Leerdoel 1: De student benoemt de factoren die van invloed zijn op de onderwijsbeleving van
adolescenten en de gevolgen hiervan voor het leergedrag en de leerresultaten.
Onderwijsbeleving: Alle beschrijvingen en/of evaluaties die door de leerling gegeven
worden over (aspecten van) school.
Wordt beïnvloed door:
- De school
- Het milieu van de leerling De omgeving waarin een kind opgroeit en wat je vanuit thuis
meekrijgt over beelden van het onderwijs (wel of niet nodig).
Leerdoel 2: De student benoemt de kenmerkende aspecten van de ontwikkelingsfase van de
adolescent (generatie y/ generatie Einstein).
Generatie
Generatiepositie: Leeftijdsgenoten.
Generatiesamenhang: Bewustwording van geboortecohorten dat ze samen een generatie
vormen.
Generatie-eenheden: Groep waarbinnen de leden het gedeelde wereldbeeld hebben
omgezet in gezamenlijk handelen.
Ontwikkelingstaken generatie Einstein
Ontwikkelingstaken generatie Einstein (1985-2000) liggen in de sfeer van verdere
identiteitsontwikkeling (en veranderen niet van generatie op generatie):
- Een intieme relatie met iemand anders kunnen aangaan.
- Kiezen voor een nuttige bijdrage aan de samenleving op basis van de verwachting dat de
aanstaande volwassene in staat is op passende wijze in het eigen levensonderhoud te
voorzien.
De verschillen met vorige generaties liggen in drie aspecten van de maatschappelijke
context waarbinnen de ontwikkelingstaken uitgevoerd worden:
De maatschappelijke context:
- Digitalisering en informatisering
- Toenemende vluchtigheid, minder bindingen
- Ongekend welvaartspeil
Generatie Y: 1985 – 2000 Millenials, Generatie Einstein of Screenagers genoemd.