Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Macht, Onmacht en Kracht 1 - Toetsstof

Beoordeling
4.5
(2)
Verkocht
4
Pagina's
30
Geüpload op
21-09-2019
Geschreven in
2019/2020

Hoi! Dit is mijn gehele samenvatting van alle literatuur bronnen en hoorcolleges van het vak ''Macht, onmacht en kracht 1''. Aan bod komen onderwerpen, zoals geweld, radicalisering, kindermishandeling, huiselijk geweld, pesten en allen in zeer uitgebreide vorm. Dit dient als geweldige voorbereiding op je toets. Feedback hoor ik graag van je!

Meer zien Lees minder
Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Begrippenlijst Macht onmacht kracht 1




Geweld
- Psychische structuur (id, ego, superego)

Psychische structuur
1. Id - onbewuste, bevat alleen nog maar driften. Gericht op bevrediging van de
behoeften die veroorzaakt worden door de driften en is georiënteerd op een
staat van lust. Primaire proces.

2. Ego - het Ik, staat voor rede en gezond verstand. Actief bij bewust redeneren,
afwegen en beslissingen nemen. Komt tot ontwikkeling in het eerste
levensjaar. Secundair proces. Is dominant over de primaire structuur van het
Id. Probeert de eisen van het Id en van de realiteit op elkaar af te stemmen.

3. Superego - geweten. Ontwikkelt zich uit het Ego. Het Ego gebruikt
verdedigingsmechanismen om zich te handhaven tussen de strijdige eisen
van de omgeving en het Id.

Ontwikkelingsfasen
Psychische ontwikkeling van kinderen verloopt in een vaste volgorde. Seksuele drift
ontwikkeld zich volgend op de lichamelijke ontwikkeling. De drift is verbonden met
een lichamelijke gebied (erogene zone) dat lust oplevert.

Twee verschillende mogelijkheden bij het niet harmonieus verlopen van de
driftontwikkeling:

1. Fixatie - kind blijft steken in een fase en weet het conflict onvoldoende op te
lossen.
2. Regressie - kind heeft al één of meerdere fasen doorlopen, maar valt terug in
een eerdere fase.

Ontwikkelingsfasen van een polymorf pervers (pasgeboren baby)

1. Orale fase: Mond is erogene zone (lichamelijk gebied)
2. Anale fase: Anus is erogene zone/vorming Ego  vanaf 9/12 maanden
3. Fallische fase: Geslachtsdeel is erogene zone
4. Oedipale fase: Identiteitsontwikkeling door oedipus  vanaf 3e en 4e jaar
ontstaat het Oedipuscomplex en Verdedigingsmechanismen.
5. Latentiefase: Emotionele rust, sublimeren van seksuele interesses  vanaf 6
jaar
6. Genitale fase: Volwassenheid, relaties  puberteit

,Klassieke theorie
Onbewuste mentale processen

 Bewuste = omvat alles wat op dat moment onder de aandacht afspeelt.

 Voorbewuste = speelt op dat moment niet onder de aandacht, maar die kun
je wel oproepen.

 Onbewuste = waar men niks van 'weet'. Vooral bij geboorte, bevat twee
aangeboren driften, levensdrift en doodsdrift. Cognitieve, emotionele en
motivationele processen bedoelt. Dromen, versprekingen of neurotisch
gedrag zijn altijd een compromis tussen de onbewuste wensen of
herinneringen en de censuur van het (voor)bewuste.

Primaire en secundaire proces

 Primaire proces: kenmerkt onbewuste. Kent alleen maar wensen en geen
waarden en normen. Lustprincipe: streeft naar verwerkelijking van de
wensen en mijdt onlust. Irrationeel, ongevoelig voor bewuste overwegingen
en redenen.

 Secundaire proces: kenmerkt (voor)bewuste. Gericht op doelmatigheid.
Organisme moet rekening houden met de realiteit, de eisen van de
buitenwereld. Alleen de wensen die rekening houden met de normen en
waarden van de buitenwereld, komen onder de aandacht van het bewuste.
Het secundaire proces kenmerkt zich door rationaliteit, door overwegingen:
wat wel en niet bereikt kan worden. Dit wordt daarom het realiteitsprincipe
genoemd.

Drift theorie
Freud gaat ervan uit dat mensen twee aangeboren basisdriften hebben die
tegengesteld zijn. Met deze theorie probeert hij de motivatie van mensen te
verklaren.

