SANCTIONERING
& EFFECTEN
HOORCOLLEGES & WERKCOLLEGES
Sumeyye Uysal
Leiden Universiteit | 2019
, Hoorcollege 1
Kennismaken
Wat verwachten we van dit vak? Wat is het doel van dit vak? Kijk in de E-studiegids voor het doel en de leerdoelen. We
vinden het belangrijk dat jullie iets weten over het penitentiaire recht/het sanctierecht en dat is vanuit het juridische
perspectief als vanuit een meer sociale perspectief belangrijk. Het doel is dat we hier kennis en inzicht in krijgen.
Doel van het vak:
Doel van het vak is het bieden van kennis van en inzicht in het wettelijk stelsel en de (internationale) praktijk van het
sanctioneren vanuit juridisch perspectief, kortgezegd het penitentiaire recht bestaande uit het opleggen en executeren van
strafrechtelijke sancties, en vanuit criminologisch perspectief, met de nadruk op de effecten van sanctionering.
Een opsomming van de leerdoelen
- U bent in staat door middel van het toepassen van het sanctierecht een casus op te lossen;
- U kunt de wisselwerking tussen de straftoemetingsbeslissing en -motivering en de ideeën hierover binnen de
publieke opinie en de politiek verklaren;
- U kunt een betrokkene binnen het gevangeniswezen adviseren omtrent het detentierecht;
- U kunt de (huidige) systematiek en juridische vormgeving van sancties en de executie daarvan beoordelen tegen
de (historische) achtergrond van maatschappelijke ontwikkelingen;
- U bent in staat een penitentiair position paper te schrijven, waarin u een wetenschappelijk betoog kunt bespreken
en becommentariëren vanuit het oogpunt van de ontwikkelingen in het sanctierecht.
Het is ook belangrijker dat we de wisselwerking tussen de straftoemetingsbeslissing enerzijds en de ideeën daarover binnen
de publieke opinie en de politiek kunnen verklaren en duiden. Dat we de politieke invloed op het sanctiestelsel inzien en
misschien dieper over gaan nadenken. Aan het einde van de cursus zouden we betrokkenen binnen de gevangenis of een
directeur kunnen adviseren over het detentierecht. Dat gaan we vooral in week 4 doen: het beklagrecht. Dit is een juridisch
deel van dit vak. Wat zijn de rechten en plichten van gedetineerden? We gaan ook kijken naar hoe dit past in een historische
context of een bepaalde ontwikkeling. Ten slotte, de penitentiair position paper te schrijven dat bestaat uit een
wetenschappelijk betoog dat we gaan becommentariëren.
We gaan juridische kennis opdoen. Dit is een introducerend vak. Dus aan de ene kant moet je kennis opdoen en aan de
andere kant moet je die kennis kunnen toepassen en verdiepen zodat je op een masterniveau komt. Je moet dus niet blijven
hangen in het kennis vergaren, maar ook niet onnodig veel in het verdiepen.
Juridisch gezien is het sanctierecht niet zo ingewikkeld. Het gaat om de context leren kennen. De wisselwerking en allerlei
politieke invloed maken het interessant. Wat doe je met iemand die de wet heeft overtreden? Hoe ga je daar sociologisch en
psychologisch mee om? Hoe ga je daar pedagogisch mee om? Allemaal context invloeden die uitmaken hoe wij uiteindelijk
ons sanctiestelsel inrichten. Wat betekent de manier en de context voor ons strafrecht als totaal recht? Het hele strafrecht is
ingericht om twee vragen te beantwoorden:
1. Heeft hij het gedaan? Bewijsrecht.
2. Wat doen we er dan mee? Sanctierecht.
Wat doen we met de kennis die we hebben over of het werkt of niet? We weten allemaal al jarenlang dat een
gevangenisstraf niet werkt. Mensen raken daardoor niet op het goede spoor. Toch leggen we nog steeds heel veel
gevangenisstraffen op. Waarom? Omdat re-integratie niet het enige doel is van het strafrecht. Juridisch is het dus niet
moeilijk, maar dit soort complicaties maken het interessant.
