Tilburg University – psychologie jaar 1
2024
0
Steffie van de Ven – Psychologie jaar 1
,Inhoud
Table of Contents
Hoofdstuk 1...............................................................................................3
3.1.............................................................................................................7
3.3 gehoor en de rest van H3.................................................................11
4.1 Van zintuig naar waarneming...........................................................12
4.2 Van retina naar de hersenen (bottom-up).........................................13
4.3 Top-down invloeden..........................................................................13
4.4 Waarneming van diepte en beweging...............................................14
4.5 Waarneming en actie........................................................................15
4.6 Leren bij waarneming.......................................................................16
5.1 Selectieve aandacht: Hoe goed kunnen we ons concentreren?........17
5.2 Verdeelde Aandacht - Hoe goed kunnen we twee taken tegelijk
uitvoeren?...............................................................................................19
5.3 Aandachtsstoornissen.......................................................................20
5.4 bewuste en onbewuste processen....................................................21
5.5 slapen...............................................................................................22
5.6 hypnose............................................................................................24
5.7 Psychoactieve middelen...................................................................25
6.1 Klassieke conditionering...................................................................26
6.2 Operante conditionering...................................................................28
6.3 Observerend leren............................................................................35
6.4 Is bewustzijn nodig om te leren via conditionering?.........................36
7.1 achtergrond......................................................................................37
7.2 Het geheugenmodel van Atkinson en Shiffrin...................................38
7.4 Informatie verwerven........................................................................42
7.5 het opslaan en bewaren van informatie...........................................43
7.6 Informatie oproepen.........................................................................44
7.7 Herinnering is reconstructie..............................................................46
7.8 Amnesie en het impliciete geheugen................................................49
8.1 spreken.............................................................................................50
8.2 Luisteren en lezen.............................................................................53
1
Steffie van de Ven – Psychologie jaar 1
, 8.3 Van woorden naar conversatie..........................................................56
8.4 Betekenis communiceren..................................................................58
8.5 Bijkomende taalvormen....................................................................61
9.1 Problemen oplossen..........................................................................62
9.2 Redenering........................................................................................64
9.3 Beslissingen nemen..........................................................................65
9.4 Taal en denken..................................................................................66
10.1 wat is emotie?................................................................................67
10.2 Emotie en Cognitie..........................................................................70
10.3 Neurologie van Emoties..................................................................71
10.4 Wat is Motivatie?.............................................................................72
10.6 seks.................................................................................................73
10.7 Prestatiemotivatie...........................................................................74
2
Steffie van de Ven – Psychologie jaar 1
,Hoofdstuk 1
Psychologie is de wetenschap die gedrag bestudeert om de interne processen te begrijpen
die aan dat gedrag ten grondslag liggen.
Hermann von Helmholz (1821-1894):
o Een veelzijdig wetenschapper die belangrijke inzichten leverde op het gebied van
zien, horen, wiskunde, en natuurkunde.
o Bijdrage: Mat als eerste de snelheid van zenuwimpulsen in zenuwvezels (30 m/s
of 100 km/u) door een zenuw in de poot van een kikker te stimuleren en verderop
op te vangen.
Fransiscus Donders (1868):
o Tilburgse oogarts die de tijd van mentale processen mat om de structuur van de
geest te begrijpen (mentale chronometrie).
o Deze additieve factorenlogica (Methode om mentale processen te onderzoeken
via veranderingen in reactietijd) wordt nog steeds gebruikt in fMRI-onderzoek om
breinactiviteit tijdens experimentele taken te analyseren.
Evolutietheorie (Darwin, 1859, "On the Origin of Species"):
o Levende wezens evolueren door genetische variatie, natuurlijke selectie, de
'struggle for life', en 'survival of the fittest'.
o Betekenis voor psychologie: Menselijk gedrag kan op dezelfde manier bestudeerd
worden als diergedrag. Dit staat tegenover het eerdere idee dat de mens een ziel
heeft die niet verbonden is met aardse wetmatigheden.
Wilhelm Wundt (1879):
o Opende het eerste laboratorium voor experimentele psychologie aan de
universiteit van Leipzig, Duitsland. Hij wordt gezien als de grondlegger van de
wetenschappelijke psychologie.
o Structuralisme: Richtte zich op de “onmiddellijke ervaring”, bestaande uit
sensaties, mentale beelden/herinneringen, en gevoelens.
o Methode: Introspectie om de structuur en de elementen van het bewustzijn te
ontdekken, hoewel dit onbetrouwbaar bleek.
3
Steffie van de Ven – Psychologie jaar 1
, Alfred Binet en Théodore Simon (1907):
o Ontwikkelden de eerste bruikbare intelligentietest, wat hen de vaders van de
toegepaste psychologie maakt.
William James (1842-1910):
o Functionalisme: Psychologie dient praktische doelen zoals het optimaliseren van
onderwijs, opsporen en behandelen van gevaarlijke afwijkingen, en bevorderen
van industriële productie.
John Watson (1878-1958):
o Behaviorisme: Pleitte voor het bestuderen van enkel observeerbaar gedrag om
psychologie wetenschappelijker te maken. Gedrag wordt gezien als resultaat van
eenvoudige Stimulus-Respons (S-R) koppelingen.
Sigmund Freud (1856-1939):
o Psychoanalyse: Stelde dat bewustzijn en gedrag slechts oppervlakkige fenomenen
zijn en dat onbewuste krachten zoals seks en agressie verantwoordelijk zijn voor
persoonlijkheidsverschillen en mentale stoornissen.
Gestaltpsychologie:
o Proponenten: Max Wertheimer, Wolfgang Köhler, Kurt Koffka.
o Kernidee: Het geheel is meer dan de som der delen. Zij verzetten zich tegen
Wundt’s structuralisme en tegen het behaviorisme.
o Fenomeen: Apparente beweging, waarbij twee lampjes die op de juiste
timing/afstand oplichten lijken te bewegen als één lampje.
Biologische Invloeden op Psychologie:
1. Centrale Zenuwstelsel (CZS): Het CZS maakt gedrag mogelijk en aandoeningen hierin
hebben invloed op psychologisch functioneren.
2. Invloed van Lichaam op Geest: Lichamelijke toestanden zoals honger, pijn, zonlicht,
lichaamsbeweging, en 'gut-brain' (brein-darm interacties) beïnvloeden het denken en
gedrag.
3. Erfelijkheid: Eigenschappen zoals IQ, persoonlijkheid, en ADHD kunnen erfelijk zijn,
onderzocht via tweelingenonderzoek, adoptiestudies, en stamboomonderzoek.
4. Evolutie: Gedragingen kunnen worden begrepen vanuit menselijke
evolutiegeschiedenis, bijvoorbeeld bij partnerkeuze.
4
Steffie van de Ven – Psychologie jaar 1