Corporate Communicatie
Week 45(1) -
Hoofdstuk 4: Communicatie in organisaties:
Communicatie: de productie, uitwisseling en betekenisgeving van boodschappen tussen mensen, die
plaatsvinden binnen een context van informationele, relationele en situationele factoren, met als
doel elkaar te beïnvloeden.
5 benaderingen van communicatiemanagement
Informationele Persuasieve Relationele Interpretatieve Kritische
benadering benadering benadering benadering benadering
Kernbegrip Informatie Cognities Relaties Betekenissen Macht
Functie van Overdracht Beinvloeding Relationeel Betekenisconstruerend Cultureel
communicatie
Analyse niveau Overdrachtsproces Doelgroepen Subsystemen Sociale actoren Samenleving
Dominante Voorlichting (en Reclame PR Interne comm. Onderstroom in
specialisme interne comm) alle vormen
Kernvraag Hoe bereik ik mijn Onder welke Hoe ontwikkel Hoe construeren personen Wat zijn de
doelgroep? condities ik een in en om de organisatie met gevolgen voor
bereik ik communicatie- elkaar, betekenis over de de samenleving
beoogd effect systeem om hen omringende van de
bij mijn langdurige werkelijkheid? communicatie
doelgroep? relaties te management?
onderhouden
met
stakeholders?
Binnen de interne communicatie domineren 2 benaderingen:
De informationele benadering(actie-visie) & interpretatieve benadering(interpretatieve benadering)
Uiteenlopende definities die voor interne comm zijn bedacht zijn te rubriceren naar interne
communicatie als 1)transport en 2)als alle communicatie binnen de organisatie.
- Interne comm gebasseerd op transport komt het meest voor
- Interne comm gebasseerd op alle comm binnen de organisatie gaat er vanuit dat communicatie
inherent is aan de mens. Door comm scheppen zij hun organisationele realiteit en verlenen zij
betekenis aan de organisatorische werkelijkheid om hen heen.
Interne communicatie: een proces van continue uitwisseling van boodschappen en de
betekenisgeving daarvan tussen personen die beroepshalve betrokken zijn bij de organisatie
, Deze omschrijving heeft 5 kernaspecten:
1. Continue uitwisseling van boodschappen(informationele of actie-benadering):
betrekking op overdracht en doorstroming
2. De betekenis van de boodschap(interpretatieve of interactie-benadering):
zender geeft een duiding, betekenis aan boodschap door deze op een bepaalde manier te
formuleren. Deze weerspiegelt zijn gedachte hoe de werkelijkheid eruit ziet.
3. Een proces (…) tussen personen: Communicatief gedrag staat centraal.
verwijst naar interactie en samenwerking tussen mensen.
4. Mensen die beroepshalve betrokken zijn bij de organisatie
5. De organisatie:
het samenspel tussen 6 variabelen van de Leidse octaëder
(doelen, strategie, structuur, cultuur, technologie, mensen in de org)
DOELEN VAN INTERNE COMMUNCIATIE:
5 in ambitie oplopende doelen:
1) ervan weten. 2)begrip hebben 3)ondersteunen. 4) betrokken voelen 5)verbonden voelen.
De trap van Quirke: Ambities op de verticale as en mate van interactiviteit op de horizontale as.
Bij ieder doel staan voorbeelden van middelen aangegeven. De mate van interactiviteit neemt toe
met de toenemende ambitie.
FUNCTIES VAN INTERNE COMMUNICATIE:
Smeerfunctie: Medewerkers weten waarom ze iets doen doelgerichtheid
Bindfunctie: Medewerkers binden aan de org. door te werken aan trots, een wij-gevoel en identiteit.
Interpretatiefunctie: Door bv dialoog samen betekenissen te construeren en onderling te delen,
ontstaat meer begrip voor elkaar. ontwikkelen mogelijk een gedeelde perspectief.
Goeie informatie is tijd verstrekt en ontvangen; inhoudelijk correct; relevant en bruikbaar; helder en
toegankelijk; compleet.
Soorten informatie:
1. taakinformatie: ten behoeve van het primaire proces(wat en hoe)
2. beleidsinformatie: over het beleid van de org(waarheen en waarom)
3. beheerinformatie: over de voortgang(ook wel managementinfo bedrijfsresultaten)
4. sociale informatie: personeels- en sociale zaken(personeelsthema en sociaal beleid)
Informatie van management naar medewerkers(in het frontlijnperspectief), 4 functies:
stuurt orders en aanwijzingen langs de hiërarchische lijn
het geeft de medewerkers taakgerelateerde informatie
het voorziet de medewerkers de prestatieoverzichten met betrekking tot hun werkzaamheden
het ‘indoctrineert’ de medewerkers om de organisatiedoelen te (her)kennen
Informatie van medewerkers naar management, 4 functies:
voorziet managers van feedback over stand van zaken en signalen van klanten
primaire bron van feedback voor managers om de effectiviteit van de info die zij hebben verstrekt te meten
het komt tegemoet aan de wenst van de medewerkers om het frontlijnmanagement, het
middenmanagement en het strategisch management te kunnen voorzien van info, persoonlijke zorgen, ideeën
en meningen.