Wat is sanctierecht?
Soms noemen we het penitentiaire recht en soms detentierecht. Je kan zeggen dat sanctierecht de verzamelnaam is voor
alles wat plaatsvindt vanaf de vierde vraag uit art. 350 Sv: welke sanctie/straf kan worden opgelegd. Dus eigenlijk het
sanctiestelsel. Dit bevat maatregelen en straffen. Je hebt het dan ook over tbs, ISD en gevangenisstraffen etc. Dat hele
sanctiestelsel, de oplegging daarvan, etc. is sanctierecht. We zijn bij de oplegging van sancties uiteraard gebonden aan het
legaliteitsbeginsel uit art. 1 Sr. Je mag alleen sancties opleggen die in de wet staat. Hoe en wanneer dat kan valt ook in het
sanctierecht.
Dan is die straf opgelegd en wordt hij tenuitvoergelegd. Ook dat is sanctierecht. Hoe in je een geldboete? Hoe kan je een
taakstraf uitvoeren? Hoe zit het met tbs met verlof? Deze vragen spelen bij de executie. Ook daar is het niet moeilijk als je in
de regeling krijgt. Maar als je kijkt naar wel of geen verlof tijdens tbs of levenslange gevangenisstraf, etc. daar zijn hele
heldere regels voor. Als het op een casus komt lijken die regels echter niet heel makkelijk toepasbaar.
Als je nou gedetineerde bent en elke dag aardappelen te eten krijgt. Denk aan iets wat je vreselijk vindt om te eten en dat je
dat moet eten elke dag drie jaar lang. Dat is niet fijn. Kan je daar dan iets aandoen? Dat is detentierecht.
, Dit kan erg belangrijk zijn en invloed hebben op iemands leven. Wat kan je doen als je vindt dat je toegang moet krijgen door
een arts, omdat je je ziek voelt? Heb je hier een rechtspositie? Ja. Zij hebben rechten. Het zijn ook mensen.
Wat gebeurt er als je een straf opgelegd hebt gekregen? Helpt dat? Worden mensen minder crimineel? Andersom: wat voor
effect heeft het als je een strafblad hebt? Wat voor effect heeft het als je een gat in je cv hebt? Stel je hebt een relatie en
wilt trouwen, maar je komt erachter dat je partner anderhalf jaar in de gevangenis heeft gezegd. Dan reageer je toch een
beetje anders. Het effect van een straf kan interessant en belangrijk zijn. Als de neveneffecten slechter zijn dan de sancties
doe je oplegt moet je jezelf toch afvragen hoe je hiermee omgaat. Het is juridisch, criminologisch en sociaalwetenschappelijk
interessant.
Penitentiaire dillema’s: voortdurend zoeken naar evenwicht tussen
- Rechtmatigheid en doelmatigheid: je kunt wel zeggen dit moet je doen, maar als het een heel averechtse werking
heeft moet je je afvragen of het wel handig is te doen. Dat merk je juist in het sanctierecht. Het verschil tussen wat
wil je bereiken en rechtsbescherming, want ook gedetineerde hebben recht op eerbiediging van hun
mensenrechten. Bepaalde dingen snap je niet als je puur kijkt vanuit de instrumentaliteit.
- Instrumentaliteit en rechtsbescherming:
Enige tijd geleden ging Kim Kardashian in gesprek met president Trump. Ze hebben gepraat over prison reform en
sentencing. Dat is op bepaalde gebied wel nodig in Amerika. Het is dus erg belangrijk dat zelfs Trump zich hiermee
bezighoudt. In de meeting ging het over de zaak van een minderjarige die tot levenslang is veroordeeld. Inmiddels is
geoordeeld dat ze vrijkomt. Ze heeft minimaal 21 jaar gezeten en het gesprek tussen de twee heeft ernaar geleid dat ze
vrijkomt. Amerika is in die zin erg interessant. Gevangenissen/bestraffing etc. zijn eigen wel aantrekkelijk. Er zijn heel veel
series en films over gemaakt. Er is altijd wel iets op TV wat daarover gaat.