 Eros - seksueel en levensdrift. Gedrag dat als fijn en plezierig wordt ervaren.
Lustprincipe. Creatieve en conservatieve, niet alleen op bestaande, levende
eenheden in stand houden, van daaruit nieuwe dingen scheppen.

 Thanatos - doodsdrift. Agressieve en destructieve driften, ook driften die
gericht zijn op vermijden van spanning. Naar binnen gericht masochisme,
naar buiten gericht agressie. Mensen zijn tegelijkertijd goed en slecht.


Basisuitgangspunten Psychoanalyse
De psychoanalyse wordt ontwikkeld op basis van de ervaringen uit de hulpverlening.
Hierdoor ontstaat de theorieontwikkeling, waaruit zes basisuitgangspunten van de
psychoanalyse zijn voortgekomen. Deze zijn;

, 1. de subjectieve ervaringen van mensen.
2. dat wij lang niet altijd ons gedrag bewust aansturen.
3. van de veronderstelling dat mensen een onbewuste hebben.
4. het waarneembare (manifeste) gedrag van mensen en hun bewuste
gedachten en dromen bepaald worden door zowel hun onbewuste wensen als
door het feit dat ze deze niet accepteren.
5. Al ons gedrag heeft betekenis.
6. Ervaringen uit de eerste levensjaren bepalen in belangrijke mate de
persoonlijkheid van de volwassen persoon.

Hoe wordt een psychologische theorie ontworpen?
De psychologische theorie kan op twee manieren ontworpen worden;

1. Verzamelen van feiten, er wordt gezocht naar wetenschappelijke factoren die
de feiten verklaren. Op grond van deze bevindingen wordt een theorie
ontworpen.
2. Eerst een theorie ontwerpen en vervolgens kijken of en zo ja hoe de feiten
erin passen. Passen de feiten er niet in, dan wordt de theorie veranderd.

Freud koos de tweede. Het werk van Freud wordt op verschillende manier
geïnterpreteerd, o.a. doordat ze zo vaak veranderde. Twee belangrijke
wetenschapstheorieën die beïnvloeden:

1. Natuurwetenschappen.
2. Romantische benadering, aandacht voor het onbewuste. Kenmerkend, niet
zozeer het verstand rationaliteit bepaald het gedrag van de mens, maar een
irreële wil.

De hechtingstheorie van Bowlby
Er zijn vier grote verschillen met de psychoanalyse Freud:

1. Freud : terug redenerend  hermeneutische methode (depressie misschien
door jeugd) Bowlby : andersom, hij probeert aan de hand van jeugdervaringen
voorspellingen te doen over volwassen gedrag  mechanistische methode
(oorzakelijk, verklarend)
2. Bowlby : benadrukt wat werkelijk in de jeugd is gebeurd (kinderen beleven
gebeurtenissen secundair)
3. Bowlby : baseert op directe observaties van kinderen en niet op verhalen van
een volwassenen.
4. Bowlby : gebruikt kennis uit andere wetenschappen

Hechting: mechanistisch  aangeboren drift
Geen hechtingsfiguur (hospitalisering): protest (roept ouders, negeert personeel) 
terugtrekking  onthechting


Het hechtingsproces:
- Belang van moeder-kindinteractie

,- Achtmaandenangst, eerste acht maanden angst voor vreemden
- Volwassenen hebben aangeboren zorginstinct
- Matching van signalen tussen verzorger en kind, attunement
- Aangeboren gedragsrepertoire zoals huilen en lachen waarmee het kind interactie
kan uitlokken. Dit garandeert veiligheid voor het kind en aanwezigheid van de
volwassene.
- Slecht gehechte kinderen: apathie, boosheid, ambivalent gedrag. Goed gehechte
kinderen: glimlachen, naar ouder toegaan, begroeten

Onveilige hechting wordt voor altijd onbewust meegedragen. De hechting heeft
gevolgen voor het emotionele gedrag van later, in relaties met anderen. Hechting kan
belemmerd worden door hersenbeschadiging, door lichamelijke of psychische
problemen bij de ouders, door het liggen in een couveuse, psychiatrische problemen
bij de ouders (depressiviteit, verslaving).

Objectrelatietheorie
Verschil tussen de objectrelatietheorie en de klassieke psychoanalytische theorie:

1. Minder nadruk gelegd op de fantasie. Verschuiving van 'buiten' (echt gebeurd)
naar 'binnen' (fantasie)
2. Afstand genomen van het biologisch driftmodel. Driften ontstaan later en zijn
niet aangeboren. Gericht op objecten en minder aangestuurd door de wensen
om lusten te bevredigen.
3. Anders gekeken naar de psychosociale ontwikkeling van kinderen. Besteedt
meer aandacht aan de periode voorafgaand aan het Oedipus complex. Op
grond van observaties wordt geconcludeerd dat kinderen veel eerder hun
seksuele identiteit beseffen.