Week 45(1) -
Hoofdstuk 4: Communicatie in organisaties:
Communicatie: de productie, uitwisseling en betekenisgeving van boodschappen tussen mensen, die
plaatsvinden binnen een context van informationele, relationele en situationele factoren, met als
doel elkaar te beïnvloeden.
5 benaderingen van communicatiemanagement
Informationele Persuasieve Relationele Interpretatieve Kritische
benadering benadering benadering benadering benadering
Kernbegrip Informatie Cognities Relaties Betekenissen Macht
Functie van Overdracht Beinvloeding Relationeel Betekenisconstruerend Cultureel
communicatie
Analyse niveau Overdrachtsproces Doelgroepen Subsystemen Sociale actoren Samenleving
Dominante Voorlichting (en Reclame PR Interne comm. Onderstroom in
specialisme interne comm) alle vormen
Kernvraag Hoe bereik ik mijn Onder welke Hoe ontwikkel Hoe construeren personen Wat zijn de
doelgroep? condities ik een in en om de organisatie met gevolgen voor
bereik ik communicatie- elkaar, betekenis over de de samenleving
beoogd effect systeem om hen omringende van de
bij mijn langdurige werkelijkheid? communicatie
doelgroep? relaties te management?
onderhouden
met
stakeholders?
Binnen de interne communicatie domineren 2 benaderingen:
De informationele benadering(actie-visie) & interpretatieve benadering(interpretatieve benadering)
Uiteenlopende definities die voor interne comm zijn bedacht zijn te rubriceren naar interne
communicatie als 1)transport en 2)als alle communicatie binnen de organisatie.
- Interne comm gebasseerd op transport komt het meest voor
- Interne comm gebasseerd op alle comm binnen de organisatie gaat er vanuit dat communicatie
inherent is aan de mens. Door comm scheppen zij hun organisationele realiteit en verlenen zij
betekenis aan de organisatorische werkelijkheid om hen heen.
Interne communicatie: een proces van continue uitwisseling van boodschappen en de
betekenisgeving daarvan tussen personen die beroepshalve betrokken zijn bij de organisatie
, Deze omschrijving heeft 5 kernaspecten:
1. Continue uitwisseling van boodschappen(informationele of actie-benadering):
betrekking op overdracht en doorstroming
2. De betekenis van de boodschap(interpretatieve of interactie-benadering):
zender geeft een duiding, betekenis aan boodschap door deze op een bepaalde manier te
formuleren. Deze weerspiegelt zijn gedachte hoe de werkelijkheid eruit ziet.
3. Een proces (…) tussen personen: Communicatief gedrag staat centraal.
verwijst naar interactie en samenwerking tussen mensen.
4. Mensen die beroepshalve betrokken zijn bij de organisatie
5. De organisatie:
het samenspel tussen 6 variabelen van de Leidse octaëder
(doelen, strategie, structuur, cultuur, technologie, mensen in de org)
DOELEN VAN INTERNE COMMUNCIATIE:
5 in ambitie oplopende doelen:
1) ervan weten. 2)begrip hebben 3)ondersteunen. 4) betrokken voelen 5)verbonden voelen.
De trap van Quirke: Ambities op de verticale as en mate van interactiviteit op de horizontale as.
Bij ieder doel staan voorbeelden van middelen aangegeven. De mate van interactiviteit neemt toe
met de toenemende ambitie.
FUNCTIES VAN INTERNE COMMUNICATIE:
Smeerfunctie: Medewerkers weten waarom ze iets doen doelgerichtheid
Bindfunctie: Medewerkers binden aan de org. door te werken aan trots, een wij-gevoel en identiteit.
Interpretatiefunctie: Door bv dialoog samen betekenissen te construeren en onderling te delen,
ontstaat meer begrip voor elkaar. ontwikkelen mogelijk een gedeelde perspectief.
Goeie informatie is tijd verstrekt en ontvangen; inhoudelijk correct; relevant en bruikbaar; helder en
toegankelijk; compleet.
Soorten informatie:
1. taakinformatie: ten behoeve van het primaire proces(wat en hoe)
2. beleidsinformatie: over het beleid van de org(waarheen en waarom)
3. beheerinformatie: over de voortgang(ook wel managementinfo bedrijfsresultaten)
4. sociale informatie: personeels- en sociale zaken(personeelsthema en sociaal beleid)
Informatie van management naar medewerkers(in het frontlijnperspectief), 4 functies:
stuurt orders en aanwijzingen langs de hiërarchische lijn
het geeft de medewerkers taakgerelateerde informatie
het voorziet de medewerkers de prestatieoverzichten met betrekking tot hun werkzaamheden
het ‘indoctrineert’ de medewerkers om de organisatiedoelen te (her)kennen
Informatie van medewerkers naar management, 4 functies:
voorziet managers van feedback over stand van zaken en signalen van klanten
primaire bron van feedback voor managers om de effectiviteit van de info die zij hebben verstrekt te meten
het komt tegemoet aan de wenst van de medewerkers om het frontlijnmanagement, het
middenmanagement en het strategisch management te kunnen voorzien van info, persoonlijke zorgen, ideeën
en meningen.