drugs
Het principe van chemische (synaptische) neurotransmissie in het centrale zenuwstelsel
1. Het actiepotentiaal komt aan in het uiteinde van
het axon van een presynaptisch neuron. Het
actiepotentiaal brengt depolarisatie van de
membraanpotentiaal teweeg.
2. Er bevinden zich geen voltage-gated Na+-kanalen
die kunnen openen t.g.v. depolarisatie, maar wel
voltage-gated Ca2+-kanalen. De voltage-gated
Ca2+-kanalen openen t.g.v. depolarisatie.
3. Instroom van Ca2+ in het uiteinde van het axon
van een presynaptisch neuron. Hierdoor wordt
de intracellulaire Ca2+-concentratie verhoogd.
4. Dit leidt tot fusatie van synaptische vesicles met
het presynaptische celmembraan.
5. Neurotransmitter komt vrij in de synaptische
spleet. → Exocytose.
6. Neurotransmitter bindt aan een receptor in het
post-synaptische celmembraan.
7. Binding aan de receptor zorgt voor het openen
of sluiten van ionkanalen. Dit leidt tot
verandering van de permeabiliteit van het post-
synaptische celmembraan.
8. Verandering van de membraanpotentiaal van het post-synaptische membraan.
9. Er ontstaat wel of geen actiepotentiaal in het post-synaptische neuron.
10. Neurotransmitters worden verwijderd uit de synaptische spleet door diffusie, opname in
presynaptische terminus (recycling), opname in gliacellen of enzymatische degradatie.
De invloed van psychoactieve drugs op synaptische neurotransmissie
Psychoactieve drugs beïnvloeden synaptische neurotransmissie door te binden aan enzymen, ionkanalen,
transporters en receptoren. Presynaptische targets zijn transporters, ionkanalen, enzymen en receptoren.
Post-synaptische targets zijn enzymen en receptoren. Het blokkeren van één van deze targets leidt tot een
verstoring in één (of meerdere) processen die betrokken is bij synaptische neurotransmissie. Dit heeft een
verstoorde synaptische neurotransmissie tot gevolg. Dit heeft vervoglens invloed op de hersenactiviteit,
hersenfunctie en het gedrag van een organisme.
Bloedhersenbarrière
Hersenweefsel is gescheiden, maar niet volledig geïsoleerd, van de systemische circulatie door de
bloedherenbarrière. Sommige stoffen in het bloedplasma, zoals hormonen, aminozuren en ionen, kunnen
de bloedhersenbarrière passeren en hersenfunctie beïnvloeden.
Structuur van de bloedhersenbarrière
De bloedhersenbarrière bestaat uit (van binnen naar buiten):
• Endotheelcellen.
• Pericyten.
• Basaalmembraan.
• Eindvoetjes van astrocyten.
1