1: Deeltoets
psychologie
Romy Leussink
,Inhoudsopgave
Motiverende gespreksvoering............................................................................................................ 2
Zelfmanagement............................................................................................................................... 4
Chronische aandoening: psychosociale gevolgen.............................................................................. 7
Cognitieve stoornissen: geheugen- en aandacht stoornissen...........................................................12
Emotionele stoornissen: angst en depressie.................................................................................... 15
1
, Motiverende gespreksvoering
Leervraag 1: wat is de definitie van motiverende gespreksvoering?
Motiverende gespreksvoering is een cliëntgerichte, directieve methode om te bevorderen dat
de patiënt intrinsiek gemotiveerd wordt tot verandering, door ambivalentie te verkennen en op te
lossen.
Cliëntgericht: in de cliëntgerichte benadering richt de fysiotherapeut zich op de
persoonlijke kant van de cliënt. De therapeut vraagt zich af wie de persoon is die tegenover
hem zit. Het gaat er dus om dat de fysiotherapeut een gezonde dosis belangstelling heeft
voor de cliënt;
Directief: kortdurende therapie die zich richt op het bepalen van concrete en haalbare
doelen. Bij het verwezenlijken van die doelen geeft de therapeut duidelijke aanwijzingen
over hoe klachten kunnen worden verholpen;
Intrinsiek: persoonlijke behoefte, waarden en interesses;
Ambivalent: twijfel.
De 3 basisbehoeften voor interne motivatie zijn:
1. Verbondenheid: patiënt moet zich veilig en gerespecteerd voelen;
2. Competentie: bekwaamheid, het leren is belangrijker dan presteren;
3. Autonomie: het vrijlaten van de patiënt in wat hij wil bereiken.
Leervraag 2: beschrijf de basisprincipes van motiverende gespreksvoering.
1. Toon empathie:
Faciliteert verandering
Vakkundig reflectief luisteren
Tegenstrijdige gevoelens/wensen (ambivalenties)
2. Ontwikkel discrepantie (tegenstelling)
Argumenten voor verandering aan laten dragen door patiënt
Verandering wordt gemotiveerd door waargenomen discrepantie tussen huidige
gedrag en belangrijke persoonlijke doelen/waarden
3. Ga mee met weerstand
Vermijd discussies
Weerstand niet bestrijden, is signaal om anders te reageren
Nieuwe perspectieven uitlokken, niet opleggen
Patiënt primaire bron voor vinden antwoorden en oplossingen
4. Ondersteun eigen effectiviteit
Eigen geloof in mogelijkheid tot verandering is belangrijke motivator
Patiënt zelf is verantwoordelijk voor kiezen en uitvoeren verandering
Geloof hulpverlener in mogelijkheid patiënt om te veranderen voorspelt het succes
Leervraag 3: welke fases zijn er binnen motiverende gespreksvoering en welke technieken worden
daarin gebruikt?
1. Bouwen aan intrinsieke motivatie voor verandering (willen + kunnen)
2. Versterken overtuiging voor verandering en ontwikkelen plan om dit te verkrijgen (klaar
zijn)
Willen: is de patiënt bereid tot het bedenken en uitproberen van oplossingen? Deze stap verwijst
naar de bereidheid van een patiënt oplossingen te zoeken, een oplossing te kiezen, die uit te
proberen door die, korte of langere tijd, toe te passen.
Kunnen: zijn er praktische belemmeringen ten aanzien van het uitvoeren van de activiteiten? De
stap kunnen verwijst naar het vermogen een handeling of aanpak thuis uit te voeren in het leven
van alledag.
Klaar zijn: kwestie van prioriteiten stellen (agendasetting)
2