Module 6: Metabolism
6.1 Metabolic Routes
Leerdoelen:
• Dat cellen energie ter beschikking maken door oxidatie van sterk verminderde (hoog
gereduceerde) koolstofatomen. Gereduceerd koolstof komt binnen en geoxideerd koolstof
gaat naar buiten.
• Wat de belangrijkste katabole routes zijn en wat hun input en de output is.
• Hoe oxidatie kan direct voor productie van verbindingen met een hoge groep
overdrachtspotentiaal kan zorgen. (Door oxidatie ATP vormen).
- Facilitator= iets wat specifiek is.
- Secundair actief transport heeft een koppelingsion nodig.
- Katabole routes → breekt altijd dingen af. (we hebben het niet over anabole routes).
- De oxidatie toestand is een maat van de graad van oxidatie van een atoom in een chemische
verbinding. Het is de hypothetische lading die een atoom zou hebben als alle bindingen met
atomen van verschillende elementen 100% ionisch waren.
• Koolstof is meer elektronegatief is dan waterstof, en zuurstof meer dan koolstof.
• Oxidatie toestanden worden weergegeven door Latijnse cijfers en zijn altijd gekoppeld aan
een teken (positief of negatief) tenzij nul.
• Dus, een waterstof ion, dat is niets meer dan een proton, zou een oxidatiegetal van + I.
• Oxidatie toestand geeft aan hoeveel energie je eruit kunt halen.
• O = C = O is volledig geoxideerd → +IV → ΔG0 van 0 → afval; kun je niks meer mee.
- Afhankelijk van de bouw, dus de:
• Grootte van de elektronenwolk.
• De afstand van buitenste schil tot de nucleus.
• Ladingsdichtheid binnen de kern
Zijn atomen meer of minder aangetrokken met elektronen en gedeeld in een covalente binding.
Deze eigenschap heet elektronennegativiteit.
- Elektronen dichter bij de kern → interactie met de kern, die is stevig. → stevige binding geeft
meer energie vrij.
- Stappen die je moet nemen als je voedsel binnen krijgt:
• Stage 1: Afbreken van grote macromoleculen tot subeenheden.
o We hebben het over koolhydraten (polysachariden). → dit moet je afbreken
tot enkele suikers (monosachariden), omdat het door het membraan heen
moet.
• Stage 2: Afbreken van de subeenheden tot Acetyl CoA, begeleid door de
productie van kleine hoeveelheden van ATP en de NADH.
o Kleiner maken van de enkele suikers. Glycolyse is een eerste stap om suiker te
verteren.
• Stage 3: Afmaken van de oxidative van Acetyl CoA tot H2 O en CO2, begeleid door
de productie van grote hoeveelheden van ATP in het mitochondrium. (In de
citroenzuurcyclus).
Bouwstenen van het Leven |47
6.1 Metabolic Routes
Leerdoelen:
• Dat cellen energie ter beschikking maken door oxidatie van sterk verminderde (hoog
gereduceerde) koolstofatomen. Gereduceerd koolstof komt binnen en geoxideerd koolstof
gaat naar buiten.
• Wat de belangrijkste katabole routes zijn en wat hun input en de output is.
• Hoe oxidatie kan direct voor productie van verbindingen met een hoge groep
overdrachtspotentiaal kan zorgen. (Door oxidatie ATP vormen).
- Facilitator= iets wat specifiek is.
- Secundair actief transport heeft een koppelingsion nodig.
- Katabole routes → breekt altijd dingen af. (we hebben het niet over anabole routes).
- De oxidatie toestand is een maat van de graad van oxidatie van een atoom in een chemische
verbinding. Het is de hypothetische lading die een atoom zou hebben als alle bindingen met
atomen van verschillende elementen 100% ionisch waren.
• Koolstof is meer elektronegatief is dan waterstof, en zuurstof meer dan koolstof.
• Oxidatie toestanden worden weergegeven door Latijnse cijfers en zijn altijd gekoppeld aan
een teken (positief of negatief) tenzij nul.
• Dus, een waterstof ion, dat is niets meer dan een proton, zou een oxidatiegetal van + I.
• Oxidatie toestand geeft aan hoeveel energie je eruit kunt halen.
• O = C = O is volledig geoxideerd → +IV → ΔG0 van 0 → afval; kun je niks meer mee.
- Afhankelijk van de bouw, dus de:
• Grootte van de elektronenwolk.
• De afstand van buitenste schil tot de nucleus.
• Ladingsdichtheid binnen de kern
Zijn atomen meer of minder aangetrokken met elektronen en gedeeld in een covalente binding.
Deze eigenschap heet elektronennegativiteit.
- Elektronen dichter bij de kern → interactie met de kern, die is stevig. → stevige binding geeft
meer energie vrij.
- Stappen die je moet nemen als je voedsel binnen krijgt:
• Stage 1: Afbreken van grote macromoleculen tot subeenheden.
o We hebben het over koolhydraten (polysachariden). → dit moet je afbreken
tot enkele suikers (monosachariden), omdat het door het membraan heen
moet.
• Stage 2: Afbreken van de subeenheden tot Acetyl CoA, begeleid door de
productie van kleine hoeveelheden van ATP en de NADH.
o Kleiner maken van de enkele suikers. Glycolyse is een eerste stap om suiker te
verteren.
• Stage 3: Afmaken van de oxidative van Acetyl CoA tot H2 O en CO2, begeleid door
de productie van grote hoeveelheden van ATP in het mitochondrium. (In de
citroenzuurcyclus).
Bouwstenen van het Leven |47