2.1 Leven in het Amazone gebied
B2 soorten aardrijkskunde/geografie
Ak gaat over gebieden. Gebied = regio = landschap
Fysische geografie bestudeert hoe de natuur een landschap maakt
Sociale geografie bestudeert hoe de mensen een landschap inrichten
B3 beschrijven en verklaren
Beschrijven van een gebied: wat is daar?
Verklaren: waarom is dat daar?
B105 landschapszones
Een groot gebied met dezelfde natuurlijke vegetatie (plantengroei):
oorspronkelijke plantengroei Natuurlandschap
Veel gebieden zijn door mensen ingericht Ingericht landschap
Grond gebruikt voor landbouw heet cultuurgrond Cultuurlandschap
B38 Breedteligging en temperatuur
zonnestralen verwarmen de aarde, door de bolvorm wordt het niet overal even warm
op lage breedte is het warm
op hoge breedte is het koud
Als de zon loodrecht boven een plek staat wordt het daar warmer dan als de zon er
schuin boven staat
omdat evenveel stralen een klein gebied verwarmen
omdat stralen korter door de dampkring gaan
B48 Soorten regen
Neerslag= water dat uit de dampkring op aarde neerkomt.
Ontstaat als de lucht afkoelt.
Zon straalt energie naar de aarde die de warmte uitstraalt.
Hoe hoger hoe kouder
Koude lucht kan minderwaterdamp bevatten.
Als lucht stijgtafkoelingcondensatie: neerslag
Als lucht daaltopwarmingverdamping: droog
Wanneer stijgt lucht?
Bij een gebergte: stuwingsregen