Uitgangspunten van de objectrelatietheorie

 Symbiotische relatie tussen moeder en kind. Kind ervaart zichzelf nog niet
als een zelfstandig individu.

 Separatie-individuatieproces - losmaking en een eigen identiteit krijgen.
Start verinnerlijken. Dit is nodig om los te maken van de symbiose en een
zelfstandig functionerend individu te worden.

 Transitionele objecten - tijdelijke vervanging van de moeder.

Drie consequenties van de objectrelatietheorie

Klassieke theorie = bron van angst hoort bij oedipuscomplex.
Objectrelatietheorie = angst al eerder in de ontwikkeling optreden.
Separatieangststoornis. Klassieke theorie = onbewust conflict is een strijd tussen
een impuls en een verbod. Objectrelatietheorie = onbewust conflict een strijd tussen
twee tegengestelde beelden van de objectrelatie. (Rigter – Hoofdstuk 2)

, De stadia van Erikson

Volgens Ericson ligt de volgorde van de ontwikkelingsstadia vast, maar heeft iedere
cultuur haar eigen tijdtafel. Erikson onderscheidt in de psychoseksuele en sociale
ontwikkeling tijdens te levensloop van de mens acht fasen. Deze fase zijn
voortgebouwd op de stadia van Freud.

Fase Leeftijd Ontwikkelingsprincipe
1. Oraal 0-1 Vertrouwen/wantrouwen
2. Anaal 1-3 Autonomie/schaamte
3. Fallisch/oedipaal 3-5 Initiatief/schuld
4. Latentie 6-11 Vlijt/minderwaardigheid
5. Genitaal/puberteit 12-19 Identiteit/rolverwarring
6. Jongvolwassenhei 20-30 Intimiteit/isolement
d
7. Volwassenheid 31-65 Generativiteit/isolement
8. Ouderdom 66+ Ego-integriteit/wanhoop

(Delfos – 4A)


- Verdedigingsmechanismen – neurotische, volwassen en primitieve

De psychoanalyse helpt ons anders tegen het gedrag van anderen aan te gaan
kijken. Het mechanisme dat herinneringen tegenhoudt, het verdedigingsmechanisme
genoemd, is belangrijk voor de hulpverlening. Drie typen verdedigingsmechanismen:

1. De volwassen verdedigingsmechanismen: altruïsme (eigenbelang
ondergeschikt maken aan belangen van anderen), humor, sublimatie
(onaanvaardbare wensen omzetten in sociaal aanvaardbaar gedrag,
bijvoorbeeld agressie omzetten in sport).
2. De neurotische verdedigingsmechanismen: weren onbewuste gedachten,
verdrongen gedachten kunnen terugkeren bijvoorbeeld bij het zien van een
film. Gevoelens behorende bij een bepaalde situatie kunnen verplaatst worden
naar een andere situatie of persoon. Gevoelens kunnen ook onbewust
verdrongen worden. Wegstoppen van herinneringen kan ook via: isoleren van
gevoel, somatiseren, vermijding, ongedaan maken, ageren, reactieformatie
(omkering tegendeel).
3. De primitieve verdedigingsmechanismen: splitsing (scheiding van goed en
slecht), projectie (gevoelens toeschrijven aan een ander), ontkenning.

(Rigter – hoofdstuk 2)

- Overdracht/tegenoverdracht

Overdracht en tegenoverdracht
Overdracht: Er is geen herinnering, maar wel een beleving in het hier en nu.
Boosheid van vroeger kan verplaatst worden naar boosheid op de therapeut. Dit is
belangrijk om conflicten uit de kindertijd opnieuw te laten beleven waardoor ze
alsnog verwerkt kunnen worden.

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
21 september 2019
Aantal pagina's
30
Geschreven in
2019/2020
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$4.72
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle 2 reviews worden weergegeven
5 jaar geleden

5 jaar geleden

4.5

2 beoordelingen

5
1
4
1
3
0
2
0
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
SFreud Hogeschool Rotterdam
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
430
Lid sinds
11 jaar
Aantal volgers
347
Documenten
16
Laatst verkocht
3 weken geleden

4.1

64 beoordelingen

5
18
4
37
3
9
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen