Neuron structure and function
Neurons Zenuwcellen die informatie door het lichaam doorgeven
Brain Hersenen
Ganglia Een clustering van neuronen
Cell body Hier bevindt de kern van de zenuwcel zich
Dendrites Uitlopers van het cellichaam, samen met het cellichaam
ontvangen zij signalen
Axon Uitstulping die signalen doorgeeft aan andere zenuwcellen, zijn
vaak veel langer dan dendrieten
Synapse Uiteinde van een axon die het signaal doorgeeft aan een
andere cel
Synapsspleet Hierin komen neurotransmitters vrij
Neurotransmitters Chemische stoffen die signalen aan de
volgende zenuwcel doorgeven
Gliacellen Steuncellen, ze voeden neuronen, isoleren axonen en reguleren
de extracellulaire vloeistof rondom de neuronen
Introduction to information processing
Sensory input à integration à motor output
Sensory neurons Zenden externe stimuli door naar de hersenen, zoals licht, een
aanraking, een geur of interne conditie zoals bloeddruk
Interneurons Vormen connecties tussen neuronen in de hersenen of ganglia,
verwerken de externe stimuli
Motor neurons Stuurt signalen naar spiercellen zodat ze aanspannen, andere
stimuleren klieren om vocht uit te scheiden
Central nervous system CNS, hersenen en ruggenmerg, hier zitten de interneuronen
Peripheral nervous system PNS, de zenuwen die vanaf het CNS lopen
Nerves Gebundelde axonen van neuronen
, Formation of the resting potential
Binnen in de cel is een negatieve lading en buiten de cel een positieve lading.
Membraanpotentiaal Verschil in lading tussen buiten en binnen het membraan
Rustpotentiaal Tussen de -60 tot -80 mV
Actiepotentiaal Membraanpotentiaal stijgt snel en kan zo stimuli doorgeven
Ion Intracellulair (mM) Extracellulair (mM)
Kalium 140 5
Natrium 15 150
Chloride 10 120
Natrium/kalium pomp Houdt de Na+/K+ gradiënt in stand, gebruikt ATP om 3 Na+ de
cel uit te pompen en 2 K+ de cel in te pompen, zo blijft de
binnenkant van de cel negatief geladen en de buitenkant
positief geladen (relatief gezien)
Ion-kanalen Diffunderen ionen over het membraan heen en terug, het snel
verplaatsen van ionen via de ion-kanalen veroorzaakt een
membraan potentiaal
K+-ionkanaal Transporteert K+ over het membraan en behoudt zo het
rustpotentiaal, deze zijn vaak open
Na+-ionkanaal Transporteert Na+ over het membraan, deze zijn vaak dicht, zijn
voltage gated
Modeling the resting potential
K+ diffundeert naar de negatieve ionen buiten het celmembraan, deze negatieve ionen
kunnen alleen niet de cel in, hierdoor wordt de binnenkant van de cel dus negatiever en de
buitenkant positiever. Dit gebeurt totdat er een evenwicht ontstaat en de binnenkant van de
cel relatief negatiever geworden is.
Equilibrium potential (Eion) Membraanvoltage bij een evenwicht
["#$]1234567
𝐸"#$ = 62 𝑚𝑉(𝑙𝑜𝑔 ["#$]584567
) Bij een rustpotentiaal is dit iets lager dan -90 mV voor K+
Action potentials
Gated ion channels Ion-kanalen die openen en sluiten door stimulatie
Voltage-gated ion channels Ion-kanalen die openen of sluiten als reactie op een verschil in
het membraanpotentiaal
Hyperpolarisatie Het membraanpotentiaal wordt negatiever, de binnenkant van
de cel wordt negatiever, K+ de cel uit
Depolarisatie Het membraanpotentiaal wordt positiever, de binnenkant van
de cel wordt positiever, Na+ de cel in