Hoofdstuk 17 Consolidatie
17.1 Enkelvoudige en geconsolideerde jaarrekening
Om een beter inzicht te krijgen in de samenstelling van de posten Kapitaalbelangen en
Resultaten uit kapitaalbelangen is het noodzakelijk een jaarrekening voor het concern te
consolideren. Een geconsolideerde jaarrekening is een jaarrekening waarin alle activa,
passiva, baten en lasten van de ondernemingen die een concern vormen, als één geheel
worden opgenomen.
De geconsolideerde jaarrekening wordt opgenomen in het jaarrapport van de
moedermaatschappij. Dit betekent dat we in het jaarrapport van een concernmoeder’ 2
jaarrekeningen aantreffen:
De enkelvoudige jaarrekening van de moeder
De geconsolideerde jaarrekening van het concern
17.2 Regelgeving inzake consolidatie
17.2.1 Regelgeving van de IASB
De lASB schrijft voor dat moedermaatschappijen een geconsolideerde jaarrekening
opnemen, waarbij al hun kapitaalbelangen waarover zij de zeggenschap (control) hebben in
de consolidatie worden betrokken. Zeggenschap kan voortvloeien uit het houden van meer
dan de helft van de gewone aandelen, maar bijvoorbeeld ook door het houden van
prioriteitsaandelen, waardoor de meerderheid van de directieleden benoemd c.q. ontslagen
kan worden.
Bij de bepaling of een moedermaatschappij de zeggenschap in een andere onderneming
heeft moet rekening worden gehouden met potentiële stemrechten: rechten tot het
verwerven van stemrechten in een kapitaalbelang, zoals aandelenopties of converteerbare
obligatieleningen.
Als sub-holdings (=holding die zowel dochter als moeder vormt) worden geconsolideerd bij
de moeder, hoeven zij in principe niet hun eigen dochters nog een keer te consolideren.
Deze vrijstelling geldt onder 2 voorwaarden:
De betreffende sub-holding mag niet aan een effectenbeurs genoteerd zijn.
De geconsolideerde jaarrekening van het grotere geheel waarin de subgroep is
opgenomen dient te voldoen aan de IASB-voorschriften.
17.2.2 Regelgeving van de wet (en de RJ)
In de Nederlandse wet is bepaald dat groepshoofden een geconsolideerde jaarrekening
moeten opnemen, waarbij alle groepsmaatschappijen worden geconsolideerd. De wet
omschrijft groepsmaatschappijen als rechtspersonen en vennootschappen die met elkaar in
een groep zijn verbonden. Een groep wordt verder omschreven als een economische
eenheid waarin rechtspersonen en vennootschappen organisatorisch zijn verbonden.
Er is dus volgens de wet een groep als er sprake is van een economische eenheid en van een
organisatorische band. Een aanwijzing voor het bestaan van een economische eenheid kan
zijn dat er sprake is van gemeenschappelijk beleid, waarbij de onderdelen van de groep zich
laten leiden door het totale groepsbelang. Van een organisatorische band kan worden
gesproken, indien er een hiërarchie is van één of meer beleidsbepalende ondernemingen
, waaruit centrale leiding wordt gegeven beleidsafhankelijke ondernemingen die zich hebben
te schikken naar de leiding van het groepshoofd.
De wet geeft in een aantal situaties aan dat een groepsmaatschappij buiten de consolidatie
mag blijven. Dit is het geval indien:
Het gaat om groepsmaatschappijen waarvan de gezamenlijke betekenis te
verwaarlozen is op het geheel.
Het groepsmaatschappijen betreft waarvan de nodige gegevens tegen onevenredige
kosten of met grote vertraging te verkrijgen of te ramen zijn.
Er sprake is van groepsmaatschappijen waarin het belang slechts wordt gehouden
om het te vervreemden.
Sub-holdings dienen in beginsel eveneens een geconsolideerde jaarrekening op te maken.
