HC 3 Verlichting 1650-1900
1 Wetenschappelijke Revolutie
Middeleeuwen: geleerden vaak geestelijken —> Renaissance: steeds meer niet-geestelijken
geleerden, gingen onderwerpen bestuderen die niks met godsdienst te maken hadden —> er
werden proeven gedaan, en zelf nagedacht over de uitkomst (net zoals klassieke oudheid) —>
ontstaan Wetenschappelijke Revolutie
Kenmerken Wetenschappelijke Revolutie:
-een nieuwe manier van onderzoeken: observeren, experimenteren, redeneren, concluderen
-grote veranderingen in het leven van veel mensen: bijv grote vooruitgang op medisch gebied
-met geweld gepaard gaand verzet van de Kerk/de overheid/sommige bevolkingsgroepen
Oorzaken Wetenschappelijke Revolutie:
-de ontdekkingsreizen (vanaf de 15e eeuw)
-ambachtelijke technieken (praktische kennis, wiskunde, scheepsbouw etc)
-humanistische tekstanalyse (waardering teksten uit klassieke oudheid)
-het rationalisme van Descartes (zelf nadenken, zonder het geloof/de kerk)
-het empirisme van Locke (kennis gebaseerd op experimenten/waarnemen)
Nieuwe inzichten en ontdekkingen door de Wetenschappelijke Revolutie:
-Isaac Newton (1643-1727): kwam door waarnemen/proeven tot natuurwetten (oa zwaartekracht)
-Antoni van Leeuwenhoek (1632-1723): ontwierp de microscoop
-wonderen uit de Bijbel konden niet met menselijk verstand worden verklaard
-ontdekkingsreizigers ontdekten verschillende culturen met andere geloven
-humanistische tekstanalyse droeg bij aan kritiek op de kerk —> protestantisme (Luther, Calvijn)
Het individu werd steeds belangrijker, inpv de groep als geheel
2 Wetenschappelijke Revolutie leidt tot de Verlichting
Verlichting: ontstaat in de 18e eeuw, ontstaan doordat mensen gingen vertrouwen op hun eigen
verstand —> verlichters vonden dat wetenschappelijke methoden ook moesten worden toegepast
op de samenleving —> mensen die niet op hun verstand en natuurwetten vertrouwen, leven in
‘duisternis’
Verlichters hebben kritiek op:
-traditie (gezag vd kerk etc)
-bestaande machtsverhoudingen (KA absolutisme)
-religieuze praktijken (gelovigen moeten andersdenkenden met rust laten)
-opvoeding (er moet meer aandacht voor opvoeding komen)
-onderwijs (iedereen moet dezelfde kansen krijgen)
Oplossingen voor de kritiek:
-verdraagzaamheid promoten (religieuze praktijken)
-volkssoevereiniteit (machthebbers moeten verantwoording a eggen aan het volk)
-sociaal contract tussen vorst en volk/burgers onderling (voorkomen oorlog, Locke en Rousseau)
-scheiding der machten/trias politica
-verbreding kennis (wetenschappers werken samen, boek Encyclopedie)
Encyclopedie: boek van Denis Diderot (1713-1784), bevat alle kennis in artikelen en tekeningen
Toekomst: maakbare wereld door kennis, optimisme, vooruitgang, maar met grenzen
fl
, 3 De belangrijkste verlichters en hun invloed
Locke: natuurrechten (gelden voor iedereen, ongeacht plaats en tijd), mensen hebben natuurlijke
rechten op leven, vrijheid en bezit + sociaal contract (maatschappelijk verdrag) —> belangrijke
rechten vd mens:
-regeringen moeten wetten maken die voor iedereen gelijk zijn
-belasting + andere wetten alleen wanneer goedgekeurd door volk + volk beslist wie ze maakt
-tolerantie voor alle geloven —> geen dwang of vervolging
-grondwet als contract tussen bestuur en volk
Rousseau: natuurrechten + sociaal contract —> koppelde hieraan ideeën over:
-vrijheid + gelijkheid van armen en slaven (iedereen is gelijk, heeft gelijke rechten, privébezit zit dit
in de weg)
-vormen van directe democratie op basis vd Algemene Wil (de staat moet zo geregeld worden dat
iedereen zijn vrijheid behoud)
Montesquieu: trias politica (wetgevende, uitvoerende en rechtsprekende macht) —> garandeert
vrijheid, want nooit teveel macht bij 1 persoon/groepje mensen
Smith: economische ideeën —> herwaardering verhouding overheid en economie, inpv