Als we over straffen nadenken, dus als werkwoord, niet over een sanctie. Het is dan goed om te beseffen dat we daar
voortdurend anders over nadenken. Het is goed om te beseffen dat wij de vraag ‘wat doe je als mensen zich niet aan de
regels houden’ steeds op een andere manier beantwoorden. Dat zegt heel veel over de tijd waarin je leeft. Het is belangrijk
om daarbij stil te staan. Er zijn een aantal perspectieven waar je naar zou kunnen kijken om de ontwikkelingen te zien.
Bijvoorbeeld: wat voor straffen heb je? Als je naar langer geleden krijgt zie je
veel lijfstraffen. Dat was de manier om te reageren op mensen die de fout
ingingen. Als je diefstal pleegde gingen je handen eraf, zodat je het niet meer
zou kunnen doen. Wat je ook zag was dat ze mensen uitstootten. Iets verderop
zien we de vrijheidsbeneming: hoe doen we dat wat doen we dan?
Tegenwoordig zie je meer de vrijetijdsbeneming. Iets als een taakstraf is niet
meer de beneming van zijn vrijheid, maar meer van zijn tijd. Daar zie je dus wat
voor soort straffen je hebt dat die te maken hebben met hoe je denkt over
straffen.
Een van de grote problemen/frustraties in de jeugdgevangenis was dat ze twee/drie/vier maanden niet verder met hun
games konden spelen en dat ze een bepaalde level verloren. Dat is voor heel veel mensen een belangrijk aspect. Ook dit
wordt gevoeld als een straf. In de 18e eeuw hebben ze hier natuurlijk niet over nagedacht. De discussie of je een geldboete,
taakstraf of gevangenisstraf oplegt speelt ook mee bij de persoon van de dader. Als iemand heel rijk is, is een geldboete niet
erg nuttig. Ook als iemand werkeloos is, heeft het zitten in een cel niet veel effect. Thuis zitten of in een cel zitten: wat
maakt het uit. Daarnaast zijn er kringen waarbij eventjes binnen zitten juist stoer is: dan is een taakstraf in zijn eigen
omgeving effectiever.
Student: een lijfstraf, waarbij iemand zijn hand wordt afgehakt, lijkt me effectiever dan een gevangenisstraf waarbij we zien
dat de recidive cijfers erg hoog liggen. Hoe verhoudt dit zich dan tot de 18e en 19e eeuw?
Wat is je doel? Als jouw doel bestraffing en effectiviteit is, is de enige oplossing de doodstraf. Dan kan iemand niet
recidiveren. Als dat je enige doel is dan. Ook hier speelt dus de vraag naar het doel van straffen. In de 18e eeuw was dat het
doel. Effectiviteit is een van de doelen en de vraag is hoever je dat laat doorspelen. Hoe pas je de straf aan naar het doel dat
je wilt bereiken?
De verbinding tussen tijd en cultuur zie je ook terug bij de doelen. Ga je uit van preventie of vergelding van de daad? Wil je
daad vergelden? Wil je de dader verbeteren of zorgen dat hij niets meer doet? Opsluiten is in die zin effectief, want dan kan
hij het niet meer doen. Je ziet ook door de tijd heen hier een verschuiving. Vroeger werd veel gekeken naar de daad en
vergelding. Er waren hoge gevangenisstraffen en nu is het meer preventief. Hoe kan je ervoor zorgen dat de dader het niet
meer doet? Dan moet je kijken naar de oorzaak van strafbaar gedrag. Ook daar zie je weer allerlei ontwikkelingen.
Waar je ook een ontwikkeling ziet is wie de straf bepaalt. Heel lang geleden was het de keizer, die bepaalde de straf. Gaat
iemand dood of niet? Het was iemand die bepaalt wat er gebeurt. Je ziet ook burgemeesters, koningen, presidenten, etc.
