Hoorcollege 1.
Leerdoel 1: De student begrijpt het belang van moed en integriteit in de beroepspraktijk.
Body of attitudes
Opleidingsprofiel voor pedagogen bestaat uit 3 onderdelen:
1. BoS: Body of skills Wat moet ik kunnen?
2. BoK: Body of knowledge Wat moet ik weten?
3. BoA: Body of attitudes Welke houding moet ik hebben?
o Verantwoordelijk, respectvol, kritisch, reflectief, pedagogisch.
Beroepscode
Het is vooral een instrument – voor de werkers zelf – dat zij kunnen raadplegen bij
vraagstukken en dilemma’s in hun eigen beroepspraktijk.
De normen en waarden van het beroep worden er in vastgelegd.
Dit kan een leidraad zijn in gesprekken met collega’s: Moreel beraad, intervisie/supervisie.
Morele professionaliteit
1. Herkennen morele dimensie.
2. Moreel oordeelsvermogen.
3. Vermogen te communiceren over 1+2.
4. Vermogen om/ bereidheid te handelen.
5. Vermogen om/ bereidheid verantwoording af te leggen.
6. Professionele moed.
Leerdoel 2: De student kan uitleggen wat normatieve professionaliteit inhoudt. + Leerdoel 3:
De student kan uitleggen wat discretionaire ruimte inhoudt.
De normatieve professional: Gaat uit van de vooronderstelling dat elk professioneel
handelen ook een morele kant heeft. Bij professioneel handelen spelen altijd normen en
waarden een rol. Je moet steeds kritisch kijken naar wat je met je handelen teweegbrengt
omdat je ook de morele kant goed in de gaten moet houden.
Waarom ethiek?
- Vrijheid: Zelf keuzes maken. Heet de discretionaire ruimte.
o Discretionaire ruimte: De ruimte die je hebt om binnen wettelijke kaders je eigen
inzicht te volgen en zelfstandig te beslissen over het toepassen van bevoegdheden.
- Verantwoordelijkheid hebben voor kwetsbare mensen, kinderen, en je hebt een zekere
mate van macht (drang en dwang).
- Rechtvaardiging Verantwoorden van je handelingen.
Ethiek
Ethiek is de tak van de filosofie die zich bezighoudt met de kritische bezinning over het juiste
handelen. Juiste beslissingen maken.
1