Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Politiek en Politicologie - Social Work

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
17
Geüpload op
20-09-2019
Geschreven in
2019/2020

Samenvatting van hoofdstukken 1, 6, 7 en 9 uit het boek Politiek en Politicologie, vierde druk. Paragrafen 1.6/1.7, 7.5.3 en 9.11 missen. Stof wordt gebruikt bij Module Diversiteit & Inclusie, 2e leerjaar Social Work op de NHL Stenden.

Meer zien Lees minder
Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Politicologie hoofdstukken 1, 6, 7
en 9
Literatuur: Politiek en Politicologie, Edwin Woerdman. 4e druk.


Hoofdstuk 1 – Problemen, politiek en politicologie
1.1 Politieke problemen
Problemen zijn een politiek probleem als de overheid zich bemoeit met het voorkomen, verminderen
of oplossen van het probleem.

Mensen vinden normen en waarden en de manier waarop we samenwerken een groot
maatschappelijk probleem. Maar hiervoor kijken ze niet naar de politiek.

Politiek = een situatie waarbij overheid betrokken is of zou moeten zijn. (Van Deth & Vis)

Deze definitie kun je splitsen in 2 delen: 1 – politiek is een situatie waarbij overheid betrokken is.

2 – politiek heeft te maken met situaties waarbij overheid niet betrokken is, maar wel zou moeten
zijn.

Een situatie is een probleem als aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

- Mensen beschouwen de situatie als ongewenst
- Mensen denken de situatie te moeten en te kunnen veranderen.

Bij een probleem zien mensen eerst discrepantie (een verschil) tussen bepaalde (feitelijke of
ervaren) situatie en een bepaalde norm of waarde.
Er is pas echt sprake van een probleem als mensen denken dat dit moet veranderen.
Problemen kennen 2 aspecten:
- De feitelijke werkelijkheid (objectief aspect)
- De werkelijkheid zoals die wordt ervaren (subjectief aspect), worden ook wel percepties
genoemd.
Percepties zijn belangrijk in de politiek, omdat deze uiteindelijk het (kies)gedrag van
mensen sturen.


De onenigheid over de overeenstemming van een politiek probleem heeft 3 oorzaken:
1 – Mensen hanteren verschillende normen om de werkelijkheid te beoordelen
2 – Mensen hanteren de objectieve werkelijkheid verschillend; hun oordeel is subjectief
3 – Mensen zijn het er niet over eens welke problemen er op de politieke agenda moeten.

1.2 Politiek en de overheid
De Overheid is de grootste werkgever van Nederland.
Burgers, bedrijven en organisaties wenden zich vaak tot de overheid voor een oplossing voor
hun problemen. De overheid is als enige bevoegd om wetten en regels te maken. de
wetgevende en rechtsprekende bevoegdheid van de overheid en haar geweldsmonopolie
wordt als legitiem ervaren.

, Politiek = het overheidsbeleid, alsmede de totstandkoming en de effecten daarvan.
(Hoogerwerf)

Politiek = elke mengeling van conflict en samenwerking. (Laver)
Conflicten worden vaak in de politiek uitgevochten. Ook samenwerking hoort bij politiek.
Maar niet elk conflict hoort in de politiek (voordringen bij de rij van de supermarkt
bijvoorbeeld).


1.3 Politiek en het verdelingsvraagstuk
De politiek besluit hoe het beschikbare overheidsgeld verdeeld wordt. Het
verdelingsvraagstuk beperkt zich niet tot financiën.

Politiek = wie krijgt wat, wanneer en hoe? (Lasswell) 1936
De definitie van Lasswell is te ruim omdat hij deze uitspraak ook bedoelt in bedrijven of het
gezinsleven. (Wie krijgt meer gehaktballetjes in de soep)?

Politiek = het vormen en verdelen van macht (Lasswell en Kaplan) 1950
Macht speelt een belangrijke rol in de politiek, toch is deze uitspraak te ruim.
Deze definitie is toepasbaar op ieder sociaal systeem en dus te ruim. Deze definitie perkt zich
tot het verdelen van macht. Al het andere dan macht is dan geen politiek.

Politiek = de gezaghebbende toedeling van waarden voor een samenleving (Easton)
Mensen streven 2 soorten waarden na:
- Materiële waarden: Voedsel en huisvesting (voorbeelden)
- Immateriële waarden: Vrijheid op straat en vrijheid van meningsuiting (voorbeelden).

Bindend = toedeling van waarden wordt dwingend opgelegd. Toedeling van waarden wordt
door de burgers geaccepteerd als zij deze toedeling als legitiem en rechtvaardig beschouwen.

