Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Biologie HAVO/VWO 4 H4&5 Genetica & evolutie (biologie voor jou)

Rating
-
Sold
1
Pages
14
Uploaded on
15-10-2019
Written in
2017/2018

Biologie HAVO/VWO 4 Hoofdstuk 4 en 5/thema 4 en 5 Ecologie uit biologie voor jou (bvj)

Level
Course

Content preview

1 genen, geluk psychosen

Afb 1

2 fenotype, genotype en epigenetica

Fenotype: waarneembare eigenschappen van het individu.
Wordt door het genotype en milieufactoren bepaald (licht, lucht, verwonding, voeding, warmte etc.).
Modificatie: verandering in fenotype door milieufactoren (niet erfelijk. Takken van een eik breken af
door een storm
Genotype: informatie voor erfelijke eigenschappen in de chromosomen van een individu. Allel = 1
van de genen van een genenpaar
Verschil geno- en fenotype: genotype, eigenschap zoals het in de chromosomen zit, fenotype,
eigenschap die je uiteindelijk ziet.

Erfelijke eigenschap is tegenovergesteld van modificatie. De mate waarin genotype en milieufactoren
fenotypen beïnvloeden verschilt (oogkleur/bloedgroep  meest genotype, litteken/nagellengte 
milieu). Bij veel eigenschappen stelt genotypen de uiterste grenzen en de milieufactoren bepalen hoe
dicht het benaderd word (genotype is lengte 1m maar door voedsel gebrek word het minder lang).

Erfelijke info voor erfelijke eigenschappen ligt in chromosomen, via chromosomen kunnen gameten
de eigenschappen worden overgegeven naar de nakomeling. Bij bevruchting komen dan de
eigenschappen van vader en moeder samen. Vanaf hier is duidelijk welke eigenschappen het kind
van vader of moeder heeft.

Gen/erffactor: deel van een chromosoom dat info voor 1 erfelijke eigenschap/ deel van erfelijke
eigenschap bevat. Soms heeft een eigenschap meer genen (oogkleur, lichaamslengte, kanker).

Tweelingonderzoek

Een ééneiige tweeling ontstaat uit 1 zygote (bij klievingsdelingen ontstaan 2 losse delen (i.p.v. 1)), de
2 individuen hebben hetzelfde genotype. De verschillen in fenotypen moet dus wel van de
milieufactoren komen, deze invloeden kunnen dan worden onderzocht. Een twee-eiige tweeling
ontstaat uit twee zaadcellen en 2 eicellen, beide hebben niet dezelfde genen, daarom lijken ze net zo
veel op elkaar als normale zussen/broers.

Epigenetica

Chromosomen bestaan voor het grootste deel uit DNA, DNA bestaat uit 4 verschillende bouwstenen.
Door de volgorde van deze bouwstenen (DNA-sequentie) kan erfelijke informatie als code worden
opgeslagen in DNA. Genexpressie (tot uiting komen van een gen) verschild per cel, dus alle genen zijn
in alle cellen aanwezig, maar welke aan staan ligt aan de cel waar ze in zitten.

De volgorde van bouwstenen van het DNA in de genen van een eeneiige tweeling is gelijk, maar of
bepaalde genen tot uiting komen of niet (genexpressie) kan per individu verschillen.
Epigenetica = studie van wijzigen in de expressie van een (set) gen(en) door milieufactoren, zonder
dat er wijzigingen in DNA plaats vinden. Deze wijzigingen zijn omkeerbaar, maar soms ook stabiel en
erfelijk. Milieufactor: hongerwinter  genexpressie verandert (groeigen geremd)  erfelijk: ook bij
nakomelingen groeigenen geremd

3 Genenparen

Locus: plaats van een gen in een chromosoom. Homologe chromosomen komen ook in loci overeen,
ze bevatten genen voor dezelfde eigenschappen.

