2 van 34
,Epodemiologie MetS
- Afhankelijk van definitie
- Mondiaal verschil per land <10-85%
- 5% normaal gewicht, 22% overgewicht, 60% bij
obesitas
- Suiker >7 diabetes
In Nederland
- Mannen vaker dan vrouwen
- Vaker laag opgeleid dan hoog opgeleid
- Hoe ouder hoe vaker
Pagina 3 van 34
, Welke ziektes zijn er geassocieerd met MetS?
- Ten eerste: Diabetes mellitus type 2 insulineresistentie (Relative risk)
- Ten tweede: Cardiovasculaire ziekten (RR 2) los van DM
- NAFLD, NASH (vervetting van je lever) en levercirrose
- Slaap apneu syndroom stoppen met ademen tijdens slapen
- Cholesterol galstenen
- Polycystic ovarian disease (PCO) vrouwen worden wat mannelijker door vetweefsel
overmatig mannelijke hormonen
- Borst, pancreas en prostaatkanker
Mortaliteit all causes Mortaliteit CVD
Betere levensverwachting als je geen obese bent.
Welke metabole afwijkingen zijn er bij MetS?
- Bij obesitasvorming hyperplasie (steeds meer cellen) en hypertrofie (steeds grotere
vetcellen) adipocyten(vetcellen)
Pagina 4 van 34