slikstoornissen.
Dysfagie en Dysartrie zijn nauw met elkaar verbonden.
Alles van onderzoeken, dit wordt als bekend veronderstelt. Je moet dus weten wat het is
Behandeling van orofaryngeale dysfagie.
Specifieke diagnosegroepen:
- In acute fase na CVA
- Patiënten met een tracheacanule, terugblik op vorige week.
- Patiënten met hoofd-hals-oncologie
- Ouderen (presbyfagie)
Behandeling:
- Medisch
- Logopedisch
o Revalidatietechnieken
o Instrumentele ondersteuning
o Compensatietechnieken.
Principes van motorisch leren bij dysfagie.
Slikstoornissen na CVA, wat zien we vaak in acute fase?
Bijv. Stroke Unit.
- Verslikken in dunne dranken; eigenlijk meer in dun drinken dan in yoghurt of vla. Dun
drinken vliegt eigenlijk alle kanten op.
- Moeite met kauwen.
- Achterblijven van voedsel in de wang; dit kan komen door een verlamming aan het
aangezicht (= Nervus Facialis = 7). Perifeer = oog en de mond. Na een CVA, alleen de
mond.
- Voedsel/ vochtverlies uit mondhoek vanwege een verlamming in het aangezicht.
Specifiek – CVA in de hersenstam.
Syndroom van Wallenberg met unilaterale uitval n. IX en X:
- De patie2nt kan speeksel niet wegslikken (afagie) en spuugt het uit.
- Slokje water of hapje appelmoes: blijft hangen, de patiënt rochelt het uiteindelijk op
en spuugt het uit.
- Meestal wel goede hoestreflex en geen aspiratie vanwege…
- Volledige sondevoeding.
- Lichte dysartrie, hypernasaliteit vanwege unilaterale uitval n. IX en X.
- Vaak natte stem vanwege… maar ook hese stem vanwege unilaterale uitval n.X.
(Vagus)
, Dysfagie.
Acute fase na CVA hersenstam = Wallenberg syndroom.
Een kant is uitgevallen, vaak neemt de andere kant het dan over. Dit komt vaak voor bij het
syndroom van Wallenberg.
Oncologische slikstoornissen.
- Tumoren van de kaak, mondbodem, tong, gehemelte = alles wat je nodig hebt om te
slikken.
- Na verwijdering van de tumor slikproblemen.
- Na bestraling van de tumor door:
o Speekselklieren werken niet meer goed, met als gevolg een droge mond
(xerostomie).
Neurologisch en oncologisch.
Verschillen tussen de patiëntengroep:
Neurologische problemen Oncologische problemen.
Herstelmechanismen -
In de hersenen. Niet in de hersenen.
Doordat het brein is aangedaan, komen er De hersenen functioneren nog goed
vaak andere problemen bij kijken. De waardoor de communicatie makkelijker zal
cognitie is aangedaan. gaan en je wat moeilijkere oefeningen kunt
doen.
Spierzwakte Geen spierzwakte.
En dus ziet de therapie er ook heel anders uit.
Ouderen – Presbyfagie.
Afnemende spierkracht en informatieverwerking.
- Grote individuele verschillen.
- Geen onveilige slik.
Wel:
Orale fase:
- Incompleet of niet passend gebit.
- Meer tijd nodig.
- Afnemende reuk/smaak.
RED – onderzoeksproject HG.
Rondom eten en drinken bij dementie.
- Desing of a multilevel screening tool to detect mealtime problems in older people
with dementia.