Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Samenvatting Week 3, hoorcollege 2

Rating
-
Sold
-
Pages
5
Uploaded on
21-11-2019
Written in
2018/2019

Alle uitgeschreven informatie gegeven in het bovengenoemde hoorcollege voor Persoonlijkheidsleer- en persoonlijkheidsonderzoek gegeven in 2019 aan de Vrije Universiteit van Amsterdam.

Institution
Course

Content preview

Erfelijkheid

De studie van gedrag vind plaat op twee niveaus:

1. Algemene wetmatigheden in gedrag (universele processen): biologische psychologie,
cognitieve psychologie, sociale psychologie, evolutiepsychologie.
2. Individuele verschillen in gedrag: biologische psychologie - gedragsgenetica,
ontwikkelingspsychologie, klinische psychologie, persoonlijkheidsleer, klinische
neuropsychologie, gezondheidspsychologie.

Persoonlijkheid en gedrag

Definitie: persoonlijkheid is een gedragsdispositie; de geneigdheid
om bepaald gedrag te vertonen, deels onafhankelijk van de situatie.

Persoonlijkheid is geen dichotome (“wel/niet aardig”) of ordinale
eigenschap (waterman, steenbok, etc.) maar een continu verdeelde
eigenschap (‘trait’, een continu verdeelde eigenschap).

Persoonlijkheid kan een risico zijn specifieke gedragsstoornissen. Trekken (traits) zijn normaal
verdeeld over de bevolking. Wanneer we kijken in de staarten van de normaal verdeling zullen dit de
mensen zijn die een verhoogde kans hebebn op het ontwikkelen van een stoornis. Dit betekent niet
dat wanneer je iemand zich middenin bevind nooit een stoornis zal ontwikkelen, maar deze kans is
aanzienlijk lager!

Individuele verschillen

Gedrags komt voort uit onze huidige
omgeving en gedragsdispositie. De
gedragsdispositie komt voort uit de genen
afkomstig van beide ouders en de
omgevingsimpact. De omgevingsimpact
dekt alles wat we meemaken in ons leven.
Een voorbeeld hiervan is bijvoorbeeld de
mate waarin iemand aan stress wordt
bloodgesteld. Dit in combinatie met de
lichamelijke reactie op stress, door
bijvoorbeeld cortisol aanmaak, genetisch
vast gelegd door de ouders zullen van
invloed zijn op de gedragsdispositie.
Dan is er nog een invloed van gedrag op omgevingsinvloeden. Wanneer mensen heftiger op
conflict zal reageren zullen ze zich vaker in conflicten bevinden. Dit noemen we de ge-
omgevingscorrelatie. Daarnaast is der nog de invloed van gedrag op de evolutie. Die van invloed is op
de genen. En deze heeft betrekking op de evolutieleer van darwin.

Korte samenvatting biologie 4, 5, 6 VWO

Genetische informatie ligt vastgelegd in ons DNA. DNA ligt in de vorm van chromosomen. Hiervan
zijn er 23 paren vast gelegd. Hiervan is één paar het sekse chromosoom. Bij mannen bestaat deze
uit XY en bij vrouwen uit XX.

Bij bevruchting krijgt men één allel van de moeder en één allel van de vader. Deze vormen het
gen van de foetus. Dit proces vormt ons genotype. Het genotype is onze unieke code van DNA.
DNA dient als producten voor eiwitten. Dit gebeurt aan de hand van RNA en mRNA. mRNA maakt
een kopie van het DNA en vervolgens zorg voor RNA de productie van specifieke eitwitten.

, We verschillen in ongeveer 1 op de 700 baseparen (in een totaal van 3000 miljoen baseparen).
Individuele verschillen in gedragsdisposities hangen samen met genetische variatie tussen
individuen. Twee willekeurige personen verschillen in 1 op de 7 base paren.

Variatie in de genen zorgt voor variatie in de eiwitten. Deze eiwitten spelen in alle biologische
processen een rol. Wanneer deze eiwitten anders zijn zullen synapsen ook net anders
functioneren en hier reageren op hun beurt de zenuwcellen weer op. De zenuwcellen vormen
met elkaar netwerken en deze netwerken vormen systemen. Deze netwerken en systemen
worden nog steeds allemaal beïnvloed door onze eiwitten en vormen uiteindelijk gedrag. Via
deze route zie je dat zoiets als ons DNA van invloed is op ons gedrag.

Genen > eiwitten > synapsen > zenuwcellen > netwerken > systemen > gedrag

Daarnaast komen individuele verschillen voort uit gedeelde en unieke omgevingsfactoren.

- Gedeelde Omgeving: baarmoeder, gezin, buurt, school, sociaal-economische, klasse
(SES), religie, cultuur.
- Unieke Omgeving: vriend(inn)en, schoolklas, ziekte, werk, levenstijl (roken, drinken,
sport, eetgewoonten)

Erfelijkheid = het deel van de totale variantie in een eigenschap die verklaard wordt door
genetische verschillen tussen individuen. Variantie is de statistische term voor individuele
verschillen.

- Totale variantie in een eigenschap =
o Genetische variantie (g2) +
o Gedeelde omgevingsvariantie (c2) +
o Unieke omgevingsvariantie (e2) +
o gxc interactietermen (kruipen in g2).
o gxe interactietermen (kruipen in e2).

Erfelijkheid oftewel ‘heritability’ (h2)
= g2 / (h2 + c2 + e2)



Gedragsgenetica

Kernvraag: Wat is de bijdrage van genetische variatie en variatie in unieke en gedeelde
omgevingsfactoren aan individuele verschillen in gedrag, persoonlijkheid en andere eigenschappen?

Methoden in de gedragsgenetica:

- Selectieve teelt (onethisch, behandelen we niet verder!!)
- Familiestudies
- Adoptiestudies
- Tweelingstudies

Familiestudies: hierbij wordt ervanuit gegaan dat er een bepaalde mate van genetische overlap is
tussen familieleden. Men correleert de mate van genetische relaties tussen familieleden met de
mate van overeenkomst in persoonlijkheid. Als een eigenschap zeer erfelijk is, dan zouden leden van
een familie genetisch meer die meer aan elkaar gerelateerd zijn meer op elkaar moeten lijken dan de
familie leden die minder gerelateerd zijn. Familieleden met dezelfde genetische achtergrond delen

Written for

Institution
Study
Course

Document information

Uploaded on
November 21, 2019
Number of pages
5
Written in
2018/2019
Type
SUMMARY

Subjects

$4.76
Get access to the full document:

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
jalienvandentweel Vrije Universiteit Amsterdam
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
35
Member since
7 year
Number of followers
28
Documents
10
Last sold
3 year ago

3.5

2 reviews

5
0
4
1
3
1
2
0
1
0

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions