Toets= 9 open vragen
Kritische blik: onderzoeksmethoden
- Hoe is de steekproef getrokken?
- Hoe groot is de steekproef?
- Hoe is gemeten?
- Met welke groep wordt vergeleken?
Het begrip ‘allochtoon’ nu mensen met en zonder migratieachtergrond
Cultuur: unieke set van gedrag, kennis en houdingen die door een groep
mensen wordt gedeeld en van generatie op generatie overgedragen wordt
Developmental niche: invloed cultuur op 3 aspecten van opvoeden en
ontwikkeling kids
1. Fysieke en sociale setting
2. Gewoontes van verzorging en opvoeding
3. Psychologie opvoeders/verzorgers
Interetnische partnerschappen
Assimilatie: partner met migratieachtergrond past zich volledig aan
Compromis: Beide partners geven iets op van hun eigen cultuur om conflict te
vermijden
Ontkenning: complete ontkenning van verschillen, partners zoeken neutraal
terrein
Consensus: beide partners houden sommige aspecten van eigen cultuur die zij
essentieel vinden voor het welzijn
Integratieperspectief:
Stigmatisatieperspectief: kinderen van gemengde afkomst zijn zich heel erg
bewust ervan dat ze loyaliteit hebben voor beide etnische groepen, maar niet
altijd door deze groepen geaccepteerd worden. Jongeren met lagere SES voelen
meer spanningen/stigmatisering.
Cultureel pluralisme
College 2 Mental health in Ethnic Minority Youth
Schooluitval: hoger bij migrantgroepen dan bij autochtone groepen
Mensen met migratieachtergrond hebben een verhoogd risico op
maatschappelijke problematiek en psychotische stoornissen.
In grafiek betekent 1 dat de kansen dat iemand met een migratieachtergrond in
reguliere GGZ terecht komt gelijk is aan de kans dat Nle mensen in de reguliere
GGZ terecht komt. Uit de grafiek kun je dus opmaken dat er minder
migrantenkinderen in de reguliere GGZ terecht komen.
Kinderen met een migratieachtergrond komen wel veel vaker terecht in
forensische GGZ.
Voor mensen met een migratieachtergrond is de weg naar de hulpverlening
lastiger.
Marokkaans- Nederlandse kids de grootste groep kinderen