Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Psychologie 1.2

Beoordeling
-
Verkocht
1
Pagina's
12
Geüpload op
04-11-2019
Geschreven in
2018/2019

Psychologie 1.2, Voeding en Diëtetiek

Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Psychologie 1.2

1
KERNVRAGEN:

1. WAT KAN EEN PASGEBOREN BABY?

In de placenta kunnen niet alle maar enkele schadelijke stoffen(teratogenen) worden uitgefilterd.
FAS kan zich voordoen bij kinderen van moeders die tijdens de zwangerschap alcohol drinken. Dit is
een oorzaak van mentale handicaps. Bij deze aandoening is de motorische coördinatie vaak ook
slecht. Vrouwen die tijdens de zwangerschap drinken, hebben grotere kans op een kind met een laag
geboortegewicht, leerstoornissen en ADHD.

Pasgeborenen bezitten aangeboren gedragspatronen (reflexen) voor 3 overlevingstaken: voedsel
vinden, contact maken en gevaarlijke situaties vermijden. Dit zijn de posturale reflex (hierdoor
kunnen ze zitten als ze worden ondersteund), de grijpreflex (hiermee kunnen ze de verzorger
vastpakken) en de rooting-reflex (hiermee draaien ze hun hoofd naar alles wat hun wang aanraakt en
daarop beginnen te zuigen, zuigreflex).

Baby’s hebben 5 zintuigen.
Smaak: hoe zoeter de vloeistof, des te regelmatiger en sterker de zuigbeweging.
Horen: baby’s verkiezen menselijke stemmen boven andere geluiden en ze verkiezen menselijke
gezichten boven de meeste andere visuele patronen. De bijziendheid van kinderen is van nut, deze is
30 cm en hiermee kunnen ze goed naar gezichten kijken en snel het gezicht van hun moeder
herkennen. Pasgeborenen kunnen kleuren zien maar sommige kleuren zoals rood, oranje en blauw
moeilijk onderscheiden. Ook geven ze voorkeur aan voorwerpen die veel contrast hebben zoals zwart
witte ruiten. Sociale vaardigheden hebben ze door middel van spiegelneuronen waardoor ze iemand
nadoen.

Gevoelige periode = een periode waarin het organisme bijzonder gevoelig is voor de specifieke
stimuli en het een bepaalde functie goed kan ontwikkelen of waarin het juist nadelige effecten
ondervindt door onvoldoende of slechte stimulatie
Rijping/maturatie = proces waarin het genetische programma in de loop van de tijd tot uiting komt
Genetic leash = beperkingen die erfelijke factoren opleggen en ontwikkelen, zoals dat elk kind rond
dezelfde tijd leert lopen.
Contactsteun bij baby’s van belang = stimulatie en steun die wordt verkregen door de fysieke
aanraking van een verzorger. Hierdoor ontstaat hechting = langdurig sociaal-emotionele relatie
tussen het kind en een ouder of andere verzorger. Je hebt verschillende soorten hechtingen.
Veilige hechting = de hechtingsstijl van kinderen die ontspannen en op hun gemak zijn bij hun
verzorgers en die verdraagzaam zijn tegenover vreemden en nieuwe ervaringen.
Onveilige hechting;
Angstig-ambivalente hechting = hier wilt een kind contact met de verzorger, toont extreem veel
verdriet wanneer het wordt gescheiden van de verzorger en is moeilijk te troosten wanneer het is
herenigd met de verzorger
Angstig-vermijdende hechting = een kind toont geen interesse in contact met de verzorger en geen
verdriet vertoont wanner het van de verzorger wordt gescheiden, en ook geen blijdschap wanneer
het weer wordt herenigd met de verzorger.

