A) Mening over rollenspellen
Het inzetten van rollenspellen vind ik een goede techniek om de theoretische kennis
daadwerkelijk uit te proberen. Belangrijke doelen die met rollenspellen kunnen worden
nagestreefd zijn:
Ervaren hoe je een gesprek voert met verschillende persoonlijkheidstypen en
ontdekken welk communicatiepatroon je hierbij inzet.
Vergroten van je empathie door te ervaren wat de interventies van de ander met je doet
als je de rol van client aanneemt.
Inzicht krijgen in je competenties door feedback van de observant en door het
terugkijken van je eigen opname.
Door mijn hooggevoeligheid zie ik op tegen de verschillende emoties die komen kijken bij
rollenspellen. Hoe parkeer ik de gevoelens van anderen en hoe zorg ik ervoor dat ik niet ‘leeg’
ben na een aantal gesprekken? Ik ervaar rust bij de gedachte dat ik door veel oefenen een weg
zal vinden hoe ik hier het beste mee om kan gaan.
Daarnaast zie ik op tegen rollenspellen met personen met een dominant karakter. Door dit
persoonlijkheidstype kan ik in mijn schulp kruipen en me onzeker voelen. Door tegen mezelf
te zeggen dat we gelijkwaardig zijn en mijn beide voeten stevig op de grond te zetten, hoop ik
dat ik me al iets zelfverzekerder voel tijdens het gesprek.
B) Aspecten om te oefenen
2.1 Observatief luisteren – blz 62.
Het is goed om mijn eigen gedachten te accepteren, maar reflecteren van mijn gedachten
en gedragingen zijn bedoeld na afloop.
2.2 Niveau aanpassen aan gesprekspartner: vakjargon vermijden – blz. 67
Goed om bewust te zijn dat het vakjargon dat ik mezelf aanleer, niet voor alle cliënten
vanzelfsprekend is.
2.3 Vragen: verkapte verwijten vermijden – blz. 74
De waarom-vragen zitten vermoedelijk in mijn systeem, omdat ik het altijd zag als een
open vraag en niet wist dat dit kwetsend over kan komen.
2.4 Luisteren: reflectie – blz. 83
Herhaal letterlijk een aantal woorden van je cliënt, waarbij je stem aan het einde van de
reflectie omlaaggaat.
2.5 Zenden: bezwaar maken – blz. 88
Over jouw grenzen: iets wat jouw cliënten zeggen of doen, overschrijdt wat voor jou
aanvaardbaar is.
2.6 Structuren en reguleren: metacommunicatie – blz. 95