& EFFECTEN
HOORCOLLEGES & WERKCOLLEGES
Sumeyye Uysal
Leiden Universiteit | 2019
, Hoorcollege 1
Kennismaken
Wat verwachten we van dit vak? Wat is het doel van dit vak? Kijk in de E-studiegids voor het doel en de leerdoelen. We
vinden het belangrijk dat jullie iets weten over het penitentiaire recht/het sanctierecht en dat is vanuit het juridische
perspectief als vanuit een meer sociale perspectief belangrijk. Het doel is dat we hier kennis en inzicht in krijgen.
Doel van het vak:
Doel van het vak is het bieden van kennis van en inzicht in het wettelijk stelsel en de (internationale) praktijk van het
sanctioneren vanuit juridisch perspectief, kortgezegd het penitentiaire recht bestaande uit het opleggen en executeren van
strafrechtelijke sancties, en vanuit criminologisch perspectief, met de nadruk op de effecten van sanctionering.
Een opsomming van de leerdoelen
- U bent in staat door middel van het toepassen van het sanctierecht een casus op te lossen;
- U kunt de wisselwerking tussen de straftoemetingsbeslissing en -motivering en de ideeën hierover binnen de
publieke opinie en de politiek verklaren;
- U kunt een betrokkene binnen het gevangeniswezen adviseren omtrent het detentierecht;
- U kunt de (huidige) systematiek en juridische vormgeving van sancties en de executie daarvan beoordelen tegen
de (historische) achtergrond van maatschappelijke ontwikkelingen;
- U bent in staat een penitentiair position paper te schrijven, waarin u een wetenschappelijk betoog kunt bespreken
en becommentariëren vanuit het oogpunt van de ontwikkelingen in het sanctierecht.
Het is ook belangrijker dat we de wisselwerking tussen de straftoemetingsbeslissing enerzijds en de ideeën daarover binnen
de publieke opinie en de politiek kunnen verklaren en duiden. Dat we de politieke invloed op het sanctiestelsel inzien en
misschien dieper over gaan nadenken. Aan het einde van de cursus zouden we betrokkenen binnen de gevangenis of een
directeur kunnen adviseren over het detentierecht. Dat gaan we vooral in week 4 doen: het beklagrecht. Dit is een juridisch
deel van dit vak. Wat zijn de rechten en plichten van gedetineerden? We gaan ook kijken naar hoe dit past in een historische
context of een bepaalde ontwikkeling. Ten slotte, de penitentiair position paper te schrijven dat bestaat uit een
wetenschappelijk betoog dat we gaan becommentariëren.
We gaan juridische kennis opdoen. Dit is een introducerend vak. Dus aan de ene kant moet je kennis opdoen en aan de
andere kant moet je die kennis kunnen toepassen en verdiepen zodat je op een masterniveau komt. Je moet dus niet blijven
hangen in het kennis vergaren, maar ook niet onnodig veel in het verdiepen.
Juridisch gezien is het sanctierecht niet zo ingewikkeld. Het gaat om de context leren kennen. De wisselwerking en allerlei
politieke invloed maken het interessant. Wat doe je met iemand die de wet heeft overtreden? Hoe ga je daar sociologisch en
psychologisch mee om? Hoe ga je daar pedagogisch mee om? Allemaal context invloeden die uitmaken hoe wij uiteindelijk
ons sanctiestelsel inrichten. Wat betekent de manier en de context voor ons strafrecht als totaal recht? Het hele strafrecht is
ingericht om twee vragen te beantwoorden:
1. Heeft hij het gedaan? Bewijsrecht.
2. Wat doen we er dan mee? Sanctierecht.
Wat doen we met de kennis die we hebben over of het werkt of niet? We weten allemaal al jarenlang dat een
gevangenisstraf niet werkt. Mensen raken daardoor niet op het goede spoor. Toch leggen we nog steeds heel veel
gevangenisstraffen op. Waarom? Omdat re-integratie niet het enige doel is van het strafrecht. Juridisch is het dus niet
moeilijk, maar dit soort complicaties maken het interessant.
