Introductie ECG
Circulatie en Ademhaling I
e
18 eeuw
Zintuigen als diagnostisch instrument: pols voelen en auscultatie, urine onderzoeken, inspectie.
Ogen, oren, vingers, reuk, smaak kunnen ziektes ontdekken. Eind 18 e eeuw gaan artsen nieuwe
technieken gebruiken. In Parijs ontstaan er ziekenhuizen die gericht zijn op het genezen van mensen.
De voorloper van de stethoscoop was een stuk hout, een pijp, die geluiden van de thorax versterkt.
Uitvinder hiervan was René Laennec, in 1816. Verschillende artsen gingen boeken schrijven over wat
ze hoorden. Hierdoor ontstonden duizenden verschillende geluiden.
Elk nieuw instrument leidt tot de discussie over hoe het instrument gebruikt moet worden. De
stethoscoop was belangrijk, maar was alleen maar een verlengstuk van onze zintuigen.
19e eeuw
Het is gedaan met de klassieke geneeskunde. De basis wordt nu gevormd door
natuurwetenschappelijke vakken. De kymograaf wordt uitgevonden door Carl Ludwig in 1847. Deze
kymograaf wordt gebruikt voor registratie van de bloeddruk.
Het meten van electrische activiteit van het hart:
Augustus D. Waller. Gebruikte de Lippman capillair elektrometer om het eerste
elektrocardiogram vast te leggen.
Hond wordt in twee bakken met fysiologisch zout gezet en sluit hier elektroden op aan. Deze
zitten weer aangesloten op een kwikmeter.
Willem Einthoven experimenteerde met capillair elektrometer en verbeterde de werking ervan. Hij
onderscheidde 5 golfen in het ECG: P, Q, R, S en T. Hij introduceerde de snaargalvanometer. 2
magneten waartussen een dun glasdraadje loopt. De draad wordt tot trillen gebracht doordat hij
verbonden wordt met een elektrode op een persoon.
1910-1930
ECG wordt gebruikt voor ritmestoornissen
- Thomas Lewis: de eerste ‘cardioloog’.
- Schrijft the mechanism and graphic registration of the heart beat.
- Apparaat bevestigt wat we al weten (polsdiagnostiek)
- Instrument is verlengstuk van onze zintuigen
Kwalitatieve veranderingen ECG als artefact: T-top. (T-top wijst bij de meesten naar boven, maar
soms ook naar beneden).
Angina Pectoris (1900)
- Kennis is gebaseerd op Pathologische anatomie
- A. Coronaria afgesloten
- Geen duidelijk verband tussen klinische symptomen en bevindingen autopsie.
- Dierexperiment liet wel zien dat: afsluiting coronairvaten leidt tot de dood.
- Op dat moment werd niet bedacht dat Angina Pectoris samenhangt met afsluiting van
coronairvaten.
Angina Pectoris rond 1920
- De interpretatie van kwalitatieve veranderingen van het ECG
- De omgekeerde T-top wijst op coronair trombose (Herrick)
- Nieuw paradigma: laat de waarneming over aan het apparaat
Circulatie en Ademhaling I
e
18 eeuw
Zintuigen als diagnostisch instrument: pols voelen en auscultatie, urine onderzoeken, inspectie.
Ogen, oren, vingers, reuk, smaak kunnen ziektes ontdekken. Eind 18 e eeuw gaan artsen nieuwe
technieken gebruiken. In Parijs ontstaan er ziekenhuizen die gericht zijn op het genezen van mensen.
De voorloper van de stethoscoop was een stuk hout, een pijp, die geluiden van de thorax versterkt.
Uitvinder hiervan was René Laennec, in 1816. Verschillende artsen gingen boeken schrijven over wat
ze hoorden. Hierdoor ontstonden duizenden verschillende geluiden.
Elk nieuw instrument leidt tot de discussie over hoe het instrument gebruikt moet worden. De
stethoscoop was belangrijk, maar was alleen maar een verlengstuk van onze zintuigen.
19e eeuw
Het is gedaan met de klassieke geneeskunde. De basis wordt nu gevormd door
natuurwetenschappelijke vakken. De kymograaf wordt uitgevonden door Carl Ludwig in 1847. Deze
kymograaf wordt gebruikt voor registratie van de bloeddruk.
Het meten van electrische activiteit van het hart:
Augustus D. Waller. Gebruikte de Lippman capillair elektrometer om het eerste
elektrocardiogram vast te leggen.
Hond wordt in twee bakken met fysiologisch zout gezet en sluit hier elektroden op aan. Deze
zitten weer aangesloten op een kwikmeter.
Willem Einthoven experimenteerde met capillair elektrometer en verbeterde de werking ervan. Hij
onderscheidde 5 golfen in het ECG: P, Q, R, S en T. Hij introduceerde de snaargalvanometer. 2
magneten waartussen een dun glasdraadje loopt. De draad wordt tot trillen gebracht doordat hij
verbonden wordt met een elektrode op een persoon.
1910-1930
ECG wordt gebruikt voor ritmestoornissen
- Thomas Lewis: de eerste ‘cardioloog’.
- Schrijft the mechanism and graphic registration of the heart beat.
- Apparaat bevestigt wat we al weten (polsdiagnostiek)
- Instrument is verlengstuk van onze zintuigen
Kwalitatieve veranderingen ECG als artefact: T-top. (T-top wijst bij de meesten naar boven, maar
soms ook naar beneden).
Angina Pectoris (1900)
- Kennis is gebaseerd op Pathologische anatomie
- A. Coronaria afgesloten
- Geen duidelijk verband tussen klinische symptomen en bevindingen autopsie.
- Dierexperiment liet wel zien dat: afsluiting coronairvaten leidt tot de dood.
- Op dat moment werd niet bedacht dat Angina Pectoris samenhangt met afsluiting van
coronairvaten.
Angina Pectoris rond 1920
- De interpretatie van kwalitatieve veranderingen van het ECG
- De omgekeerde T-top wijst op coronair trombose (Herrick)
- Nieuw paradigma: laat de waarneming over aan het apparaat