Je kent de begrippen 'de schillen' en de 'kern' waarmee ter Horst de ontwikkeling en
opvoeding beschrijft. Bestaanswijzen Opvoedingstaal
Het hart van het kind, de kwetsbare persoonskern, wordt beschermd door
een aantal beschermlagen, schillen, bestaanswijzen: Fysisch/chemisch ,dingachtig Beschermen
- Fysisch/chemische schil ( gemeen met de aarde)
- Organische/vegetatieve schil (gemeen met de planten) Organisch, vegetatief Verzorgen
- Bewustzijn schil/de ‘zinnen’ (gemeen met de dieren) Bewustzijn, de ‘zinnen’ Overdragen
- Zelfbewustzijn schil (gemeen met de mensen)
- Persoonskern/het hart Zelfbewustzijn Inleiden
Beschermen (schatbewaarder) Hart, persoonskern Inwijden
- Fysisch/chemische schil
- Kind is ‘dingachtig’ bescherming
- Geur, ruimte, ordening ruimte, prikkels, angsten
Verzorgen (tuinier)
- Organisch/vegetatieve schil
- Kind is ‘plantaardig’, heeft organen die leven in stand houden. Nodig voor groei/ontwikkeling
verzorging
- Geborgenheid
- Eigen aard, ‘zijn zoals je bent’
Overdragen (Herder)
- Bewustzijn, de zinnen; deze bestaansschil hebben de mensen gemeenschappelijk met de dieren.
- Mensen en dieren kunnen gedrag aanleren en afleren, we hebben beschikking over zintuigen en
kunnen effectief gedrag vertonen (conditioneren)
- Van belang is dat opvoeders kennis en vaardigheden overdragen
- Kinderen worden vaardiger in het (onbewust) sturen van hun gedrag en dat van anderen
Inleiden (Gids)
- Zelfbewustzijn; deze bestaansschil hebben de mensen gemeenschappelijk met andere mensen
- Jij, ik, wij – ‘nee’ zeggen
- Betekenissen kunnen verstaan en geven; taal is dan van belang
- Technische modus van het zelfbewustzijn; zelfbewust, verantwoordelijk en doelgericht handelen.(bijv.
10min. gesprek; gaat heel geordend en structureel)
o Staat tegenover de onbevangen modus (inwijden)
Inwijden (Priester)
- Het hart, de persoonskern
- De onbevangen modus van het zelfbewustzijn
- Al belevend de geheimen van het bestaan onthullen
- Belevend gewaarworden van de ware aard van de schepping en van de heiligheid en de liefde van de
Schepper
- Gebruik maken van symbolen en rituelen
- Mens heeft hierin beperkte mogelijkheden, is van God afhankelijk
Je kunt verwoorden welke consequenties de verschillende zijnswijzen hebben voor het opvoedend
handelen.
-.
Je hebt kennis van de door Ter Horst beschreven christelijke inkleuring van opvoeding binnen het gezin,
de kerk en de staat.
- Zicht op toekomst is onduidelijk
o Samenleving is altijd in verandering
o Wel duidelijkheid in; Samen op weg naar het koninkrijk van God
- Snelle veranderingen buitelen over elkaar heen
- Hoe opvoeding, christelijke opvoeding vorm te geven?
- Richtingsbesef – toekomstperspectief; met elkaar op weg zijn
- Liefde – de ware aard zien, tot zijn recht laten komen
o Liefde over hebben
o Liefde is gratis