Wat is sanctierecht?
Soms noemen we het penitentiaire recht en soms detentierecht. Je kan zeggen dat sanctierecht de verzamelnaam is voor
alles wat plaatsvindt vanaf de vierde vraag uit art. 350 Sv: welke sanctie/straf kan worden opgelegd. Dus eigenlijk het
sanctiestelsel. Dit bevat maatregelen en straffen. Je hebt het dan ook over tbs, ISD en gevangenisstraffen etc. Dat hele
sanctiestelsel, de oplegging daarvan, etc. is sanctierecht. We zijn bij de oplegging van sancties uiteraard gebonden aan het
legaliteitsbeginsel uit art. 1 Sr. Je mag alleen sancties opleggen die in de wet staat. Hoe en wanneer dat kan valt ook in het
sanctierecht.
Dan is die straf opgelegd en wordt hij tenuitvoergelegd. Ook dat is sanctierecht. Hoe in je een geldboete? Hoe kan je een
taakstraf uitvoeren? Hoe zit het met tbs met verlof? Deze vragen spelen bij de executie. Ook daar is het niet moeilijk als je in
de regeling krijgt. Maar als je kijkt naar wel of geen verlof tijdens tbs of levenslange gevangenisstraf, etc. daar zijn hele
heldere regels voor. Als het op een casus komt lijken die regels echter niet heel makkelijk toepasbaar.
Als je nou gedetineerde bent en elke dag aardappelen te eten krijgt. Denk aan iets wat je vreselijk vindt om te eten en dat je
dat moet eten elke dag drie jaar lang. Dat is niet fijn. Kan je daar dan iets aandoen? Dat is detentierecht.
, Dit kan erg belangrijk zijn en invloed hebben op iemands leven. Wat kan je doen als je vindt dat je toegang moet krijgen door
een arts, omdat je je ziek voelt? Heb je hier een rechtspositie? Ja. Zij hebben rechten. Het zijn ook mensen.
Wat gebeurt er als je een straf opgelegd hebt gekregen? Helpt dat? Worden mensen minder crimineel? Andersom: wat voor
effect heeft het als je een strafblad hebt? Wat voor effect heeft het als je een gat in je cv hebt? Stel je hebt een relatie en
wilt trouwen, maar je komt erachter dat je partner anderhalf jaar in de gevangenis heeft gezegd. Dan reageer je toch een
beetje anders. Het effect van een straf kan interessant en belangrijk zijn. Als de neveneffecten slechter zijn dan de sancties
doe je oplegt moet je jezelf toch afvragen hoe je hiermee omgaat. Het is juridisch, criminologisch en sociaalwetenschappelijk
interessant.
Penitentiaire dillema’s: voortdurend zoeken naar evenwicht tussen
- Rechtmatigheid en doelmatigheid: je kunt wel zeggen dit moet je doen, maar als het een heel averechtse werking
heeft moet je je afvragen of het wel handig is te doen. Dat merk je juist in het sanctierecht. Het verschil tussen wat
wil je bereiken en rechtsbescherming, want ook gedetineerde hebben recht op eerbiediging van hun
mensenrechten. Bepaalde dingen snap je niet als je puur kijkt vanuit de instrumentaliteit.
- Instrumentaliteit en rechtsbescherming:
Enige tijd geleden ging Kim Kardashian in gesprek met president Trump. Ze hebben gepraat over prison reform en
sentencing. Dat is op bepaalde gebied wel nodig in Amerika. Het is dus erg belangrijk dat zelfs Trump zich hiermee
bezighoudt. In de meeting ging het over de zaak van een minderjarige die tot levenslang is veroordeeld. Inmiddels is
geoordeeld dat ze vrijkomt. Ze heeft minimaal 21 jaar gezeten en het gesprek tussen de twee heeft ernaar geleid dat ze
vrijkomt. Amerika is in die zin erg interessant. Gevangenissen/bestraffing etc. zijn eigen wel aantrekkelijk. Er zijn heel veel
series en films over gemaakt. Er is altijd wel iets op TV wat daarover gaat.
Als we over straffen nadenken, dus als werkwoord, niet over een sanctie. Het is dan goed om te beseffen dat we daar
voortdurend anders over nadenken. Het is goed om te beseffen dat wij de vraag ‘wat doe je als mensen zich niet aan de
regels houden’ steeds op een andere manier beantwoorden. Dat zegt heel veel over de tijd waarin je leeft. Het is belangrijk
om daarbij stil te staan. Er zijn een aantal perspectieven waar je naar zou kunnen kijken om de ontwikkelingen te zien.
Bijvoorbeeld: wat voor straffen heb je? Als je naar langer geleden krijgt zie je
veel lijfstraffen. Dat was de manier om te reageren op mensen die de fout
ingingen. Als je diefstal pleegde gingen je handen eraf, zodat je het niet meer
zou kunnen doen. Wat je ook zag was dat ze mensen uitstootten. Iets verderop
zien we de vrijheidsbeneming: hoe doen we dat wat doen we dan?
Tegenwoordig zie je meer de vrijetijdsbeneming. Iets als een taakstraf is niet
meer de beneming van zijn vrijheid, maar meer van zijn tijd. Daar zie je dus wat
voor soort straffen je hebt dat die te maken hebben met hoe je denkt over
straffen.
Een van de grote problemen/frustraties in de jeugdgevangenis was dat ze twee/drie/vier maanden niet verder met hun
games konden spelen en dat ze een bepaalde level verloren. Dat is voor heel veel mensen een belangrijk aspect. Ook dit
wordt gevoeld als een straf. In de 18e eeuw hebben ze hier natuurlijk niet over nagedacht. De discussie of je een geldboete,
taakstraf of gevangenisstraf oplegt speelt ook mee bij de persoon van de dader. Als iemand heel rijk is, is een geldboete niet
erg nuttig. Ook als iemand werkeloos is, heeft het zitten in een cel niet veel effect. Thuis zitten of in een cel zitten: wat
maakt het uit. Daarnaast zijn er kringen waarbij eventjes binnen zitten juist stoer is: dan is een taakstraf in zijn eigen
omgeving effectiever.
Student: een lijfstraf, waarbij iemand zijn hand wordt afgehakt, lijkt me effectiever dan een gevangenisstraf waarbij we zien
dat de recidive cijfers erg hoog liggen. Hoe verhoudt dit zich dan tot de 18e en 19e eeuw?
Wat is je doel? Als jouw doel bestraffing en effectiviteit is, is de enige oplossing de doodstraf. Dan kan iemand niet
recidiveren. Als dat je enige doel is dan. Ook hier speelt dus de vraag naar het doel van straffen. In de 18e eeuw was dat het
doel. Effectiviteit is een van de doelen en de vraag is hoever je dat laat doorspelen. Hoe pas je de straf aan naar het doel dat
je wilt bereiken?
De verbinding tussen tijd en cultuur zie je ook terug bij de doelen. Ga je uit van preventie of vergelding van de daad? Wil je
daad vergelden? Wil je de dader verbeteren of zorgen dat hij niets meer doet? Opsluiten is in die zin effectief, want dan kan
hij het niet meer doen. Je ziet ook door de tijd heen hier een verschuiving. Vroeger werd veel gekeken naar de daad en
vergelding. Er waren hoge gevangenisstraffen en nu is het meer preventief. Hoe kan je ervoor zorgen dat de dader het niet
meer doet? Dan moet je kijken naar de oorzaak van strafbaar gedrag. Ook daar zie je weer allerlei ontwikkelingen.
Waar je ook een ontwikkeling ziet is wie de straf bepaalt. Heel lang geleden was het de keizer, die bepaalde de straf. Gaat
iemand dood of niet? Het was iemand die bepaalt wat er gebeurt. Je ziet ook burgemeesters, koningen, presidenten, etc.