Leerdoelen
- De verschillende culturele invloedsferen (Regionaal, Geografisch, Religieus,
Taalkundig en Historisch, maar ook Bedrijfstak, Beroep, Functie en Bedrijf) en
hun complexe interactie benoemen, analyseren en met voorbeelden
onderbouwen.
- De kenmerken van de culturele strategie modellen en van taakstrategieën en
processtrategieën kunnen benoemen en toepassen.
- Een onderbouwde keuze maken voor een strategie voor het succesvol
samenstellen en managen van een multicultureel team.
- De invloed van cultuur op structuur, processen en de HRM aspecten
identificeren.
- Uitleggen welke verschillende strategieën er binnen organisaties worden
gebruikt om met culturele verschillen om te gaan.
Inhoud
- College 1: Culturele sferen.
- College 2: Cultuur en organisatie.
- College 3: Multiculturele teams + negeren, minimaliseren en benutten.
- College 4: Human resource management.
Inhoudsopgave
College 1: Culturele sferen............................................................................................................................. 2
College 2: Cultuur en organisatie.................................................................................................................... 5
College 3: Multiculturele teams...................................................................................................................... 7
College 4: Human resource management..................................................................................................... 13
Het model van Hofstede.............................................................................................................................. 14
Power distance index PDI...................................................................................................................................14
Individualism v collectivism................................................................................................................................14
Uncertainty avoidance.......................................................................................................................................14
Masculinity v Femininity.....................................................................................................................................14
Long term orientation........................................................................................................................................15
Walker Wheel.............................................................................................................................................. 16
Oefencasus 1 (College 2).............................................................................................................................. 18
Oefencasus 2 (College 2).............................................................................................................................. 18
Oefenvragen (College 4)............................................................................................................................... 18
1
, College 1: Culturele sferen
Cultuur
Dezelfde normen en waarden hanteren. Normen en waarden veranderen niet snel, dit
zit in de opvoeding. Zie Walkerwheel en dimensies Hofstede (laatste pagina’s van het
bestand).
Waarom fuseren bedrijven?
- Groter marktaandeel, meer winst genereren.
- Profiteren van de kennis en mogelijkheden van het andere bedrijf.
o Slot: aantal keer dat een vliegtuig mag landen en stijgen binnen een
bepaalde tijdsperiode.
- Te klein bedrijf, moeten fuseren om te concurreren.
- Sterker staan in de markt.
Grote steden
Verschillende culturele gebieden binnen een stad: China town, Korea town etc. Maar
toch ook multicultureel en samen kunnen leven.
Intercultural management
Hoe mensen functioneren in een werkomgeving met een andere culturele context.
Gebieden van cultuur
Regionale cultuur
- Verschil in normen en waarden tussen regio’s binnen een land.
Vb: Friesland vs. Rotterdam.
- In Amerika zijn er ook andere wetgevingen tussen de staten.
- België: Vlaanderen en Wallonië, hier spreken ze in het ene deel Nederlands en
in het andere deel Frans.
- Modern en oudere architectuur: Dit heeft ook te maken met bijvoorbeeld de
geschiedenis. Net als in Rotterdam WOII, vandaar dat de stad modern is
(wederopbouw).
- Historische banden (koloniën)
Regionaal wordt nationaal
- Haka (gebruikte de Maori als zij een strijd gingen voeren, dit is nu
overgenomen in het rugby. Versterkt teamverband en komt
intimiderend over.)
Bedrijfstak cultuur
- Missie visie - Nationale Nederlanden + ING,
- Taal (Politiek vs. Bouwvakkers) hebben cultureleverschillen
- Doelen meegemaakt toen zij gingen
- 4 dimensies: Mens, resultaat, fuseren. (Gaat om sales,
- Gedrag, kleding klantgericht)
- Regulaties: AirBnb en Uber.
Beroepscultuur
- Oriëntatie op het omgaan met mensen en dingen.
Vb: Verpleegkundigen vs. Ingenieurs.
- Specialisten, kennis verdiepen vs. Generalisten, kennis verbreden.
Vb: Fysiotherapeut vs. Manager
- Gedisciplineerd vs. Onafhankelijk werkgedrag
Vb: Piloten vs. Winkelier.
- Gestructureerd, toepassen van protocollen vs. Ongestructureerd.
2