Lymfoide weefsels/organen -> (vangnetten)
Primaire organen: Thymus en het beenmerg
Secundaire organen: 1. Spleen: Milt en beenmerg
2. Lymfeklieren
3. Tonsillen - Amandelen
Het grote deel van de lymfoide weefsels liggen in neus, keel en darmen omdat op deze
plaatsen de micro-organismen en bacteriën het lichaam binnen.
Antistoffen en B-lymfocyten (gevormd in beenmerg)
Antigeen (virus/bacterie) dringt binnen
->
1A B-lymfocyten worden geactiveerd, Snelle deling, klonen ontstaan en antistoffen gevormd
1B Antistoffen grijpen antigenen 2 tegelijk, vormen een complex, macrofagen
2. Het complex activeert leuko’s te fagocyteren
3. Opruimen van geïnfecteerde cellen door cytotoxische t-cellen
Ontwikkeling b en t lymfo’s:
1. Vormen miljoenen voor specifiek antigeen -> (specifieke afweer)
2. Gaan zich vermenigvuldigen
3. Komen in actie.
Soorten antistoffen behoren tot plasma eiwitten-> eiwitten in de lymfe
gammaglobuline of immunoglobuline
- Ig A -> slijmvlies, bevordert fagocytose, eerste verdedigingslinie
- Ig D -> komt nauwelijks voor, dient als antigeenreceptor.
-Ig M -> 5 IgG elementen, Infecties en ontstekingen
- Ig E -> allergieën , lage concentratie voor, maakt histamine vrij door mestcellen.
- Ig G -> als enige antistof het placenta passeren, door B-lymfocyt gemaakt en aan bloed
afgegeven, bestrijd bacteriën en virussen en toxines.
Antistof= anti lichaam = anti-body = sleutels= y-globuline = immunoglobulinen = IG
Een reactie tussen een anti stof en anti geen kan leiden tot:
Directe actiemechanismen:
- agglutinatie -> klontering
- lysis -> kapot maken (van membraam
Indirecte actiemechanismen:
- De verandering van de structuur zorgt voor bloedplasma-eiwitten vrijkomen (bloedstolling)
uit complementsysteem
, T-lymfocyten (en AIDS)
*T-lymfocyten worden gevormd in de thymus.
Soorten:
- Cytotoxische t-cellen: opruimen van geïnfecteerde cellen, hierbij komt perforine vrij.
Perforine maakt poriën in het celmembraan waardoor de inhoud van de zieke cel naar
buiten het weefselvocht instroomt.
- T- Helpercellen: stimuleren deling en functie van B-lymfocyten, cytotoxische t-lymfocyten
en deling van fagocyterende functie van macrofagen.
Zonder t-helpercellen is je immuunsysteem verlamd, bij AIDS worden alle t-helpercellen
vernietigd. Het HIV-virus is gericht op T-helpercellen.
Memory cells
-> aantal B en T-lymfocyten die overblijven wanneer het anti geen vernietigd is.
-> bij passieve immuniteit worden anti stoffen ingespoten, hierbij maakt het lichaam alleen
geen memory cells aan.
Vaccinatie
- Antigeen ingespoten -> antistoffen gemaakt -> memory cells gemaakt -> wanneer
pathogeen in komt.
- Passieve immuniteit -> antistoffen ingespoten -> bij ernstig zieke mensen -> hulp van korte
duur -> geen memorycells aangemaakt.
Ontsporing immuunsysteem Blz. 109
- Auto-immuunziekten: lichaam herkent eigen stof niet meer en vecht tegen zichzelf.
: meestal op adolescente leeftijd
: Diabetes 1: eilandjes Langerhans vernietigd,
: Reuma, MS
- Allergieën: overdreven respons op een bepaalde antigene prikkel -> overmaat aan IgE.
*Bij een anafylactische shock veroorzaakt door specifiek allergeen. Histamine productie
wordt opgang gebracht. In bloedbaan direct (bijensteek)
*Bij transplantaties worden immuunsysteem onderdrukkende medicijnen toegediend zodat
hij niet afgestoten wordt.
Synoniemen
Natuurlijk Adaptieve
Algemeen afweersysteem Specifieke afweersysteem (B en T lymfo’s)
Aangeboren Verworven
Fagocyten Sleutel -> slot.