Klasse Psychopathologie Delictgedrag en kenmerken
1. Psychotische patiënt met meervoudige - As 1: 60% schizofrenie of andere Heel erg variabel in delicten (o.a. brand, ernstig geweld), met een wat
problematiek (donkerblauw) psychotische stoornis, 18% pervasieve gegerenalistisch delict patroon. Wordt vaak behandeld met medicatie voor de
ontwikkelingsstoornis, bv. autisme stoornissen. De doelgroep functioneert vaak relatief slecht in het dagelijks leven
- As 2: 40% persoonlijkheidsstoornis cluster B, (laagst van alle patiëntgroepen). Het is een vrij grote groep.
20% persoonlijkheidsstoornis NAO
3. Typisch psychotische patiënt (lichtblauw) - As 1: 80% schizofrenie of andere Nog meer sprake van schizofrenie op psychotische stoornis dan in klasse 1. Het
psychotische stoornis delict patroon is heel specialistisch, met name poging tot moord of doodslag. Dit
- As 2: 11% persoonlijkheidsstoornis cluster B; heeft vaak plaatsgevonden in een waan of hallucinatie. De meeste patiënten
43% persoonlijkheidsstoornis NAO krijgen medicatie en psycho-educatie voorgeschreven. Deze groep is het hoogst
opgeleid van de tbs-groepen.
2. Antisociale patiënt (oranje) - As 1: 82% aan middelen gebonden stoornis Dit is de allergrootste klasse in de tbs. Vaak gaat het hand in hand met verslaving.
- As 2: 90% persoonlijkheidsstoornis cluster B Er zijn overwegend zware delicten, moord, doodslag of poging tot. Veel hebben
een gezinsleven (kinderen, vrouw), dus op sociaal niveau functinoneren ze beter
dan de gemiddelde patiënt. Ze zijn vaak laag opgeleid, waardoor er bij
behandeling veel gefocust wordt op onderwijs en daarnaast ook agressieregultatie.
5. Onder invloed verkerende patiënt (geel) - As 1: 100% aan middelen gebonden stoornis Dit zijn eigenlijk alleen mannen. Alle delicten worden gepleegd wanneer ze onder
- As 2: 100% persoonlijkheidsstoornis NAO invloed zijn. Er is veel meer variate in de delicten (veel diefstal). Deze groep
functioneert het best op sociaal economisch vlak en heeft vaak een baan en gezin
voordat zij in detentie raken. Bij behandeling wordt eerst ingestoken op de
verslavingsproblematiek.
4. Patiënt met seksuele problematiek en - As 1: 100% seksuele stoornis of Deze groep binnen de tbs bestaat met name uit zedendelinquenten voor
delictgedrag (blauwgroen) genderidentiteitsstoornis minderjarigen, dus jongeren jonger dan 16 jaar met een leeftijdsverschil van 5 jaar
- As 2: 27% persoonlijkheidsstoornis cluster B; of meer. Het zijn allemaal blanke mannen van middelbare leeftijd en zijn allemaal
55% persoonlijkheidsstoornis NAO wat ouder. Ze hebben geen voorgeschiedenis met justitie of andere instellingen.
Behandeling is een uitdading omdat deze groep niet heel veel problemen laat zien.
Een voorbeeldbehandeling is schema-focused therapie.
6. Ontwikkelingsstoornissen (extra) De bovengenoemde 5 clusters dekken de lading wat behandelaars in de praktijk
zien niet. In deze extra zesde klasse vallen mensen met bijvoorbeeld
ontwikkelingsstoornissen bv. autisme spectrum stoornis of ADHD, welke toch weer
anders gekenmerkt zijn en dus ook een andere aanpak nodig hebben.
1
1. Psychotische patiënt met meervoudige - As 1: 60% schizofrenie of andere Heel erg variabel in delicten (o.a. brand, ernstig geweld), met een wat
problematiek (donkerblauw) psychotische stoornis, 18% pervasieve gegerenalistisch delict patroon. Wordt vaak behandeld met medicatie voor de
ontwikkelingsstoornis, bv. autisme stoornissen. De doelgroep functioneert vaak relatief slecht in het dagelijks leven
- As 2: 40% persoonlijkheidsstoornis cluster B, (laagst van alle patiëntgroepen). Het is een vrij grote groep.
20% persoonlijkheidsstoornis NAO
3. Typisch psychotische patiënt (lichtblauw) - As 1: 80% schizofrenie of andere Nog meer sprake van schizofrenie op psychotische stoornis dan in klasse 1. Het
psychotische stoornis delict patroon is heel specialistisch, met name poging tot moord of doodslag. Dit
- As 2: 11% persoonlijkheidsstoornis cluster B; heeft vaak plaatsgevonden in een waan of hallucinatie. De meeste patiënten
43% persoonlijkheidsstoornis NAO krijgen medicatie en psycho-educatie voorgeschreven. Deze groep is het hoogst
opgeleid van de tbs-groepen.
2. Antisociale patiënt (oranje) - As 1: 82% aan middelen gebonden stoornis Dit is de allergrootste klasse in de tbs. Vaak gaat het hand in hand met verslaving.
- As 2: 90% persoonlijkheidsstoornis cluster B Er zijn overwegend zware delicten, moord, doodslag of poging tot. Veel hebben
een gezinsleven (kinderen, vrouw), dus op sociaal niveau functinoneren ze beter
dan de gemiddelde patiënt. Ze zijn vaak laag opgeleid, waardoor er bij
behandeling veel gefocust wordt op onderwijs en daarnaast ook agressieregultatie.
5. Onder invloed verkerende patiënt (geel) - As 1: 100% aan middelen gebonden stoornis Dit zijn eigenlijk alleen mannen. Alle delicten worden gepleegd wanneer ze onder
- As 2: 100% persoonlijkheidsstoornis NAO invloed zijn. Er is veel meer variate in de delicten (veel diefstal). Deze groep
functioneert het best op sociaal economisch vlak en heeft vaak een baan en gezin
voordat zij in detentie raken. Bij behandeling wordt eerst ingestoken op de
verslavingsproblematiek.
4. Patiënt met seksuele problematiek en - As 1: 100% seksuele stoornis of Deze groep binnen de tbs bestaat met name uit zedendelinquenten voor
delictgedrag (blauwgroen) genderidentiteitsstoornis minderjarigen, dus jongeren jonger dan 16 jaar met een leeftijdsverschil van 5 jaar
- As 2: 27% persoonlijkheidsstoornis cluster B; of meer. Het zijn allemaal blanke mannen van middelbare leeftijd en zijn allemaal
55% persoonlijkheidsstoornis NAO wat ouder. Ze hebben geen voorgeschiedenis met justitie of andere instellingen.
Behandeling is een uitdading omdat deze groep niet heel veel problemen laat zien.
Een voorbeeldbehandeling is schema-focused therapie.
6. Ontwikkelingsstoornissen (extra) De bovengenoemde 5 clusters dekken de lading wat behandelaars in de praktijk
zien niet. In deze extra zesde klasse vallen mensen met bijvoorbeeld
ontwikkelingsstoornissen bv. autisme spectrum stoornis of ADHD, welke toch weer
anders gekenmerkt zijn en dus ook een andere aanpak nodig hebben.
1