ONTWIKKELING VAN HET CULTUURLANDSCHAP
BEWONING
6e eeuw voor Christus = Eerste mensen kwelderland.
Op zoek naar weidegronden.
Bouwden boerderijen op kwelderwallen in de buurt van een geul of priel.
Overstromingen waren erg gevaarlijk in die tijd.
Plaatselijke opstuwing van het zeewater + verschil in waterlozing speelt een belangrijke rol.
Gevolg: Mensen verhoogden hun huissteden zo dat er terpen ontstonden waar ze op woonden.
Sommige groeiden aan elkaar waar gehele dorpen op lagen.
In centrum op de kruin een open ruimte waar een zoetwatervijver werd aangelegd.
Zo ontstond het noordelijke zeekleigebied!
Kenmerkend:
Terpen, wierden of Wurten.
Oudste terpen = 5e/4e eeuw voor Christus.
Het gebied werd niet verhoogd als de dreiging van de zee te groot was en als een gevolg daarvan
werd het gebied verlaten.
Zee bedekte ze met een laag klei.
Sommige andere nederzettingen = overslibd ==> verlaten.
Romeinse tijd = Terpengebied kwam tot grote groei.
Gebied breidde zich snel uit en er werd intensief op terpen gewoond.
Gevolg: Door de vorming van de kwelderwallen, was het lastiger om zeewater af te voeren.
Gevolg dichtslibben mondingen = Moerassen ontstonden.
Voel samen met het instorten van het Romeinse Rijk.
Combinatie van die twee liet het gebied leeglopen.
= Mensen maakte hogere dijken en wilden het
gehele noordelijke kustgebied met een zeedijk bedijken.
==> Hierdoor hoefden mensen niet meer op terpen te
wonen.
1300 = Steenhuizen werden gebouwd door personen uit
invloedrijke geslachten.
Soms op een kleine verhoging = stinswier.