1.1 De kandidaat beschrijft de organen en de bevoegdheden van de wetgevende, uitvoerende en
rechtsprekende macht
1.2 De kandidaat bepaalt voor een orgaan onder welke bestuurslaag (rijk, provincie, gemeente)
dit valt.
Het bestuur ordent de samenleving, het zorgt voor een goede opvang van zaken in de samenleving.
Op landelijk niveau oefent de regering de bestuurstaak uit.
Op provinciaal niveau doen gedeputeerde staten dat
In de gemeente is het college van B&W belast met de bestuurstaak.
Besturen gebeurt door feitelijke handelingen en door het nemen van besluiten. In de afgelopen 30 jaar
heeft de overheid geprobeerd enigszins terug te treden en sommige overheidstaken uit te besteden aan
andere instellingen.
1.3 De kandidaat bepaalt voor een eenvoudige situatie of er sprake is van autonomie of
medebewind
Autonomie: zelfstandig bepalen van een gemeente, zelfbestuur, vrijheid of bevoegdheid om
zelf te handelen of te besturen.
Medebewind: is de plicht van lagere overheden om medewerking te geven aan de uitvoering
van regelingen van de hogere overheid. Zo moet een gemeente bijvoorbeeld meehelpen aan de
uitvoer van de wet op de sociale zekerheid als een persoon daar volgens de rijksoverheid voor
in aanmerking komt.
2.1 De kandidaat stelt voor een eenvoudige situatie vast op grond van welke wet een
overheidsorgaan mag optreden (legaliteitsbeginsel).
De bevoegdheid van de overheid zijn niet onbeperkt. Ze worden beperkt door twee belangrijke
beginselen: legaliteitsbeginsel & specialiteitsbeginsel.
Legaliteitsbeginsel: de bevoegdheid van de overheid om op te treden moet gebaseerd zijn op
de wet.
Specialiteitsbeginsel: de overheid mag de bevoegdheid alleen gebruiken voor het doel
waarvoor de wet deze bevoegdheid heeft gegeven.
2.2 De kandidaat onderbouwt voor een situatie of er sprake is van een wet in formele zin en/of
wet in materiële zin.
Een wet in formele zin is in Nederland een wet die is vastgesteld door de regering + Staten
Generaal. De aanduiding formeel duid erop dat de bepaling naar wijze van totstandkoming als
wet kan worden beschouwd. Het gaat hier om PROCEDURES. NIET om inhoud.
Een wet in materiële zin dan gaat het om alle bepalingen bedoeld die naar hun inhoud als een
wet kunnen worden gezien. Alle algemeen verbindende voorschriften. De aanduiding
materieel duidt erop dat de bepaling naar inhoud als wet kan worden beschouwd.
Algemeen verbindend voorschrift is een term uit het Nederlandse recht. Met de term wordt een door
de overheid op basis van haar regelgevende bevoegdheid uitgevaardigde, normstellende maatregel
aangeduid, waarvan naleving krachtens de wet afgedwongen kan worden; het avv kan eventueel
strafbepalingen of sancties bevatten. Een algemeen verbindend voorschrift bevat algemeen
verbindende rechtsnormen oftewel rechtsregels. In het recht wordt een algemeen verbindend
voorschrift ook wel aangeduid als een wet in materiële zin. De aanduiding algemeen geeft aan dat de
maatregel niet op een specifiek geval is gericht, maar belang heeft voor ALLERLEI BURGERS.
Koninklijke besluiten waarbij algemeen verbindende voorschriften worden vastgesteld, worden
gepubliceerd in het Staatsblad van het Koninkrijk der Nederlanden.
2.3 De kandidaat beoordeelt of een beslissing van een bestuursorgaan een beschikking, algemeen
verbindend voorschrift of en besluit van algemene strekking is.
Pagina 1 van 10