, Allel: variant van een gen. elk van de genen die op een bepaalde locus kan voorkomen. Diploïd
organisme bevat elke keer 2 allelen (allelenpaar/genenpaar) voor een bepaalde eigenschap. Er zijn 2
allelen voor het gen haar: een rechte en een V haarlijn.
Homozygoot: genenpaar voor een eigenschap bestaat uit 2 gelijke genen
Heterozygoot: het genenpaar voor een eigenschap bestaat uit 2 ongelijke genen
Dominante allel (A): allel dat altijd tot uiting komt in het fenotype
 Individuen waarbij dit tot uiting komt kunnen heterozygoot (Aa) of homozygoot (AA) zijn.
Recessieve allel (a): allel dat alleen tot uiting komt in het fenotype als er geen dominante gen is
 Individuen waarbij dit tot uiting komt zijn homozygoot (aa) voor deze eigenschap

Onvolledig dominant

Intermediair fenotype (AwAr): beide allelen van een allelenpaar komen als mengvorm tot uiting
rood en wit allel -> roze
Onvolledig dominant allel: dominant allel dat in een heterozygoot genotype ook het recessieve deel
tot uiting laat komen (dus intermediair)

Nieuwe allelen door geslachte voortplanting

Recombinatie: Het ontstaan van nieuwe combinaties van allelen. Door geslachtelijke voortplanting
vindt recombinatie van chromosomen (en dus ook allelen) plaats. In elk chromosoom ligt wel een
allelenpaar met ongelijke genen. Als deze moeten delen tot gameten heeft een gameet dus niet 2
dezelfde allelen. Het genotype van de dochtercel is dus ook niet hetzelfde. Bij een mens (n = 23)
kunnen geslachtscellen ontstaan met 2 23 verschillende combinaties.
Na de bevruchting treedt recombinatie op: nieuwe combinaties van allelen (verschillende allelen van
man en vrouw worden bij elkaar gebracht). Door recombinatie ontstaat een grote genetische
variatie. Hierdoor heeft een soort een grotere overlevingskans (vooral bij veranderend milieu).

4 Monohybride kruisingen

Kruisingen: twee individuen met ongelijk genotype planten zich geslachtelijk voort. Veel kruisingen
beginnen met ouders (P) waarvan 1 homozygoot dominant is en 1 homozygoot recessief voor een
bepaalde eigenschap. De nakomelingen van deze ouders (F1) kunnen zich weer voortplanten tot een
2e generatie (F2). Bij planten kan F2 ook ontstaan uit zelfbestuiving van F1 planten.

Bananenvliegen zijn erg geschikt voor kruisingsproeven: planten snel voort, makkelijk te kweken en
mannetjes en vrouwtjes makkelijk uit elkaar te houden en vertonen grote diversiteit in fenotype voor
veel erfelijke eigenschappen (oogkleur). Chromosomen (4) zijn duidelijk te zien met microscoop.

Monohybride kruising: er word gelet op de overerving van 1 eigenschap (1 genenpaar betrokken)
Dihybride kruising: gelet op de overerving van 2 erfelijke eigenschappen (2 genenparen betrokken).

Variatie ontstaat alleen als min. 1 P heterozygoot is.

Kruisingsvraagstukken

Aa, Ab, Ac  intermediair  geen dominantie (allemaal even belangrijk)

Kruisingsvraagstuk:

1. Schrijf gegeven informatie overzichtelijk op
2. Geef genotypen beide ouders in een kruisingsschema weer

Connected book

Written for

Institution
Secondary school
Level
Course
School year
4

Document information

Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
H 4 en h 5
Uploaded on
October 15, 2019
Number of pages
14
Written in
2017/2018
Type
SUMMARY

Subjects

$4.73
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
vwo_samengevat Technische Universiteit Delft
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
24
Member since
7 year
Number of followers
20
Documents
9
Last sold
2 months ago
Samenvatting VWO NT/NG

- 6 zonder stress of 7 zonder leven. 7+ zonder stress met samenvattingen van mij! - @samenvatting_vwo op insta Hoi! Ik zit momenteel in mijn eerste jaar bouwkunde aan de TU Delft. Ik kan zelf het beste leren als ik samenvattingen maak en dat heb ik dan ook vanaf de 1e klas op de middelbare gedaan. Ik heb tweetalig les gehad tot de 4e klas, dus die samenvattingen kun je ook hier vinden! Ik hoop dat je er wat aan hebt!

2.8

4 reviews

5
0
4
2
3
0
2
1
1
1

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions