Kerntaak 1
Spiritualiteit is multidimensioneel en kan de volgende zaken omvatten:
➢ Existentiële vragen rond identiteit, betekenis, lijden en dood, schuld en
schaamte, verzoening en vergeving, vrijheid en verantwoordelijkheid, hoop en
wanhoop en liefde en vreugde;
➢ Overwegingen en attitudes op basis van dat wat als waardevol wordt ervaren
door iemand, zoals relaties met zichzelf, familie, vrienden, werk, natuur, kunst en
cultuur, ethiek en het leven zelf;
➢ Religieuze overwegingen zoals geloof, overtuiging en praktijk en iemands
relatie tot God of het ultieme
Iedere situatie waarin iemand verkeert roept een interpretatie op: zingeving is altijd aan
de orde, maar gebeurt doorgaans automatisch en impliciet (“Ik moet naar de longarts
omdat ik al zo lang aan het hoesten ben, maar ik word wel 100, want ik ben altijd
gezond geweest”).
Wanneer een discrepantie ontstaat tussen de huidige situatie en het persoonlijk
zingevingskader ontstaat een vorm van distress. (“De longarts zegt dat ik ongeneeslijk
ziek ben en niet meer beter wordt, terwijl ik altijd zo gezond geleefd heb en nooit
rookte. Dat kan toch niet waar zijn? Waarom uitgerekend ik?”)
Zingevingsprocessen zijn erop gericht de discrepantie tussen de huidige situatie en het
persoonlijk zingevingskader op te heffen. Er kunnen verschillende schema’s gebruikt
worden om dit zingevingsproces te begrijpen, met een focus op verschillende aspecten.
Deze aspecten zijn eerder overlappend dan elkaar uitsluitend. Vier van de meest
beschreven onderscheidingen zijn:
➢ Automatische versus bewuste processen – zingevingsprocessen vinden zowel
bewust als onbewust plaats. (“Ik merk dat de vraag, waarom mij dit moet
overkomen, langzaam naar de achtergrond is verdwenen”)
➢ Assimilatie versus accommodatie – de eerste interpretatie van de situatie kan
zich aanpassen in de richting van het persoonlijk zingevingskader (assimilatie) of
het zingevingskader kan bijgesteld worden door de actuele situatie
(accommodatie). In zekere zin lijken deze processen vaak samen te gaan. (“Ik
word geen 100, maar dat hoeft ergens ook niet meer.”)
➢ Zoeken naar begrip versus zoeken naar waarde – zoeken naar betekenis
heeft niet alleen te maken met het vinden van coherentie tussen een
gebeurtenis en een zingevingskader (begrip) maar evenzeer met de vraag wat dit
nu voortaan voor mijn leven betekent (waarde). (“Ik besef heel duidelijk dat ik de
mij resterende tijd goed moet gebruiken voor wat ik echt belangrijk vind om nog
te doen.”)
➢ Cognitieve versus emotionele verwerking – sommige literatuur focust meer
op de emotionele, andere meer op de cognitieve dimensie van het proces. Beide
hangen met elkaar samen, en volgen hetzelfde onderliggende mechanisme. (“Ik