Ook organisaties (bedrijven, kerken) wijzen gezaghebbende waarden toe aan de
samenleving. Volgens Easton is de politiek meer dan staatsoptreden of overheidsbeleid.
Maar zijn definitie is te ruim.


1.4 politiek en collectieve-actie problemen
In een collectieve-actieprobleem conflicteert het eigenbelang van elk individu in een
bepaalde mate met het eigenbelang van ieder ander individu. In dit belangenconflict zal elk
individu zijn eigenbelang nastreven. Het resultaat van deze keuzen is een situatie waarmee
niemands eigenbelang gediend is. Individuele rationaliteit botst met collectieve rationaliteit.
Als ze samen hadden gewerkt, was het resultaat beter.

Collectieve-actieproblemen kunnen zijn bij vrij toegankelijke goederen. Ze komen ook voor
bij publieke goederen, voorbeelden hiervan zijn dijken.
Publieke goederen zijn ondeelbaar & niet uitsluitbaarheid (niemand kan worden uitgesloten).

Semipublieke goederen (quasi-publieke goederen) zijn in bepaalde mate deelbaar en
uitsluitbaar. Voorbeeld is het openbaar vervoer.

,
, Politiek = het oplossen van collectieve-actieproblemen (Taylor).
3 manieren om collectieve-actieproblemen op te lossen:
- Overheidsingrijpen
- Verleiding om ‘’free-riden’’ verkleinen
- Moraal, normen, waarden en tradities

Overheidsingrijpen:
1. Fysieke instrumenten: zelf publieke goed produceren of te kopen, zoals de dijken.
2. Juridische en handhavingsinstrumenten: door te normeren met wetgeving, regulering en
handhaving. ‘’Command and control.’’ Uiterste geval = met geweld dwingen of samen te
werken.
3. Financieel-economische instrumenten: door subsidies te geven, belastingen en accijnzen
te heffen of boetes op te leggen. Subsidies zonnepanelen of boetes voor
snelheidsovertredingen.
4. Communicatieve of informatie instrumenten: Door burgers of bedrijven te beïnvloeden
en te informeren, zoals overheidscampagnes voor energiebesparing of tegen asociaal
gedrag.

Deze instrumenten werken het best in samenhang.

- Een sociologische benadering van collectieve-actieproblemen is tradities voorschrijven of
vrijwillig samenwerken. Overheidsinterventie is de enige garantie voor oplossen van
collectieve-actieproblemen.

- De verleiding om te free-riden mag niet te groot zijn. Economen bekijken collectieve-
actieproblemen in termen van kosten en baten.

- Politiek beperkt zich niet tot het oplossen van collectieve-actieproblemen. De politiek doet
méér zoals het toedelen van waarden.


1.5 Enkele kenmerken van politiek
Bij onderstaande punten wordt afgevaagd of dit een politiek probleem is.
Er zijn dilemma’s rondom de fundamentele waarden bij het maken van beleid.

- Publiek vs. Staat: Moet de staat ingrijpen? Wat zijn onze taken
- Democratie vs. Leiding: Macht bij de burgers of bij de Staat?
- Vrijheid vs. Gelijkheid: Hoe moeten middelen verdeeld worden?
- Eenheid vs. Verscheidenheid: Individuele vrijheid voorop of eenheid
samenleving?
- Idealisme vs. Realisme: Streven naar idealen voorop? Of streven naar haalbare
en realiteitszin hebben?
- Doelmatigheid vs. Aanvaardbaarheid: Moet het beleid doelmatig en rationeel
zijn of is draagvlak voor beleid belangrijkste?
- Orde vs. Verandering: Samenleving bestaande maatschappelijke orde handhaven
en langzaam aanpassen, of juist verandering nodig in de samenleving?

,Hoofdstuk 6 – Politieke partijen en belangengroepen
6.1 Partijen en belangengroepen in de praktijk
Volksvertegenwoordigers zijn georganiseerd in politieke partijen die kandidaten leveren voor
gemeenteraden, provinciale staten, de Eerste en Tweede Kamer en het Europees Parlement.



6.2 Definities politieke stroming, partij en belangengroep
Politieke stroming

In een politieke stroming komen mensen op voor bepaalde gemeenschappelijke, politieke
opvattingen. Bijvoorbeeld een ideologie, zoals de confessionele, liberale, feministische stroming.

Stromingen worden gekenmerkt door:

- Aanhang
- Continuïteit.
Politieke stromingen hebben continuïteit. Politieke opvattingen kunnen niet
zomaar opgeheven worden. Politieke stromingen blijven niet altijd bestaan, het
communisme is in Nederland verdwenen.


Politieke stroming = een geheel van wensen en opvattingen die mensen hebben over de manier
waarop ze hun toekomst gezamenlijk vorm willen geven. (Lucardie, 1992)

Politieke partij

Partijen zijn ontstaan door belangenconflicten. Partijen stellen kandidaten op. Maar sommige
partijen weigeren dit en boycotten de verkiezingen.

Politieke partij = elke politieke groepering die deelneemt aan verkiezingen en in staat is kandidaten
te leveren voor publieke functies.

Belangen- en pressiegroepen

Belangengroep = groep individuen die gezamenlijk optreden om een gemeenschappelijk belang te
behartigen.

Pressiegroep = een groep die het overheidsbeleid probeert te beïnvloeden zonder kandidaten te
stellen voor verkiezingen.

Kritiek: Ze proberen een onderdeel of aspect van het overheidsbeleid te beïnvloeden. Sommige
groepen zijn wel degelijk verantwoordelijk voor de uitvoering van een bepaald overheidsbeleid.

Niet iedere belangengroep is politiek actief.

Belangengroepen kunnen op verschillende manieren worden ingedeeld:

1. Sectorale belangengroepen
2. Ideële belangengroepen
3. Sociale bewegingen
4. Actiegroepen

, Sectorale belangengroepen
Behartigen de belangen van bepaalde sociaaleconomische categorie. FNV en CNV en de
Wegenwacht zijn voorbeelden hiervan. Ze worden pas politiek actief als de overheid
beleid voorbereidt dat de belangen van de organisatie raakt.

Ideële belangengroepen
Deze streven een bepaald ideaal na. Bijvoorbeeld Dierenbescherming en Artsen zonder
Grenzen.

Sociale bewegingen
Zijn gericht op maatschappelijke erkenning van bepaalde groepering of waarde.
Arbeidersbewegingen en de vrouwenbeweging bijvoorbeeld. Soms kunnen zij tot actie
overgaan.

Actiegroep
Hier richten ze zich op 1 specifiek beleidsonderwerk. Bijvoorbeeld meerdere
actiegroepen bij de Zwarte pieten discussie.


6.3 De partij in het politieke proces
Het begrip ‘politieke partij’ komt niet in de Grondwet voor. Dit heeft 2 oorzaken. 1 –
Kamerleden moesten tot de grondwetswijziging van 1983 ‘’zonder last of ruggespraak’’
stemmen. Dit werd uit de Grondwet gehaald om de indruk tegen te gaan dat Kamerleden
niet meer met hun partij mochten overleggen.
2 – Partijen moeten onafhankelijk tegenover de staat kunnen staan. De staat moet de
politieke partijen zoveel mogelijk ruimte bieden. Bij het begrip ‘politieke partij’ zou een
partij buiten de boot kunnen vallen. Wat niet gelijk is aan democratie.

Als je volksvertegenwoordiger wilt worden, moet je door 3 dingen heen:
1. Je moet door partij als verkiesbaar lid geworven worden (recrutering)
2. Je moet door de partij als kandidaat geselecteerd worden (selectie)
3. Er moeten genoeg kiezers op de partij stemmen.

Gekozen Kamerleden zijn gebonden aan het programma van de fractiediscipline van hun
partij. Wettelijk zou het parlement als geheel de regering moeten controleren. De
partijen die deel uitmaken van de regering, spelen onder 1 hoedje met het parlement. De
regeringspartijen staan tegenover de oppositiepartijen. Partijen leveren kandidaten voor
vertegenwoordigende organen. Partijen wegen verschillende belangen af door wensen
en eisen in 1 programma samen te brengen.



Verschillende soorten partijvormen:

- Kader- of elitepartij: Ontstaan vanuit politieke samenwerking tussen individuele
volksvertegenwoordigers. Kaderpartij heeft losse structuur en heeft minimale
partijorganisatie en vaak ook geen leden. Kwam veel voor in 19 e eeuw.
- Massapartij: ontstaan vanuit samenleving en treedt op als belangenbehartiger van bepaalde
sociale groepering. Heeft nauwe banden met andere maatschappelijke organisaties.

Gekoppeld boek

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
H1, h6, h7, h9
Geüpload op
20 september 2019
Aantal pagina's
17
Geschreven in
2019/2020
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$5.98
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF


Ook beschikbaar in voordeelbundel

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
Annaganzevoort NHL Stenden Hogeschool
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
16
Lid sinds
7 jaar
Aantal volgers
16
Documenten
1
Laatst verkocht
3 jaar geleden

5.0

1 beoordelingen

5
1
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen