Orthopedie 2
pathologie
Romy Leussink
,Inhoudsopgave
Fracturen algemeen ................................................................................................................................................................... 2
Heupletsels ............................................................................................................................................................................... 16
Letsels van de schouderregio ................................................................................................................................................... 23
Onderarmletsel ........................................................................................................................................................................ 29
Knieletsel .................................................................................................................................................................................. 40
Letsels van het perifere zenuwstelsel ...................................................................................................................................... 48
Weke delen letsels ................................................................................................................................................................... 67
Voetafwijkingen ....................................................................................................................................................................... 83
Rotator cuff aandoeningen ...................................................................................................................................................... 91
Artrose...................................................................................................................................................................................... 98
Reuma .................................................................................................................................................................................... 104
Rugaandoeningen en rode vlaggen ........................................................................................................................................ 115
Orthopedie bij kinderen ......................................................................................................................................................... 122
1
,Fracturen algemeen
Leerdoel 1: beschrijf en verklaar de orthopedie van fracturen
Een fractuur is een onderbreking van de structuur en continuïteit van een bot. Om een bot te breken is er een aanzienlijke
kracht nodig. Het hangt af van de grootte van de kracht en de weerstand van het bot. De oorzaken van een botbreuk kan
zijn:
Direct/indirect: de meeste breuken worden veroorzaakt door plotselinge en overmatige kracht, die direct of indirect kant
zijn:
Direct Indirect
Het bot breekt op de plaats van inslag en hierbij worden Het bot breekt op een afstand van waar de kracht wordt
de omliggende weke delen ook beschadigd. uitgeoefend. Een voorbeeld is een breuk van de femurhals
als gevolg van een inslag op de gebogen knie. Beschadiging
van weke delen op de plaats van de fractuur is niet
onvermijdelijk.
Overbelasting: scheuren kunnen voorkomen in normaal bot als gevolg van herhaalde stress. Dit wordt meestal gezien in de
tibia, fibula of de middenvoetsbeentjes vooral bij atleten, dansers en legerrekruten. Fracturen als gevolg van overbelasting
worden stressfracturen genoemd.
Maligniteit: breuk kan optreden als het bot verzwakt is door een verandering in zijn structuur (bijvoorbeeld osteoporose) of
door een lytische laesie. Een lytische laesie is destructie (afbraak) van bot dat te wijten is aan een ziekteproces, zoals
bijvoorbeeld kanker.
Classificatie van fracturen:
Localisatie:
Intra-articulair: Meta- en epifysair: Diafysair:
Breuk in het eind/begin van een bot. Doet de breuk mee in de groeischijf? Breuk precies in het midden van het
Het einde/begin doet mee in een bot
gewricht, waardoor er ook schade is
aan het gewricht. Vandaar de naam
intra-articulair
2
, Open/gesloten:
• Open: breuk waarbij het bot niet langer volledig omgeven is door de omliggende
weke weefsels (als spieren, vet en huid), maar waarbij het bot rechtstreeks aan de buitenwereld bloot staat en
dus kans heeft op infectie. Het Gustilo open fractuurclassificatiesysteem is het meest gebruikte
classificatiesysteem voor open fracturen:
Type 1 Laag energetisch trauma Weinig weke delen letsel. Het klassieke voorbeeld is een
spiraalbreuk
Type 2 Gemiddeld energetische trauma Schone wond van maximaal 1 cm lang
Type 3 Hoogenergetisch trauma Uitgebreid weke delen letsel, neurovasculaire schade en
contaminatie (besmetting) van de wond
• Gesloten: breuk van het bot, waarbij huid en omliggend weefsel ononderbroken is gebleven. Het weke weefsel
kan wel beschadiging hebben opgelopen, maar het bot staat niet rechtstreeks in verbinding met de buitenwereld.
Compleet/incompleet:
Compleet: Incompleet:
Het bot is volledig in twee of meer fragmenten gebroken Hier is het bot onvolledig gebroken en blijft het perioste in
continuïteit
Vormen: Vormen:
• Transverse fracture • Greenstick fracture
• Oblique fracture • Stress fracture
• Spinal fracture • Compression fracture
• Impacted fracture
• Segmental fracture
• Comminuted fracture
Hoeveelheid fractuurlijnen:
• Simpel: er is slechts één breuk in het botsegment.
• Communitief: meer dan 3 botfragmenten (verbrijzeld bot)
Type fractuurlijnen:
Transvers fracture: Oblique fracture:
Dwars door het bot Schuin
Spiral fracture: Comminuated fracture:
Schuin + rotatiecomponent (stilstaan, Verbrijzeld
wegdraaien plus een externe kracht
waardoor het bot breekt)
3