mercantilisme een vrijemarkteconomie (vrijhandel, geen bemoeienis overheid) —> rationeel
eigenbelang speelt een rol (individu moet vrijheid hebben zijn eigenbelang na te streven)
Kant: durf te denken, krijg de vrijheid om zelf te denken —> kennis is een combinatie van rede
(rationalisme) en ervaring (empirisme)
Voltaire: tolerantie van godsdienst + koningen mogen macht niet misbruiken
4 Veranderingen in de politieke cultuur
Brede verspreiding verlichte ideeën door:
-privésfeer: salons en ko ehuizen (wetenschappers/ losofen bespraken openbaar hun ideeën)
-publieke domein: toneel, boeken/tijdschriften, bibliotheken
Door de brede verspreiding moesten vorsten met absolutisme/droit divin ineens rekening gaan
houden met de publieke opinie —> vorsten kregen steeds meer kritiek —> vaak censuur op de
verspreiding vd ideeën (in Engeland en Republiek het minst erg)
Omzeilen censuur:
-kritiek indirect uiten inpv direct ( ctieve personen/situaties in boeken bijv)
-dubbelzinnige formuleringen (alleen de lezer begrijpt de boodschap)
-boeken illegaal/in het buitenland drukken (vooral Republiek en Engeland)
2 politieke reacties op de Verlichting:
-vasthouden absolutisme: censuur op verlichte ideeën (droit divin)
-verlicht absolutisme: verlichte elementen in het absolute bestuur —> rekening houden met
bevolking/andere koningen, kennis verspreiden —> gedaan door Frederik de Grote (Pruisen),
Catharina de Grote (Rusland)
5 De Onafhankelijkheidsoorlog van de VS
KA democratische revoluties
Oorzaken oorlog:
-breed verzet tegen nieuwe Britse belastingen —> nadat de Engelsen de 70-jarige oorlog wonnen
(Fransen + Indianen vs Engelsen) moesten de koloniën mee gaan betalen aan belastingen, zowel
bestaande als bijv nieuwe invoerrechten —> kolonisten boos want zij hadden geen
vertegenwoordiging in het Britse parlement —> ‘no taxation without representation’
-verlichte ideeën werden verspreid in de VS —> er kwam veel behoefte aan zelfbeschikking
ffi fi fi
1 Wetenschappelijke Revolutie
Middeleeuwen: geleerden vaak geestelijken —> Renaissance: steeds meer niet-geestelijken
geleerden, gingen onderwerpen bestuderen die niks met godsdienst te maken hadden —> er
werden proeven gedaan, en zelf nagedacht over de uitkomst (net zoals klassieke oudheid) —>
ontstaan Wetenschappelijke Revolutie
Kenmerken Wetenschappelijke Revolutie:
-een nieuwe manier van onderzoeken: observeren, experimenteren, redeneren, concluderen
-grote veranderingen in het leven van veel mensen: bijv grote vooruitgang op medisch gebied
-met geweld gepaard gaand verzet van de Kerk/de overheid/sommige bevolkingsgroepen
Oorzaken Wetenschappelijke Revolutie:
-de ontdekkingsreizen (vanaf de 15e eeuw)
-ambachtelijke technieken (praktische kennis, wiskunde, scheepsbouw etc)
-humanistische tekstanalyse (waardering teksten uit klassieke oudheid)
-het rationalisme van Descartes (zelf nadenken, zonder het geloof/de kerk)
-het empirisme van Locke (kennis gebaseerd op experimenten/waarnemen)
Nieuwe inzichten en ontdekkingen door de Wetenschappelijke Revolutie:
-Isaac Newton (1643-1727): kwam door waarnemen/proeven tot natuurwetten (oa zwaartekracht)
-Antoni van Leeuwenhoek (1632-1723): ontwierp de microscoop
-wonderen uit de Bijbel konden niet met menselijk verstand worden verklaard
-ontdekkingsreizigers ontdekten verschillende culturen met andere geloven
-humanistische tekstanalyse droeg bij aan kritiek op de kerk —> protestantisme (Luther, Calvijn)
Het individu werd steeds belangrijker, inpv de groep als geheel
2 Wetenschappelijke Revolutie leidt tot de Verlichting
Verlichting: ontstaat in de 18e eeuw, ontstaan doordat mensen gingen vertrouwen op hun eigen
verstand —> verlichters vonden dat wetenschappelijke methoden ook moesten worden toegepast
op de samenleving —> mensen die niet op hun verstand en natuurwetten vertrouwen, leven in
‘duisternis’
Verlichters hebben kritiek op:
