Begrippenlijst Psychodiagnostiek
HC 1
Focaal behandelen Kortdurend en doelgericht behandelen. Zo zit de zorg nu vooral in elkaar.
Betrokkene Persoon of organisatie die een direct of indirect belang heeft bij het diagnostische
proces van deze client
Verwijzer De professional of organisatie die de client naar een diagnosticus stuurt
Aanmelder De persoon of organisatie die de client en de diagnostisch met elkaar in verbinding
brengt
Opdrachtgever De persoon of organisatie die opdracht heeft tot verrichten van diagnostiek. Deze
persoon is ook verantwoordelijk voor de betaling. Kan de client zelf zijn.
Client De persoon of personen om wie het gaat: degene(n) die je onderzoekt.
Clientsysteem Een groep personen rondom de client die onderling met elkaar verbonden is.
Rapportage Gebeurt na aanmelding. Vastleggen van belangrijkste contactdetails rekening
houdend met AVG (privacywetgeving).
Klacht een subjectieve, negatieve beleving, situatie of gedraging die een client zelf als
storend of problematisch ervaart.
Klachtenanalyse (KA) Verhelderende diagnose. Zet het verhaal van de client centraal in zijn/haar eigen
taal, beleving, overtuiging en (on)volledigheid.
Uitkomst: klachten en hulpvragen van client.
Zorgverlener Betaalde professional, kent systemen, beschikt over het dossier van de client.
Client Afhankelijk, kwetsbaar, in onvertrouwde omgeving, onwetend van de op handen
zijnde behandeling.
HC 2
Diagnostisch scenario Tussenstap tussen klachtenanalyse en onderzoekstraject. Opgesteld onderzoeksplan.
Doelen: informeren client, aanbrengen onderzoekskader en waarborgen van
volledigheid.
Hulpvraag Vraag naar het soort hulp. Niet elke hulpvraag is een diagnostische hulpvraag.
Onderkennend (ODK) Wat is er aan de hand?
Verklarend (VKR) Waarom is dit aan de hand?
Indicerend (IDC) Hoe het best geholpen worden?
0-scenario alleen een verhelderende situatie. Dit doe je in de klachtenanalyse, maar hier komen
geen vervolgactiviteiten uit voort. Verhelderende situatie is er altijd.
1 scenario start altijd met verhelderende analyse. Daarna volgt een ander type diagnostische
hulpvraag (ODK, VKR of IDC.)
Probleemanalyse (PA) Kennis over classificatiesystemen en theoretische modellen toepassen. Problemen
worden onderdeel van een theorie of classificatie. De problemen inventariseren,
objectiveren en meetbaar maken en zo volledig mogelijk in beeld brengen. Er is
zoveel mogelijk objectieve informatie nodig.
Beschrijving Stap 1 van PA. De professional probeert een zo objectief mogelijk eerste beeld van te
leggen van de omvang en aard van het probleemgedrag. Het moet voor anderen
duidelijk zijn waar het over gaat. Inventariseren van dysfunctionele gedragingen.
HC 1
Focaal behandelen Kortdurend en doelgericht behandelen. Zo zit de zorg nu vooral in elkaar.
Betrokkene Persoon of organisatie die een direct of indirect belang heeft bij het diagnostische
proces van deze client
Verwijzer De professional of organisatie die de client naar een diagnosticus stuurt
Aanmelder De persoon of organisatie die de client en de diagnostisch met elkaar in verbinding
brengt
Opdrachtgever De persoon of organisatie die opdracht heeft tot verrichten van diagnostiek. Deze
persoon is ook verantwoordelijk voor de betaling. Kan de client zelf zijn.
Client De persoon of personen om wie het gaat: degene(n) die je onderzoekt.
Clientsysteem Een groep personen rondom de client die onderling met elkaar verbonden is.
Rapportage Gebeurt na aanmelding. Vastleggen van belangrijkste contactdetails rekening
houdend met AVG (privacywetgeving).
Klacht een subjectieve, negatieve beleving, situatie of gedraging die een client zelf als
storend of problematisch ervaart.
Klachtenanalyse (KA) Verhelderende diagnose. Zet het verhaal van de client centraal in zijn/haar eigen
taal, beleving, overtuiging en (on)volledigheid.
Uitkomst: klachten en hulpvragen van client.
Zorgverlener Betaalde professional, kent systemen, beschikt over het dossier van de client.
Client Afhankelijk, kwetsbaar, in onvertrouwde omgeving, onwetend van de op handen
zijnde behandeling.
HC 2
Diagnostisch scenario Tussenstap tussen klachtenanalyse en onderzoekstraject. Opgesteld onderzoeksplan.
Doelen: informeren client, aanbrengen onderzoekskader en waarborgen van
volledigheid.
Hulpvraag Vraag naar het soort hulp. Niet elke hulpvraag is een diagnostische hulpvraag.
Onderkennend (ODK) Wat is er aan de hand?
Verklarend (VKR) Waarom is dit aan de hand?
Indicerend (IDC) Hoe het best geholpen worden?
0-scenario alleen een verhelderende situatie. Dit doe je in de klachtenanalyse, maar hier komen
geen vervolgactiviteiten uit voort. Verhelderende situatie is er altijd.
1 scenario start altijd met verhelderende analyse. Daarna volgt een ander type diagnostische
hulpvraag (ODK, VKR of IDC.)
Probleemanalyse (PA) Kennis over classificatiesystemen en theoretische modellen toepassen. Problemen
worden onderdeel van een theorie of classificatie. De problemen inventariseren,
objectiveren en meetbaar maken en zo volledig mogelijk in beeld brengen. Er is
zoveel mogelijk objectieve informatie nodig.
Beschrijving Stap 1 van PA. De professional probeert een zo objectief mogelijk eerste beeld van te
leggen van de omvang en aard van het probleemgedrag. Het moet voor anderen
duidelijk zijn waar het over gaat. Inventariseren van dysfunctionele gedragingen.