Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Biochemie Blok 3.1 (DAW)

Beoordeling
3.0
(4)
Verkocht
3
Pagina's
11
Geüpload op
21-10-2019
Geschreven in
2019/2020

Deze samenvatting bevat de leerstof van het onderdeel Biochemie voor de DAW. Hoofdstuk 1,2, 13 en 24 uit 'Handboek Diabetes mellitus' zijn samengevat.

Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Hoofdstuk 1. Regulatie van de normale glucosestofwisseling
Het lichaam heeft een continue behoefte aan de toevoer van substraten (vooral glucose en vetzuren) om
energie in de vorm van ATP te produceren. Glycolyse en bèta-oxidatie produceren beide acetyl-CoA dat
noodzakelijk is om ATP te kunnen produceren. Een volwassen man heeft 200 g glucose per dag nodig
waarvan 70% wordt gebruikt door het CZS. De regelmechanismen die de normale glucosehomeostase
waarborgen, doen dit tussen twee uitersten: de postprandiale (gevoede) toestand en de postabsorptieve
(langer gevaste) toestand.

Verwerking van koolhydraten in de maaltijd
De voedselinname (bestaande uit 40-75% koolhydraten) → via de dunne darm opgenomen → naar het
bloed getransporteerd → bloedglucosespiegel stijgt → glucose wordt via GLUT2 opgenomen in de
bètacel van de alvleesklier → leidt tot de productie en secretie van insuline. Nutriënten die de dunne
darm passeren → zorgen voor de secretie van darmhormonen zoals GLP-1 en GIP → spelen een
belangrijke rol bij de verwerking van glucose, vet en eiwit door de insulinesecretie te stimuleren →
beide hormonen worden na bereiken van het plasma geïnactiveerd door DPP-4 → GLP-1 en GIP i.c.m. de
extracellulaire glucoseconcentratie zorgen voor een optimale insulinerespons.

Insulinerespons op koolhydraten bij gezonde mensen
Extracellulaire glucose > 5 mmol/l leidt tot opname van glucose in de bètacel via GLUT2 →
insulinesecretie. De plasma-insulineconcentratie verdubbelt wanneer het plasmaglucose met 0,6
mmol/l stijgt. Na opname in de cel → glucose wordt door het enzym glucokinase gesforforyleerd tot
glucose-6-fosfaat → glycolyse produceert ATP in het cytoplasma waardoor de ATP/ADP-ratio stijgt →
leidt tot afsluiting van de ATP-afhankelijke kaliumkanalen en depolarisatie van de plasmamembraan →
calcium stroomt de cel in → resulteert in fusie van de secretoire granulae met de plasmamembraan en
exocytose van insuline, C-peptide en pro-insuline. GLP-1, GIP en het autonome zenuwstelsel stimuleren
de insulinesecretie. De eerste piek van insulinesecretie wordt veroorzaakt door glucose, de tweede
wordt mede bepaald door aminozuren en vetzuren.

Glucagonrespons op koolhydraten
In de postprandiale toestand zal de glucagonsecretie uit de alfacellen geremd worden.
- Insuline remt de glucagonsecretie door het induceren van hyperpolarisatie van de celmembraan.
- GLP-1 remt de glucagonsecretie direct door de aanwezigheid van een GLP-1-receptor op de alfacel
en indirect via het autonome zenuwstelsel en de stimulatie van de insulinesecretie.
- Somatostatine induceert na binding aan de somatostatinereceptor op de alfacel hyperpolarisatie van
de celmembraan, maar remt de glucagonsecretie ook door verlaging van cAMP.

De anabole effecten van insuline
De opslag van energie gebeurt met name in de vorm van triglyceriden (vetten) en in mindere mate als
glycogeen (koolhydraten).

De lever
In de postprandiale toestand moet de energietoevoer uit lichaamscellen (de endogene glucoseproductie
= EGP) geremd worden. Hierbij spelen insuline, glucose, vrije vetzuren, aminozuren en het CZS een rol:
- De viervoudige stijging van de insulineconcentratie brengt de EGP vrijwel volledig tot stilstand.
- Daarnaast heeft insuline een verlagend effect op de voorlopers van de gluconeogenese (glycerol,
vrije vetzuren en aminozuren).
- Glucose-6-fosfaat wordt niet in glucose omgezet maar in lactaat. 60% van de door de lever
opgenomen glucose wordt opgeslagen als glycogeen. Het overige deel verlaat de lever als lactaat.