-traditie (gezag vd kerk etc)
-bestaande machtsverhoudingen (KA absolutisme)
-religieuze praktijken (gelovigen moeten andersdenkenden met rust laten)
-opvoeding (er moet meer aandacht voor opvoeding komen)
-onderwijs (iedereen moet dezelfde kansen krijgen)
Oplossingen voor de kritiek:
-verdraagzaamheid promoten (religieuze praktijken)
-volkssoevereiniteit (machthebbers moeten verantwoording a eggen aan het volk)
-sociaal contract tussen vorst en volk/burgers onderling (voorkomen oorlog, Locke en Rousseau)
-scheiding der machten/trias politica
-verbreding kennis (wetenschappers werken samen, boek Encyclopedie)
Encyclopedie: boek van Denis Diderot (1713-1784), bevat alle kennis in artikelen en tekeningen
Toekomst: maakbare wereld door kennis, optimisme, vooruitgang, maar met grenzen
fl
, 3 De belangrijkste verlichters en hun invloed
Locke: natuurrechten (gelden voor iedereen, ongeacht plaats en tijd), mensen hebben natuurlijke
rechten op leven, vrijheid en bezit + sociaal contract (maatschappelijk verdrag) —> belangrijke
rechten vd mens:
-regeringen moeten wetten maken die voor iedereen gelijk zijn
-belasting + andere wetten alleen wanneer goedgekeurd door volk + volk beslist wie ze maakt
-tolerantie voor alle geloven —> geen dwang of vervolging
-grondwet als contract tussen bestuur en volk
Rousseau: natuurrechten + sociaal contract —> koppelde hieraan ideeën over:
-vrijheid + gelijkheid van armen en slaven (iedereen is gelijk, heeft gelijke rechten, privébezit zit dit
in de weg)
-vormen van directe democratie op basis vd Algemene Wil (de staat moet zo geregeld worden dat
iedereen zijn vrijheid behoud)
Montesquieu: trias politica (wetgevende, uitvoerende en rechtsprekende macht) —> garandeert
vrijheid, want nooit teveel macht bij 1 persoon/groepje mensen
Smith: economische ideeën —> herwaardering verhouding overheid en economie, inpv
mercantilisme een vrijemarkteconomie (vrijhandel, geen bemoeienis overheid) —> rationeel
eigenbelang speelt een rol (individu moet vrijheid hebben zijn eigenbelang na te streven)
Kant: durf te denken, krijg de vrijheid om zelf te denken —> kennis is een combinatie van rede
(rationalisme) en ervaring (empirisme)
Voltaire: tolerantie van godsdienst + koningen mogen macht niet misbruiken
4 Veranderingen in de politieke cultuur
Brede verspreiding verlichte ideeën door:
-privésfeer: salons en ko ehuizen (wetenschappers/ losofen bespraken openbaar hun ideeën)
-publieke domein: toneel, boeken/tijdschriften, bibliotheken
Door de brede verspreiding moesten vorsten met absolutisme/droit divin ineens rekening gaan
houden met de publieke opinie —> vorsten kregen steeds meer kritiek —> vaak censuur op de
verspreiding vd ideeën (in Engeland en Republiek het minst erg)
Omzeilen censuur:
-kritiek indirect uiten inpv direct ( ctieve personen/situaties in boeken bijv)
-dubbelzinnige formuleringen (alleen de lezer begrijpt de boodschap)
-boeken illegaal/in het buitenland drukken (vooral Republiek en Engeland)
2 politieke reacties op de Verlichting:
-vasthouden absolutisme: censuur op verlichte ideeën (droit divin)
-verlicht absolutisme: verlichte elementen in het absolute bestuur —> rekening houden met
bevolking/andere koningen, kennis verspreiden —> gedaan door Frederik de Grote (Pruisen),
Catharina de Grote (Rusland)
5 De Onafhankelijkheidsoorlog van de VS
KA democratische revoluties
Oorzaken oorlog:
-breed verzet tegen nieuwe Britse belastingen —> nadat de Engelsen de 70-jarige oorlog wonnen
(Fransen + Indianen vs Engelsen) moesten de koloniën mee gaan betalen aan belastingen, zowel
bestaande als bijv nieuwe invoerrechten —> kolonisten boos want zij hadden geen
vertegenwoordiging in het Britse parlement —> ‘no taxation without representation’
-verlichte ideeën werden verspreid in de VS —> er kwam veel behoefte aan zelfbeschikking
ffi fi fi