Wetenschappen
Pedagogisch didactisch begeleiden H2/H3/H5.3/H7
Inhoud
Hoofdstuk 2 – Ontwikkeling van Kinderen.............................................................................................2
2.1 Ontwikkeling.................................................................................................................................2
2.2 Ontwikkeling in de voorschoolse periode.....................................................................................6
2.3 Ontwikkeling van vier tot twaalf...................................................................................................7
Hoofdstuk 3 – Sociaal-culturele achtergrond.......................................................................................10
3.1 Ecologische pedagogiek..............................................................................................................10
3.2 Socialisatie..................................................................................................................................10
3.3 Het gezin.....................................................................................................................................10
Hoofdstuk 5.3 – Relaties tussen kinderen............................................................................................14
Hoofdstuk 7 – Hoe kinderen leren........................................................................................................16
7.1 Leren en het brein......................................................................................................................16
7.2 Inspelen op verschillen in leren..................................................................................................17
Extra theorie.........................................................................................................................................20
,Hoofdstuk 2 – Ontwikkeling van Kinderen
2.1 Ontwikkeling
Mogelijke definities van ontwikkeling:
1. Een natuurlijkproces waardoor een persoon andere of meer gedrags- en
handelingsmogelijkheden verwerft.
2. Vergroten van kennis, bekwaamheden of vaardigheden voor specifieke handelingen
3. Kennis of kunde hebben: ‘algemene ontwikkeling’
Algemene mening: ontwikkeling is een proces waarbij zowel aanleg als omgeving een rol spelen.
Ontwikkeling vindt plaats in interactie met de fysieke en sociale omgeving.
- Biologische factoren: groei en rijping
- Psychologische factoren: aanleg en persoonlijkheid
Overzicht van de theorieën:
, Kenmerken van mensen in de ontwikkelingspsychologie
Rijping
Rousseau (1712-1778)
- Gevoel
- Kind actief onderzoekende wezen
- Rijping is de motor tot ontwikkeling (kan niet vanaf buitenaf beïnvloed worden).
- Stimulerende omgeving
Montessori (1870-1952)
- Innerlijke drang tot ontwikkeling
- Keuzevrijheid
- Voorbereide omgeving
Behaviorisme
Leren vindt plaats door het effect dat gedrag heeft. Bij positieve effecten komt het gedrag vaker voor.
Verschillen tussen kinderen kunnen verklaard worden door de verschillen in de omgeving.
John Locke (1632-1704)
- ‘Tabula rasa’ theorie
- Kinderen fundamenteel anders dan volwassenen, recht op eigen benadering.
- Omgeving invloed op ontwikkeling
John Watson (1878-1958)
- Grondlegger behaviorisme
- Leren door effect dat gedrag heeft
Skinner (1904-1990)
- Nieuw gedrag aanleren door belonen en bekrachtigen
- Afleren door te negeren
Bandura (1925 – heden)
- Model leren/ sociaal leren: gedrag leren door naar het voorbeeld van een ander te kijken.
- Socialisatieproces belangrijk
Interactionisme
De ontwikkeling is een wikkelwerking tussen rijping (nature) en leren (nurture).
Lev Vygotsky (1896-1934)
- Ontwikkeling is afwisseling tussen leren en rijpen
- Zone van naaste en actuele ontwikkeling
- Leerkracht stimuleert actief en bewust de ontwikkeling
- Taal is belangrijk om te kunnen ontwikkeling “taal is het scharnier van de ontwikkeling’