,Inhoudsopgave
Blok 1.................................................................................................................................................................... 3
College 1A .................................................................................................................................................................................. 3
College 2AB ............................................................................................................................................................................... 5
Werkgroep 1 ...........................................................................................................................................................................12
Werkgroep 2 ...........................................................................................................................................................................13
Werkgroep 3 ...........................................................................................................................................................................13
Blok 2................................................................................................................................................................. 14
Werkgroep 4 ...........................................................................................................................................................................14
Werkgroep 5 ...........................................................................................................................................................................18
Werkgroep 6 ...........................................................................................................................................................................25
College 4A ................................................................................................................................................................................25
College 4B ................................................................................................................................................................................26
College 3A & 5A .....................................................................................................................................................................28
Blok 3................................................................................................................................................................. 33
Werkgroep 7 ...........................................................................................................................................................................33
College 6A ................................................................................................................................................................................33
College 6B ................................................................................................................................................................................38
Werkgroep 8 ...........................................................................................................................................................................40
Werkgroep 9 ...........................................................................................................................................................................42
Blok 4................................................................................................................................................................. 43
College 7 ...................................................................................................................................................................................43
2
,Blok 1
College 1A
Klinisch redeneren en classificaties
Gegevensverzameling, analyse en probleemhantering zijn terugkerende termen van 1, 2 en 3 (zie
hieronder). Het overkoepelende thema is systematisch denken en handelen.
1. Klinisch redeneren
Definities klinisch redeneren:
(Lambregts et al. 2016):
Continue proces van gegevensverzameling en analyse gericht op het vaststellen van vragen en
problemen van de zorgvrager en het kiezen van daarbij passende zorgresultaten en interventies. Het
is actief, georganiseerd en doelbewust. Inzicht verschaffen en inzicht vergroten. Cyclisch proces van:
1. Risico-inschatting; preventieve maatregelen
2. Vroeg signalering
3. Probleemherkenning
4. Interventie (EBP)
5. Monitoring; monitort interventies
2. Methodisch handelen
Definities methodisch handelen:
(Kerstens, 2015):
Bij methodisch werken gaat het om een bewuste en systematische aanpak van het verpleegkundig
handelen. Er wordt eerst bedacht hoe het probleem aangepakt gaat worden. Vervolgens wordt er
een plan opgesteld en ten uitvoer gebracht. Methodisch werken geeft overzicht: de werkzaamheden
zijn goed en doordacht voorbereid.
3. Het verpleegkundig proces
Definities verpleegkundig proces:
(Wilkinson 2013):
Het verpleegkundig proces is een systematische, creatieve benaderingswijze voor het denken en doen
van verpleegkundigen die gebruikt wordt om patiëntengegevens te verkrijgen, te categoriseren en te
analyseren en om acties te plannen om aan de patiëntbehoeftes te voldoen. Deze
probleemoplossende methode vereist het kunnen nemen van besluiten, klinisch inzicht en een aantal
kritische cognitieve vaardigheden. Het biedt een kader voor het soort kritisch denken dat
verpleegkundigen doen. Daarnaast is het evidence based.
3
, Het verpleegkundig proces is dynamisch en cyclisch (zie foto hieronder).
4. Kritisch denken
Kenmerken kritisch denken:
• Rationeel en redelijk;
Gebaseerd op feiten en niet op meningen. Keuzes moeten beargumenteerd zijn en je hebt
voldoende gegevens nodig.
• Conceptueel;
Je plaatst problemen in een breder kader.
• Reflectief;
je overdenkt wat je gaat doen. Je onderzoekt je gedachtes, veronderstellingen en emoties.
• Creatief;
Je bekijkt situaties vanuit verschillende invalshoeken.
• Cognitieve vaardigheden en motivatie;
Je moet goed kunnen nadenken en gemotiveerd zijn om deze vaardigheid te gebruiken.
• Vereist kennis;
Voldoende kennis over AFP en verpleegkundige handelingen.
Kritisch denken wordt beïnvloed door:
• Achtergrond van de verpleegkundige
• Normen en waarden
• Levenservaring
• Verpleegkundige kennis en vaardigheden
• Visie en ideeën op verpleegkunde.
• Informatie van en over de patiënt
4