Net als bij de IASB geldt hiervoor echter een vrijstelling indien voldaan wordt aan de
gestelde voorwaarden. Indien een tussenholding gebruikmaakt van deze vrijstelling, moet zij
dit in de toelichting melden.
Naast de vrijstelling voor sub-holdings kent de wet een vrijstelling van de consolidatieplicht
indien de geconsolideerde cijfers van de groep niet groter zijn dan de grenzen van een kleine
rechtspersoon, geen van de in de consolidatie te betrekken ondernemingen effecten heeft
uitstaan die zijn toegelaten tot de handel op een effectenbeurs en er geen bezwaar is
gemaakt door de algemene vergadering.
Vrijstellingen op grond van groepsverhoudingen:
Onderscheid wordt gemaakt tussen vrijstelling voor de moeder en vrijstellingen voor
groepsmaatschappijen.
Vrijstelling voor de moeder:
De moeder moet een geconsolideerde jaarrekening opstellen, die in principe de financiële
gegevens bevat van haarzelf en die van haar groepsmaatschappijen. De wet bepaalt nu dat,
indien de financiële gegevens van de moeder zelf zijn opgenomen in de geconsolideerde
jaarrekening ze voor haar enkelvoudige jaarrekening kan volstaan met een verkorte
resultatenrekening: deze hoeft dan slechts het resultaat uit deelnemingen ná belastingen en
het overig resultaat ná belastingen te bevatten. De toelichting op de geconsolideerde
jaarrekening moet de gebruikmaking van deze wij stelling worden vermeld.
Vrijstelling voor groepsmaatschappijen:
Een groepsmaatschappij kan onder voorwaarden gebruikmaken van 4 vrijstellingen:
1. Zij kan volstaan met de volgende vereenvoudigde jaarrekening:
Balans Resultatenrekening:
Vaste activa Eigen vermogen Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening na bel.
Vlottende activa Voorzieningen Saldo overige baten en lasten na bel.
Schulden
2. Zij heeft geen controleplicht
3. Zij hoeft de jaarrekening niet openbaar te maken
4. Zij hoeft geen bestuursverslag en overige gegevens op te stellen
17.1 Enkelvoudige en geconsolideerde jaarrekening
Om een beter inzicht te krijgen in de samenstelling van de posten Kapitaalbelangen en
Resultaten uit kapitaalbelangen is het noodzakelijk een jaarrekening voor het concern te
consolideren. Een geconsolideerde jaarrekening is een jaarrekening waarin alle activa,
passiva, baten en lasten van de ondernemingen die een concern vormen, als één geheel
worden opgenomen.
De geconsolideerde jaarrekening wordt opgenomen in het jaarrapport van de
moedermaatschappij. Dit betekent dat we in het jaarrapport van een concernmoeder’ 2
jaarrekeningen aantreffen:
De enkelvoudige jaarrekening van de moeder
De geconsolideerde jaarrekening van het concern
17.2 Regelgeving inzake consolidatie
17.2.1 Regelgeving van de IASB
De lASB schrijft voor dat moedermaatschappijen een geconsolideerde jaarrekening
opnemen, waarbij al hun kapitaalbelangen waarover zij de zeggenschap (control) hebben in
de consolidatie worden betrokken. Zeggenschap kan voortvloeien uit het houden van meer
dan de helft van de gewone aandelen, maar bijvoorbeeld ook door het houden van
prioriteitsaandelen, waardoor de meerderheid van de directieleden benoemd c.q. ontslagen
kan worden.
Bij de bepaling of een moedermaatschappij de zeggenschap in een andere onderneming
heeft moet rekening worden gehouden met potentiële stemrechten: rechten tot het
verwerven van stemrechten in een kapitaalbelang, zoals aandelenopties of converteerbare
obligatieleningen.
Als sub-holdings (=holding die zowel dochter als moeder vormt) worden geconsolideerd bij
de moeder, hoeven zij in principe niet hun eigen dochters nog een keer te consolideren.
Deze vrijstelling geldt onder 2 voorwaarden:
De betreffende sub-holding mag niet aan een effectenbeurs genoteerd zijn.
