Hoofdstuk 1: inleiding ‘hersens op aan’
- Vanaf de middelbare school doet de puberteit zijn intrede en worden ouders bewust
naar de achtergrond gedrukt
- pubers kunnen hun ouders diep kwetsen doordat ze een andere positie krijgen
- leeftijdsgenoten zijn voor pubers van het grootste belang
- de rode draad tussen ouders en kind is contact
- na de puberteit is de relatie tussen ouders en kind meestal beter dan ooit
- communicatie met pubers is vaak duidelijk, zonder franje
- goede communicatie is wezenlijk
- communiceren met pubers is één van de meest leerzame, eerlijke en dynamische
communicatie die er bestaat
- in de puberteit moet men echt communiceren anders laat de puber dit duidelijk merken
- volwassenen zetten de hersenen van pubers vaak op ‘uit’ door ‘preken’
- echt communiceren betekent: hersenen op aan zetten van de ander
- volwassenen moet zijn kennis niet ‘spuien’, maar het denkproces van de jongeren door
middel van vragen begeleiden
- een houding van respect en bescheidenheid is nodig voor goede communicatie
- de eigen deskundigheid van de adolescent moet gerespecteerd worden
- de puber maakt een grote sprong in denken mee waardoor hij of zij plotseling alles
begrijpt (intellectuele vermogens neemt toe), adolescenten zijn echte denkers
- jongeren zijn onhandig in het omgaan met hun nieuwe mogelijkheden, de intellectuele
vaardigheden moeten worden geoefend
- door de socratische methode van vragen om nadere uitleg wordt het denkproces van
jongeren gestimuleerd
hoofdstuk 2: prepuberteit en puberteit ‘groei en ontwikkeling’
- de adolescentie omvat de periode van ongeveer 12 tot 25 jaar, waarvan de periode 12
tot 18 vaak de puberteit genoemd wordt
- de rijping van het centrale zenuwstelsel doet er 25 jaar over
- de puberteit begint met het inzetten via hormonen van grote lichamelijke veranderingen
die starten in de prepuberteit
- de puberteit kenmerkt zich door een relatief snelle overgang van kind naar volwassene
- de adolescentie kenmerkt zich door groei en ontwikkeling
- de groei vind vaak snel plaats: groeispurt
- aan de puberteit gaat de prepuberteit (eind basisschool, begin middelbare) vooraf
- tijdens de overgang naar voortgezet onderwijs staan 2 onderwerpen centraal: het
succes van de schoolcarrière en het ontwikkelen van een sociale identiteit
- de prepuber ontwikkelt een sociale identiteit: hoe zien mensen mij?
- de puber ontwikkelt een psychologische identiteit: wat vind ik van mijzelf?
- In de puberteit staan 3 thema’s centraal: zelfstandigheid, maatschappelijke taken,
seksualiteit
- een positieve sociale identiteit is het vangnet voor het goed doorkomen van de
puberteit
- door scholing wordt de puberteit verlengd (het wordt dan een niet-noodzakelijke fase)
- ouders moeten leren accepteren dat hun positie minder belangrijk wordt
- het zelfbeeld van de ouders staat onder de loep, dit is de reden dat de puberteit voor
ouders een zware periode is.
, - markers die de overgang van kind naar volwassene aangeven zijn: de voltooiing van de
opleiding, het aanvaarden van werk en het aangaan van seksueel contact
- de invloed van seks in de media is groot, kinderen kunnen geseksualiseerd raken en
vroeg gaan experimenteren met seksueel gedrag
- geslachtsrijp worden vindt gemiddeld plaats met 15 (meisjes) en 16 (jongens)
- een puber wilt zelfstandig worden van zijn ouders en beide moeten gelijkwaardig met
elkaar omgaan
- de volwassenwording is een verandering van binnenuit en van de omgeving
- de lichamelijke verandering staat in het eerste deel van de adolescentie centraal, de
beleving van het lichaam staat in het 2 e deel centraal
- verschijnselen die een rol spelen in de geslachtsrijping blz. 33
- Puberteit begint in de hersenen
- vanaf 7 jaar neemt de hormoonproductie toe (groeihormonen)
- vanaf 10 jaar bij meisjes rijping van de bijnier (adrenaline en emoties)
- rijpingsprocessen/ geslachtskenmerken jongens en meisjes blz. 34
- de geslachtsrijpheid wordt gestimuleerd door verschillende hormonen
- testosteron regelt de spiergroei, diepere stem (bij jongens hangt samen met agressie)
- oestrogeen regelt de menstruatie, vetontwikkeling en botgroei
- na de menopauze word progesteron meer omgezet in testosteron
- de vaak plotselinge lichamelijke groei zorgt voor een abrupt einde van de kindertijd en
markeert de overgang naar volwassene
- Het lengtewisseling tussen puber en ouder heeft ook gevolgen voor de rollen kind-ouder
- lengte speelt een belangrijke rol, de langste wordt meestal als de verantwoorde gezien
- vroegrijpe jongens en laatrijpe meisjes worden hoger gewaardeerd
- kind heeft behoefte te experimenteren met onafhankelijk zijn van de volwassene
- jongens hebben gewichtstoename door spierweefsel, meisjes door vetweefsel
- prepuberteit en puberteit zijn kritische perioden voor de ontwikkeling van
eetstoornissen
- anorexia nervosa treedt meestal al vroegtijdig op maar wordt pas veel later ontdekt
- anorexia nervosa is een ernstige aandoeding, met een hoge mortaliteit, voor meisjes in
de puberteit ligt het risico voor anorexia hoger dan in andere fasen
- hersenen vormen het besturingssysteem van de mens
- rond 7 jaar, de schanierleeftijd is er een grote toename van activiteit in de hersenen
- het toenemen van grijze en witte stof in de hersenen van de adolescent betekent meer
communicatie tussen de cellen, met 25 jaar zijn de hersenen uitgerijpt
- toename in hersenactiviteit en informatieverwerking en communicatie maken het
mogelijk om gegevens van voorafgaande jaren met elkaar in verband te brengen, is een
belangrijke stap in het vormen van intelligentie
- tijdens de prepuberteit is er een toename van geslachts- en groeihormonen
- hormonen in de prepuberteit zorgen voor een groeispurt, ontwikkeling van
geslachtsorganen en beïnvloeden stemming en gedrag
- geslachtsrijping heeft via hormonen invloed op stemming en gevoel
- emotionele cyclus = een hormonale grondtoon op basis waarvan dagelijkse
gebeurtenissen worden ontvangen (ligt aan je stemming hoe je een gebeurtenis op je
neemt)
- de omgeving spreekt de prepuber aan op diens uiterlijke verschijning