1

, De skeletspier
De hoeveelheid glucose die in de postprandiale toestand wordt opgenomen in de skeletspieren wordt
geschat op 80-90%. Een gezonde endotheelfunctie en microcirculatie zijn van essentieel belang om
voldoende insuline en glucose aan de spiercellen aan te bieden.
- Binding van insuline aan de insulinereceptor → insulinesignaaltransductiepad wordt geactiveerd →
fosforylering van een aantal eiwitten resulteert in verplaatsing van GLUT4 naar de celmembraan →
normale glucosehomeostase. Glucose is opgenomen in de spiercel → glucose wordt via het enzym
hexokinase gefosforyleerd tot glucose-6-fosfaat → glucose wordt opgeslagen als glycogeen.

Vetweefsel
De meeste energie ligt opgeslagen in de vorm van triglyceriden in de vetcellen. Ook hier speelt insuline
een belangrijke rol in de afbraak en aanmaak van triglyceriden via opname van glucose en vetzuren in
de vetcel. De bouwstenen van triglyceriden zijn glycerol-3-fosfaat en geactiveerde vetzuren. Glycerol-3-
fosfaat wordt gemaakt uit intracellulaire glucose, dat postprandiaal onder invloed van insuline via
GLUT4 getransporteerd wordt.
- Onvermogen tot het efficiënt opslaan van triglyceriden in vetcellen (adipocyten) gaat vaak gepaard
met glucose-intolerantie.

Het centraal zenuwstelsel
De insulinetransductiepad in de hersenen (vooral in de hypothalamus) is belangrijk voor een adequate
aanpassing van weefsels aan de postieve energiebalans na de maaltijd. De glucoseopname in de
hersenen zelf is insulineonafhankelijk.

Glucoseproductie in de postabsorptieve toestand
Ook in de postabsorptieve periode (na vier uur vasten) is er behoefte aan ATP. Er is geen aanbod van
glucose uit de darm en dit betekent dat de plasmaglucosespiegel op een andere manier gewaarborgd
dient te worden namelijk door EGP en glucoseopname in de perifere weefsels. In de postabsorptieve
periode neemt de insulinesecretie af en hierdoor ook de glucoseopname in de weefsels. Het CZS zal
echter glucose blijven opnemen omdat het niet in staat is om vetzuren te verbranden. Daarnaast wordt
de glucagonsecretie gestimuleerd door de contraregulatoire hormonale respons: één van de
belangrijkste processen in de glucosehomeostase → bevordert EGP en de lipolyse → aanmaak van ATP.
In de postabsorptieve toestand wordt glucose geproduceerd in de lever en de nier. De EGP is
verantwoordelijk voor 80-90% van de glucoseproductie.
- Wat de glucoseproductie in de nieren bijdraagt aan de plasmaglucoseconcentratie is onzeker.
- In de lever is 47% van de glucose afkomstig van de gluconeogenese en 53% is afkomstig van
glycogeenafbraak (glycogenolyse).

Glycogenolyse
Het lichaam heeft een glycogeenvoorraad van 500 g, waarvan 400 g in rustende spier en 100 g in de
gevoede lever. De afbraak van glycogeen wordt mogelijk gemaakt door het enzym glycogeenfosforylase
(gestimuleerd door glucagon en adrenaline) en de debranching enzymen → zorgen ervoor dat glucose-1-
fosfaat van glycogeen afsplitst → glucose-1-fosfaat wordt omgezet in glucose-6-fosfaat → verlaat met
behulp van glucose-6-fosfatase als glucose de levercel via GLUT2.

De leverglycogeenvoorraad neemt tijdens langer vasten af tot depletie. Na 40 uur vasten zal 93% van de
EGP bestaan uit gluconeogenese. Het spierglycogeen draagt niet bij aan de plasmaglucoseconcentratie
door het feit dat glucose-6-fosfatase niet in spierweefsel aanwezig is en doordat in rusttoestand het
spierglycogeen niet wordt afgebroken.


2

Gekoppeld boek

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
H1, h2, h13
Geüpload op
21 oktober 2019
Aantal pagina's
11
Geschreven in
2019/2020
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$4.17
Krijg toegang tot het volledige document:
Gekocht door 3 studenten

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle 4 reviews worden weergegeven
5 jaar geleden

5 jaar geleden

6 jaar geleden

6 jaar geleden

3.0

4 beoordelingen

5
0
4
2
3
1
2
0
1
1
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
student380624 Hanzehogeschool Groningen
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
350
Lid sinds
8 jaar
Aantal volgers
176
Documenten
17
Laatst verkocht
1 jaar geleden
Samenvattingen voor de opleiding Voeding & Diëtetiek

3.7

119 beoordelingen

5
20
4
52
3
38
2
5
1
4

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen