Groei en Ontwikkeling
Groei = Toename in massa en afmeting
Ontwikkeling = De overgang van de stadia van zaad tot zaad
Meristeem = Groeipunten of primordia
Bestaan uit actief delende cellen die later doorontwikkelen in andere weefsel of organen, cellen
hebben dunne celwanden en compacte protoplasten
Apicale meristeem voor primaire groei (lengte groei)
Laterale meristeem (cambium) voor secundaire groei (dikte groei)
Primaire groei in worteltop heeft 3 zones:
- Celdeling > in apicaal meristeem (achter het wortelmutsje)
- Cel strekking
- Differentiatie > Epidermis
Schors
Centrale cilinder (Xyleem en floëem)
Weefsel dat ontwikkeld is uit het meristeem is permanent weefsel dat volledig gedifferentieerd is:
- Eenvoudig: epidermis, parenchym, sklerenchym, collenchym
- Meer complex: Floëm en Xyleem
totipotent = kan alles nog worden, stamcellen
Groei van plant:
exponentieel = basis maar wordt geremd
Cytoplasma = celvocht
,Assimilatie
Assimilatie = ademhaling = fotosynthese = groei
> vind plaats in chloroplasten
Chemisch gezien: het vangen van kooldioxide en dat omzetten in suikers met licht als energiebron
H₂O + CO₂ → C₆H₁₂O₂ + O₂
Diffusie = concentratie gelijk maken
= werkende kracht zorgen voor minimale weerstand
Kali trekt vocht aan → huismondjes open
→ H⁺ uit de plant K⁺ in de plant
→ ⁺ en ⁻ moeten gelijk blijven binnen plant
CO₂ diffusie proces = ( g/m² blad * s )
CO₂ diffusiesnelheid = (CO₂) buiten - (CO₂) binnen
------------------------------------
Rb + Rs = Rm + Rx
Rb = weerstand grenslaag op het blad
Rs = Weerstand huidmondjes
Rm = Weerstand mesofyl
Rx = Weerstand carboxylatie
C3 en C4 planten
C4 planten zoals mais hebben een stap extra in CO2 opname en nemen zo geen O2 via Rubisco
enzym op
Een C4 plant is niet gevoelig voor CO2 en O2
Een C3 plant is wel gevoelig hiervoor
Veel CO2 is fijn
Veel O2 is niet goed voor de plant
CAM – planten (cactus of falanopsus)
→ maken energie zoals alle planten overdag, maar nemen alleen CO2 snachts op wat C3 en C4
planten wel altijd doen
Dit doen ze om zo weinig mogelijk vocht te verliezen omdat de huidmondjes die alleen
snacht open gaan
, Licht en bladoppervlak
Licht: Combinatie van golflengte en intensiteit van deeltjes (fotonen)
Golflengte in nanometer (zichtbare straling van 380 – 780nm)
Intensiteit in Watt
Reacties op licht:
Fotosynthese / assimilatie
Het binden van CO2 tot suiker met de energie van licht
Chlorophylsynthese
De vorming van chlorofyl uit de proplastiden onder invloed van licht
Daglentereacties
Ontwikkeling als reactie op het aantal uren licht
Fotomorfognese
Invloed van licht op de vorm van de plant
Fototropie
Richting van de groei onder invloed van licht
Voor planten willen we alleen PAR-licht weten
→ groeilicht voor fotoshynthese
Berekening assimilatie
Groei = Toename in massa en afmeting
Ontwikkeling = De overgang van de stadia van zaad tot zaad
Meristeem = Groeipunten of primordia
Bestaan uit actief delende cellen die later doorontwikkelen in andere weefsel of organen, cellen
hebben dunne celwanden en compacte protoplasten
Apicale meristeem voor primaire groei (lengte groei)
Laterale meristeem (cambium) voor secundaire groei (dikte groei)
Primaire groei in worteltop heeft 3 zones:
- Celdeling > in apicaal meristeem (achter het wortelmutsje)
- Cel strekking
- Differentiatie > Epidermis
Schors
Centrale cilinder (Xyleem en floëem)
Weefsel dat ontwikkeld is uit het meristeem is permanent weefsel dat volledig gedifferentieerd is:
- Eenvoudig: epidermis, parenchym, sklerenchym, collenchym
- Meer complex: Floëm en Xyleem
totipotent = kan alles nog worden, stamcellen
Groei van plant:
exponentieel = basis maar wordt geremd
Cytoplasma = celvocht
,Assimilatie
Assimilatie = ademhaling = fotosynthese = groei
> vind plaats in chloroplasten
Chemisch gezien: het vangen van kooldioxide en dat omzetten in suikers met licht als energiebron
H₂O + CO₂ → C₆H₁₂O₂ + O₂
Diffusie = concentratie gelijk maken
= werkende kracht zorgen voor minimale weerstand
Kali trekt vocht aan → huismondjes open
→ H⁺ uit de plant K⁺ in de plant
→ ⁺ en ⁻ moeten gelijk blijven binnen plant
CO₂ diffusie proces = ( g/m² blad * s )
CO₂ diffusiesnelheid = (CO₂) buiten - (CO₂) binnen
------------------------------------
Rb + Rs = Rm + Rx
Rb = weerstand grenslaag op het blad
Rs = Weerstand huidmondjes
Rm = Weerstand mesofyl
Rx = Weerstand carboxylatie
C3 en C4 planten
C4 planten zoals mais hebben een stap extra in CO2 opname en nemen zo geen O2 via Rubisco
enzym op
Een C4 plant is niet gevoelig voor CO2 en O2
Een C3 plant is wel gevoelig hiervoor
Veel CO2 is fijn
Veel O2 is niet goed voor de plant
CAM – planten (cactus of falanopsus)
→ maken energie zoals alle planten overdag, maar nemen alleen CO2 snachts op wat C3 en C4
planten wel altijd doen
Dit doen ze om zo weinig mogelijk vocht te verliezen omdat de huidmondjes die alleen
snacht open gaan
, Licht en bladoppervlak
Licht: Combinatie van golflengte en intensiteit van deeltjes (fotonen)
Golflengte in nanometer (zichtbare straling van 380 – 780nm)
Intensiteit in Watt
Reacties op licht:
Fotosynthese / assimilatie
Het binden van CO2 tot suiker met de energie van licht
Chlorophylsynthese
De vorming van chlorofyl uit de proplastiden onder invloed van licht
Daglentereacties
Ontwikkeling als reactie op het aantal uren licht
Fotomorfognese
Invloed van licht op de vorm van de plant
Fototropie
Richting van de groei onder invloed van licht
Voor planten willen we alleen PAR-licht weten
→ groeilicht voor fotoshynthese
Berekening assimilatie