De geconsolideerde jaarrekening van het grotere geheel waarin de subgroep is
opgenomen dient te voldoen aan de IASB-voorschriften.
17.2.2 Regelgeving van de wet (en de RJ)
In de Nederlandse wet is bepaald dat groepshoofden een geconsolideerde jaarrekening
moeten opnemen, waarbij alle groepsmaatschappijen worden geconsolideerd. De wet
omschrijft groepsmaatschappijen als rechtspersonen en vennootschappen die met elkaar in
een groep zijn verbonden. Een groep wordt verder omschreven als een economische
eenheid waarin rechtspersonen en vennootschappen organisatorisch zijn verbonden.
Er is dus volgens de wet een groep als er sprake is van een economische eenheid en van een
organisatorische band. Een aanwijzing voor het bestaan van een economische eenheid kan
zijn dat er sprake is van gemeenschappelijk beleid, waarbij de onderdelen van de groep zich
laten leiden door het totale groepsbelang. Van een organisatorische band kan worden
gesproken, indien er een hiërarchie is van één of meer beleidsbepalende ondernemingen
, waaruit centrale leiding wordt gegeven beleidsafhankelijke ondernemingen die zich hebben
te schikken naar de leiding van het groepshoofd.
De wet geeft in een aantal situaties aan dat een groepsmaatschappij buiten de consolidatie
mag blijven. Dit is het geval indien:
Het gaat om groepsmaatschappijen waarvan de gezamenlijke betekenis te
verwaarlozen is op het geheel.
Het groepsmaatschappijen betreft waarvan de nodige gegevens tegen onevenredige
kosten of met grote vertraging te verkrijgen of te ramen zijn.
Er sprake is van groepsmaatschappijen waarin het belang slechts wordt gehouden
om het te vervreemden.
Sub-holdings dienen in beginsel eveneens een geconsolideerde jaarrekening op te maken.
Net als bij de IASB geldt hiervoor echter een vrijstelling indien voldaan wordt aan de
gestelde voorwaarden. Indien een tussenholding gebruikmaakt van deze vrijstelling, moet zij
dit in de toelichting melden.
Naast de vrijstelling voor sub-holdings kent de wet een vrijstelling van de consolidatieplicht
indien de geconsolideerde cijfers van de groep niet groter zijn dan de grenzen van een kleine
rechtspersoon, geen van de in de consolidatie te betrekken ondernemingen effecten heeft
uitstaan die zijn toegelaten tot de handel op een effectenbeurs en er geen bezwaar is
gemaakt door de algemene vergadering.
Vrijstellingen op grond van groepsverhoudingen:
Onderscheid wordt gemaakt tussen vrijstelling voor de moeder en vrijstellingen voor
groepsmaatschappijen.
Vrijstelling voor de moeder:
De moeder moet een geconsolideerde jaarrekening opstellen, die in principe de financiële
gegevens bevat van haarzelf en die van haar groepsmaatschappijen. De wet bepaalt nu dat,
indien de financiële gegevens van de moeder zelf zijn opgenomen in de geconsolideerde
jaarrekening ze voor haar enkelvoudige jaarrekening kan volstaan met een verkorte
resultatenrekening: deze hoeft dan slechts het resultaat uit deelnemingen ná belastingen en
het overig resultaat ná belastingen te bevatten. De toelichting op de geconsolideerde
jaarrekening moet de gebruikmaking van deze wij stelling worden vermeld.
Vrijstelling voor groepsmaatschappijen:
Een groepsmaatschappij kan onder voorwaarden gebruikmaken van 4 vrijstellingen:
1. Zij kan volstaan met de volgende vereenvoudigde jaarrekening:
Balans Resultatenrekening:
Vaste activa Eigen vermogen Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening na bel.
Vlottende activa Voorzieningen Saldo overige baten en lasten na bel.
Schulden
2. Zij heeft geen controleplicht
3. Zij hoeft de jaarrekening niet openbaar te maken
4. Zij hoeft geen bestuursverslag en overige gegevens op te stellen