Inrichten van de organisatie
1. Rol van inkoop binnen een organisatie
1.1 Het belang van inkoop
Lange definitie Inkoop: De bedrijfsfunctie die zorgt voor de benodigde grondstoffen,
hulpstoffen en producten, op het juiste tijdstip, in de vereiste hoeveelheden, in de juiste
kwaliteit aanwezig tegen de laagste/juiste kosten (beide worden vanuit een commercieel
opzicht bekeken)
Korte definitie inkoop: Alle activiteiten waarvoor de onderneming een factuur ontvangt van
partijen buiten de onderneming.
Binnen een bedrijf kennen we twee soorten inkoop groepen:
1. De inkoopfunctie: bestaat uit alles en iedereen die betrokken is bij een bepaalde
inkoop. (bijv. de mening van de ICT-specialist bij het bestellen van bepaalde software
producten)
2. De inkoopafdeling: bestaat puur en alleen uit de mensen die daadwerkelijk ook de
inkoop afhandelen.
Soorten internationale begrippen voor inkoop:
Buying: als aan de leveropdracht enig onderzoek en onderhandeling over de condities
voorafgaan dit in tegenstelling tot ordering(bestellen), waarbij dit niet het geval is
Purchasing: omvat het complete proces van specificatie tot leveranciersselectie inclusief de
conditieonderhandeling, het bestellen en het bewaken van de levertijd hiervoor wordt ook de
term procurement gehanteerd.
Global sourcing: een bedrijf ook buiten de landsgrenzen grondstoffen inkoopt.
Sourcing: heeft in dit geval betrekking op het proces van het vinden van de juiste
leveranciers die de opdracht kan invullen.
1.2 Plek van inkoop binnen de keten
De waardeketen van Porter.
Aan de hand van de waardeketen van Porter kan een bedrijf de meerwaarde van een
bedrijfsonderdeel vaststellen. Op basis van deze positieve of negatieve meerwaarde kan het
bedrijf beslissingen nemen over het verwijderen of handhaven van een bedrijfsonderdeel.
make or buy – beslissing
Outsourcing (uitbesteding): wanneer het resultaat van een make or buy beslissing is dat
een organisatie een gedeelte van de inkoop voor korte of lange tijd overbrengt naar een
andere organisatie
Binnen het inkoopproces speelt niet alleen de verkoopprijs een rol. Ook dient men te kijken
naar de bijkomende kosten die volgen na de inkoop.
Total cost of ownership (TCO): de totale kosten die komen kijken bij de aanschaf, het
gebruik en onderhoud van een product of dienst.
1
,1.3 Trends binnen het inkoopvakgebied
Trends die invloed hebben op het inkoopvakgebied:
E-procurement (elektronische inkoop): het wordt gedefinieerd als het gebruikmaken
van internettechnologie in het inkoopproces. Denk hierbij aan elektronische
berichtuitwisseling, elektronische bestelling van producten of diensten en
elektronische betaalbaarstelling en betaling.
Integratie van inkoop en leveranciers binnen productontwikkeling: De
leverancierskeuze wordt nog vaak bepaald door de specificatie. Toch kan het erg
belangrijk zijn om de deskundigheid van de leveranciers in een vroeg stadium te
betrekken en hierdoor hun innovatiekracht te gebruiken. Fabrikant en toeleverancier
trekken dan gelijk op. Een mooi voorbeeld hiervan is Nike + Ipod
3D-printen: apparaat dat op basis van digitale 3D ontwerpen drie dimensionale
objecten kan printen. In de toekomst zullen bedrijven zelf steeds meer kunnen gaan
produceren in plaats van dat zij deze producten moeten gaan inkopen.
Just in time – productie: wordt er net op tijd geproduceerd en geleverd dit zorgt
ervoor dat een bedrijf weinig of zelfs geen voorraden nodig heeft. Dit leidt tot
voorraadbeheersing en levert een financieel voordeel op want wanneer niets hoeft te
worden opgeslagen, vallen voorraad kosten weg.
Total quality control: Staat voor de toepassing van kwaliteitsverbetering in alle
functies en processen van een bedrijf en heeft een duidelijke samenhang met just in
time productie.
Duurzaam inkopen: kijkt de inkoper naast de prijs van de producten of diensten ook
naar de effecten van de inkoop en naar de sociale aspecten. Duurzaam inkopen zou
invloed kunnen hebben op waardecreatie, stimuleert het innovatie en kost het op
lange termijn minder.
2
, 2. Inkoop als onderdeel van de bedrijfsstrategie
1 Bedrijfsstrategieën
Een strategie: plan waarmee we doelstellingen kunnen behalen (langere periode)
Een strategie is belangrijk en noodzakelijk voor een bedrijf om goed te kunnen (blijven)
presteren. Veel bedrijven hebben echter geen strategie geformuleerd. Deze bedrijven doen
hun best om een zo goed mogelijk resultaat te realiseren zonder dat daarbij sprake is van
een helder opgesteld plan. Het aanpassen van een bedrijf aan marktveranderingen is
essentieel.
Concurrentiestrategieën van Porter (onderscheiden van concurrenten)
1. Kostenleiderschapsstrategie: Produceer tegen de laagst mogelijke kosten
waardoor je jouw producten tegen de laagste prijs
kunt aanbieden.
2. Differentiatiestrategie: Maak een onderscheidend
product of promoot jouw product dusdanig dat het
onderscheidend lijkt ten opzichte van concurrerende
producten en vraag er een meerprijs voor. Vanwege
het (al dan niet vermeende) onderscheid zullen
consumenten bereid zijn om meer te betalen.
3. Focusstrategie: Richt je op een bepaald deel van
de markt en lever hiervoor het goedkoopst
geproduceerde product of het meest onderscheidende product (net als bij de vorige
twee strategieën dus, maar dan alleen voor een bepaald marktsegment met een
specifieke vraag).
Een uniek strategie: kan een bedrijf zich onderscheiden van zijn concurrenten in een
competitieve omgeving.
De vier B’s van de blauwe banaan
Behoeften
Belofte
Beleving
Bewijs
1.1 Blue ocean’-strategie
Strategie ontwikkeld door W.Chan Kim en Renée Mauborgne van de blue ocean strategy
institute. In dit model worden de blauwe en rode oceaan van elkaar onderscheden.
Rode oceaan: bestaande markten met veel concurrentie.
Blauwe oceaan: nieuwe markten, nog niet ontwikkeld, vaak vrij van concurrentie en minder
prijsgevoelig.
1.2 Waardestrategieën van
Treacy en Wiersema
3