Wat is Orthopedagogiek?
- Leer die zich richt op Problematische Opvoedingssituaties bij opvoedingsimpasses van ouders
en het herstellen van de opvoeding. Het kind heeft een vraag.
Observeert, analyseert en evalueert vanuit de orthopedagogische vraagstelling (Kok).
- Kok richt zich op het verstehen van de vraag van het kind: help mij om.. zodat..
Vraagstellingstypes (Assen):
R r1 r2
Affectief
Cognitief s(tructureren) v(ariëren)
Conatief h(armoniëren) z(elfrealisering)
Herkent en benoemt de vraag die het kind stelt met zijn/haar gedrag.
Vraagstellingstype 1: Emotioneel ruimte bieden (Behoefte aan meer affectie)
Vraagstellingstype 2: Relationeel ruimte laten (Bij hechtingsproblematiek!)
Vraagstellingstype 3: Structureren (ADHD handig, ASS ook een vraag)
Vraagstellingstype 4: Variëren (ASS handig, als teveel in een structuur)
Vraagstellingstype 5: Profileren
Vraagstellingstype 6: Harmoniëren
Omschrijven in vraag: ‘’Help mij om.. zodat..’’
Benoemt hoe de opvoeder kan antwoorden op de vraag die het kind stelt
- Eerstegraadsstrategie: pedagogisch handelen op relatie, klimaat, situaties hanteren
- Tweedegraadsstrategie: ondersteuning van de eerste, extra
- Derdegraads strategie: maatwerk
Week 2
Herkent en benoemt wat een Problematische opvoedingssituatie (POS) is
- Het antwoord is niet eenvoudig. Namelijk of iets een probleem is, is subjectief. Daarnaast
gaan kind- en opvoedingsproblemen vaak samen en spelen factoren als omgeving een rol.
Het is wel van belang voor diagnose/behandeling. Daarom zijn objectieve instrumenten
ontwikkeld.
Wat is nodig om een POS te analyseren?
1. Classificatie
Door rangschikken en ordenen kan men bepalen of gedrag afwijkt van de norm
Voordelen:
-> Problematiek sneller in kaart gebracht
-> De mate van afwijkend gedrag kan bepaalt worden
-> Problematiek onderbouwen
-> Hulp op maat
2. Ontwikkelings-en opvoedingsopgaven
Ontwikkelingsopgave: omvat een bepaald niveau van functioneren of een geheel aan gedragingen
dat een kind zich eigen moet maken om met succes aan de volgende ontwikkelingsfase te beginnen
-> beheersing op bepaald niveau, kan wel een opgave blijven in de volgende fase
, Opvoedingsopgaven: opvoedingsgedragingen die het optimaal beheersen van bepaalde
ontwikkelingsopgaven mogelijk maakt
3. Sociaalecologisch model en transactioneel model
Sociaalecologisch: Bronfenbrenner. 5 Niveaus:
- Micro, Meso, Exo, Macro en Chrono
Transactioneel model:
Voorbeeld Autisme:
4. Beschermende en risicofactoren
De student benoemt en beargumenteert welke interventies op welke manier in een situatie ingezet
zouden moeten worden in een problematische opvoedingssituatie (POS).