2. WELKE VAARDIGHEDEN MOET EEN KIND ZICH EIGEN MAKEN?

, De samenwerking van nature en nurture zorgt ervoor dat kinderen belangrijke ontwikkelingstaken
kunnen verrichten, vooral op het gebied van taalverwerving, cognitieve ontwikkeling en het
ontwikkelen van sociale relaties.
van brabbelen naar telegramspraak naar een uitgebreide woordenschat en grammatica.
Cognitieve ontwikkeling = proces waarbij de manier van denken in de loop van der tijd veranderd.
Theorie van gefaseerde ontwikkeling = een theorie die fases aanduidt in de cognitieve ontwikkeling
en belangrijke veranderingen in denkprocessen benadrukt. Schema’s -> interactie tussen assimilatie
en accommodatie -> de stadia van cognitieve ontwikkeling.
Schema’s = mentale structuur die of mentaal programma dat de ontwikkeling van het denken van
het kind aanstuurt.
Assimilatie = mentaal proces dat nieuwe informatie in bestaande schema’s opneemt.
Accommodatie = mentaal proces dat bestaande schema’s aanpast om nieuwe informatie beter te
kunnen opnemen

Theorie piaget:
1. Sensomotorische fase (0-2jaar)= eerste fase in piagets theorie. Het kind is sterk afhankelijk van zijn
aangeboren motorische responsen op stimuli.
Sensomotorische intelligentie = mentaal vermogen dat zichtbaar wordt in de eerste schema’s die
een kind gebruikt. Deze schema’s bestaan voornamelijk uit motorische responsen op stimuli en
hebben een sterk genetisch bepaald karakter.
2. Preoperationele fase (2-6Jr) = wordt gekenmerkt door een goed ontwikkelde mentale
representatie en het gebruik van taal.
Egocentrisme = op zichzelf gericht zijn, zich niet kunnen vorostellen dat er een ander standpunt
mogelijk is
Animatisch denken = manier van denken waarbij het kind aanneemt dat objecten een leven hebben
en mentale processen kennen.
Centratie = denkpatroon waarbi het kind zijn aandacht op niet meer dan een factor tegelijk kan
denken
onomkeerbaarheid = het onvermogen bij het kind om een serie gebeurtenissen of mentale stappen
door te denken en vervolgens het verloop mentaal terug te draaien.
3. Concreet-operationele fase (6-11 jr) = het kind begrijpt principe van conservatie, maar is nog niet
in staat om abstract te denken
Conservatie = besef dat de fysieke eigenschapen van een object of substantie niet veranderen als het
uiterlijk van het object verandert, maar er word niets toegevoegd of weggenomen.
Logische operatie = oplossen van problemen door beelden in gedachten te manipuleren.
4. Formeel-operationele fase (adolescentie) = hierin wordt abstract denken ontwikkeld
Sociaal emotionele ontwikkeling = relaties met andere aangaan
temperament = de karakteristieke manier waarop een individu reageert en zich gedraagt,
vermoedlijk sterk genetisch bepaald
Socialisatie = levenslange ontwikkeling van gedragspatronen, waarden, normen, vaardigheden,
houdingen en motieven die volgens de eigen gemeenschap gewenst zijn.

4 opvoedingsstijlen:
autoritaire = deze wordt gekenmerkt door eisen van aanpassing en gehoorzaamheid, naleving van
regels die wordt afgedwongen met het geven van straf of dreigen met straf en een geringe
verdraagzaamheid voor de discussie. Gedrag kinderen: nerveus, onzeker.
Autoritatieve = deze wordt gekenmerkt door hoge verwachtingen ten aanzien van de kinderen en
consequenties gerelateerd aan de mate waarin de verwachtingen uitkomen. Autoritatieve ouders
combineren hoge normen met warmte en respect voor de opvattingen van het kind. Gedrag kind:

Gekoppeld boek

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Ja
Geüpload op
4 november 2019
Aantal pagina's
12
Geschreven in
2018/2019
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

$4.77
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
xfvo_

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
xfvo_ Hogeschool van Amsterdam
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
5
Lid sinds
6 jaar
Aantal volgers
5
Documenten
4
Laatst verkocht
3 jaar geleden

0.0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen