GG 1TM15
Taak 1A
Goedgebekt zijn.
● Goed kunnen spreken/niet op je mondje gevallen zijn
Dat is wassen neus.
● Dat stelt niets voor
Een ongeluk komt zelden alleen.
● Als er iets tegenzit, volgen er vaak meer tegenslagen
Met azijn vang je geen vliegen.
● met onaardige woorden bereik je niks
Mijn opa zei altijd, ¨Arbeid adelt¨.
● hard werken is goed voor je.
Je moet geen appels met peren vergelijken.
● geen onvergelijkbare dingen met elkaar vergelijken.
Die nieuwe salesmanager is uit hetzelfde hout gesneden als ivo.
● heeft dezelfde eigenschappen.
Dat is een teer punt.
● een gevoelige zaak.
Zij willen iemand de zwartepiet toespelen.
● proberen de schuld te geven aan iemand anders.
Wat het zwaarst is, moet het zwaarst wegen.
● wat het belangrijkst is moet voorrang hebben
Taak 1B
Moeilijke keus tussen twee dingen
● Dillema
Verdrag tussen landen
● pact
Het namaken met spot
● parodie
Zin om iets te gaan doen
● animo
uitsluiting van handel
● boycot
een strafbaar feit
● delict
en korte bekendmaking
● bulletin
en toevallige gebeurtenis
● incident
,een voorwerp dat geluk brengt
● mascotte
een Prijsopgave
● offerte
Taak 1 C
Lief en leed delen.
Iemand over de hekel halen.
● scherpe wijze beoordelen.
Vuur spuwen.
● boos tekeer gaan.
Achter het net vissen.
Over koetjes en kalfjes praten.
Iemand met bezoek vereren.
Genoegen met iets nemen.
Het naadje van de kous willen weten.
Geloof aan iets hechten.
Hij moest het gelag betalen.
1G 2j 3d 4i 5 a 6h 7c 8e 9f 10b
Taak 2 b
Frappant
● Treffend / verrassend
Inventief
● Vindingrijk
Flexibel
● Meegaand
Facultatief
● Niet verplicht
, Geciviliseerd
● Beschaafd
Infantiel
● Kinderlijk
Magistraal
● Heel erg goed
Loyaal
● Trouw
Mentaal
● Geestelijk
Abominabel
● Heel slecht
Taak 2 C
Iets verdwijnt als sneeuw voor de zon.
Oefening baart kunst.
Bij iemand in het krijt staan.
Een oogje in het zeil houden.
Niet op zijn mondje gevallen zijn.
Met man en muis vergaan.
Er met de pet naar gooien.
● niet voor inspannen.
Die vlieger gaat niet op.
Iets uit je duim zuigen.
Iets hals over kop doen.
Taak 1A
Goedgebekt zijn.
● Goed kunnen spreken/niet op je mondje gevallen zijn
Dat is wassen neus.
● Dat stelt niets voor
Een ongeluk komt zelden alleen.
● Als er iets tegenzit, volgen er vaak meer tegenslagen
Met azijn vang je geen vliegen.
● met onaardige woorden bereik je niks
Mijn opa zei altijd, ¨Arbeid adelt¨.
● hard werken is goed voor je.
Je moet geen appels met peren vergelijken.
● geen onvergelijkbare dingen met elkaar vergelijken.
Die nieuwe salesmanager is uit hetzelfde hout gesneden als ivo.
● heeft dezelfde eigenschappen.
Dat is een teer punt.
● een gevoelige zaak.
Zij willen iemand de zwartepiet toespelen.
● proberen de schuld te geven aan iemand anders.
Wat het zwaarst is, moet het zwaarst wegen.
● wat het belangrijkst is moet voorrang hebben
Taak 1B
Moeilijke keus tussen twee dingen
● Dillema
Verdrag tussen landen
● pact
Het namaken met spot
● parodie
Zin om iets te gaan doen
● animo
uitsluiting van handel
● boycot
een strafbaar feit
● delict
en korte bekendmaking
● bulletin
en toevallige gebeurtenis
● incident
,een voorwerp dat geluk brengt
● mascotte
een Prijsopgave
● offerte
Taak 1 C
Lief en leed delen.
Iemand over de hekel halen.
● scherpe wijze beoordelen.
Vuur spuwen.
● boos tekeer gaan.
Achter het net vissen.
Over koetjes en kalfjes praten.
Iemand met bezoek vereren.
Genoegen met iets nemen.
Het naadje van de kous willen weten.
Geloof aan iets hechten.
Hij moest het gelag betalen.
1G 2j 3d 4i 5 a 6h 7c 8e 9f 10b
Taak 2 b
Frappant
● Treffend / verrassend
Inventief
● Vindingrijk
Flexibel
● Meegaand
Facultatief
● Niet verplicht
, Geciviliseerd
● Beschaafd
Infantiel
● Kinderlijk
Magistraal
● Heel erg goed
Loyaal
● Trouw
Mentaal
● Geestelijk
Abominabel
● Heel slecht
Taak 2 C
Iets verdwijnt als sneeuw voor de zon.
Oefening baart kunst.
Bij iemand in het krijt staan.
Een oogje in het zeil houden.
Niet op zijn mondje gevallen zijn.
Met man en muis vergaan.
Er met de pet naar gooien.
● niet voor inspannen.
Die vlieger gaat niet op.
Iets uit je duim zuigen.
Iets hals over kop doen.