bestuurs(proces)re Paragraaf 1.1. t/m 1.1.5 +
cht 1.2.4. (t/m blz. 45) + 1.3.1 en
1.4.
Jurisprudentie:
Jetski’s (ECLI:NL:RVS:2002:AE7
801)
Handelingen van Week 2: deel I Bröring
het bestuur Paragraaf 4.1.1 + 4.1.2.1 (t/m
blz. 160) + 4.2.1 t/m 4.2.3.1 +
4.2.4.1 t/m 4.2.4.2 +
4.3.1 + 4.3.3 + 4.3.5 + 4.3.6
+ 5.1 en 5.2.1.
Bestuursorganen Week 3: deel I Bröring
en Paragraaf 2.3.1 t/m 2.3.4 +
bevoegdheidsver- 3.1 t/m 3.2.1 + 3.3.1 + 3.4.1
krijging t/m 3.4.2.3 + 3.6.1 t/m 3.6.2.1
+ 3.6.4. en 3.6.5.
Jurisprudentie: hinder
vliegverkeer Schiphol
(ECLI:NL:RVS:2014:3379) en
de examencommissie
(ECLI:NL:RVS:2005:AT5665)
Belanghebbenden Week 4: deel I Bröring
Paragraaf 2.4 t/m 2.5.
Jurisprudentie: Cantina la
bamba
(ELCI:NL:RVS:2015:3001) en
belanghebbende
pluimveehouderij
(ECLI:NL:RVS:2016:3431).
Normering van Week 5: deel I Bröring
bestuurshandelen Paragraaf 7.3 t/m 7.3.2. +
8.5.1 t/m 8.5.3 + 9.2.1 +
9.2.3. + 9.3.1. en 9.5.1.
Rechtsbeschermin Week 6: deel II Marseille
g de Paragraaf 1.2 (t/m blz. 25) +
voorprocedure 4.2.1 t/m 4.3.3. (m.u.v. het
kopje ‘pro forma bezwaar/beroep’)
+ 4.4.1 + 4.4.2 (m.u.v. het
kopje ‘later begin van de termijn
(art. 6:8 Awb)’ en ‘termijn bij niet
tijdig nemen van een besluit’) +
5.1 + 5.2.1 + 5.2.2 + 5.3.3.6
+ 5.3.4.1. (m.u.v. de kopjes
‘alleen de onderdelen van een
besluit die door een
bezwaarmaker zijn
aangevochten’ en ‘geen
reformatio in peius’) en 5.3.4.4.
Rechtsbeschermin Week 7: deel II Marseille
g de Herhaling van paragraaf 4.2.1
1
,bestuursrechter t/m 4.3.3. (m.u.v. het
kopje ‘pro forma bezwaar/beroep’)
+ 4.4.1 + 4.4.2 (m.u.v. het
kopje ‘later begin van de termijn
(art. 6:8 Awb)’ en ‘termijn bij niet
tijdig nemen van een besluit’).
Paragraaf 6.3.1.+ 6.4.3 (alleen
blz. 243) + 6.6.3.+ 6.6.5 en
6.6.5.2 (t/m blz. 293).
Neem je studieboeken,
wettenbundels en laptop mee
naar de werkdag, je hebt ze
nodig.
2
,Inhoudsopgave
Bestuursrecht Deel 1..............................................................................................................................4
Hoofdstuk 1 Inleiding..........................................................................................................................4
Hoofdstuk 2 Personen in het bestuursrecht.......................................................................................9
Hoofdstuk 3 Verlening van een publiekrechtelijke bestuursbevoegdheid........................................15
Hoofdstuk 4 Handelingen van het bestuur.......................................................................................18
Hoofdstuk 5 Soorten besluiten.........................................................................................................22
Hoofdstuk 7 Bevoegdheidsuitoefening door het bestuur.................................................................22
Hoofdstuk 8 Formele normen van besluitvorming...........................................................................24
Hoofdstuk 9 Materiële normen van besluitvorming.........................................................................25
Deel 2 Bestuursrecht............................................................................................................................27
Hoofdstuk 1 Plaatsbepaling rechtsbescherming...............................................................................27
Hoofdstuk 4 Ontvankelijkheid..........................................................................................................28
Hoofdstuk 5 Procedures van bestuurlijke heroverweging................................................................30
Hoofdstuk 6 Beroep bij de bestuursrechter......................................................................................34
3
, Bestuursrecht Deel 1
Hoofdstuk 1 Inleiding
1.1 Centrale vragen van bestuursrecht
Bestuursrecht gaat over:
- Het instrumentarium van het overheidsbestuur, waarmee het bestuurt
- De normen voor het overheidsbestuur, die bij het besturen in acht moeten worden genomen
- De (rechtsbescherming)mogelijkheden voor betrokkenen om zich tegen het
overheidsbestuur te verzetten
Definitie bestuursrecht: recht voor, van en tegen het overheidsbestuur
Dit overheidsbestuur heeft betrekking op de samenleving. Bestuursrecht gaat over de actieve
bemoeienis van de overheid met de samenleving
Deze definities laten een aantal vragen onbeantwoord:
1. Waarom is het overheidsbestuur nodig?
2. Waarom zijn er aparte regels van bestuursrecht in het leven geroepen?
3. Op welke terreinen treedt de overheid op, en hoe?
4. Hoe heeft de bestuursrechtelijke betrekking tussen bestuur en burgergehalte gekregen?
5. Hoe wordt de kwaliteit van het overheidsbestuur gewaarborgd?
1.1.1 Waarom is het overheidsbestuur nodig?
Taken die vanuit een oogpunt van het algemeen belang als essentieel worden gezien, en voor de
behartiging waarvan een zeker gezag is vereist, toegerekend aan organen van de rijksoverheid of van
provinciale of gemeentelijke overheden dat overheidsbestuur noodzakelijk is blijkt uit dat burgers
vaak beroep doen op allerlei overheidsinstanties
Overheid treedt vaak op in zaken waarbij tegengestelde belangen spelen
1.1.2 Waarom zijn er aparte regels van bestuursrecht?
Bij strafrecht wordt er gericht op de bestraffing van de dader en bij bestuursrecht is het gericht op
het bereiken of herstellen van de legale situatie
Strafrechtelijke normen zijn onvoorwaardelijk geformuleerd absolute geboden of verboden
Bestuursrechtelijke normen zijn voorwaardelijk geformuleerd iets is verboden tenzij vergunning of
ontheffing wordt verleend
1.1.3 Op welke terreinen treedt de overheid op, en hoe?
1e helft 19e eeuw: ordende functie zorg voor openbare orden, de buitenlandse betrekkingen en
defensie, overheid trad met name ter hand op van dwingende normen
2e helft 19e eeuw: bestaanszekerheid van burgers aangetrokken totstandkoming
socialeverzekeringswetgeving
4