Vascular Biology Evelien Floor
Fysiologie van bloedvaten
Genereren van druk
Arteriën bevatten spieren die de bloeddruk kunnen moduleren, venen doen dit minder. De grootste
weerstand wordt gecreëerd in de artereien, arteriolen en het begin van het capillaire vaatbed. Door
spierpompen en kleppen kan het bloed door het veneuze stelsel vervoerd worden.
Het hart genereert kracht en druk. De bloeddruk is het hoogst in de aortaboog tijdens de systole. In
grote vaten is er een kleine afname in bloeddruk door lage vasculaire weerstand. Er is een groter
bloeddrukverlies in kleine arteriën en arteriolen door wrijving en een groter oppervlak. In de capillairen
en venen heerst een lage bloeddruk. De bloeddruk neemt af bij de overgang van arteriën naar venen.
Het verschil tussen de systolische en diastolische bloeddruk wordt de polsdruk genoemd. De polsdruk
neemt geleidelijk af van arteriën naar venen. De mean arterial pressure (MAP) is de gemiddelde druk
in een persoons arteriën tijdens 1 hartcyclus. De MAP is het meest indicatief voor fysiologische
perfusie. De central venous pressure (CVP) is de druk in de venen bij de ingang van het rechter atrium.
• MAP = Pdias + 1/3 (Psys – Pdias)
• Systemic vascular resistance (SVR) = (MAP – CVP)/cardiac output
Karakteristieken van druk en stroomsnelheid
De hartslag genereert pulsgolven, deze zijn sneller dan de stroomsnelheid. Bij het meten van de
polsslag wordt de puls die door de vaten gaat gemeten. De vorm en snelheid veranderen in het
arteriële vaatbed door compliantie, vasculaire weerstand, shear stress en stroomsnelheid.
Compliantie
Compliantie is niet hetzelfde als elasticiteit. Elasticiteit is de eigenschap van weefsel die meet hoe goed
een weefsel terug zal keren naar zijn oorspronkelijke vorm wanneer een bepaalde druk verdwijnt.
Compliantie is de eigenschap van weefsel die meet hoe goed het zich kan aanpassen aan druk. Een
compliante long kan makkelijk uitzetten wanneer de spieren hun werk doen. Compliantie hangt af van
collageenvezels in arteriën.
• C = DV/DP
Vasculaire weerstand
De vasculaire weerstand kan met de SVR formule berekend worden. Bloedvaten kunnen in series
geplaats zijn dus achter elkaar maar ook parallel waarbij 1 bloedvat in meerdere vaten splitst. Door
parallelle plaatsing ontstaat frictie: vaten splitsen waardoor het bloed even ergens tegenaan komt
voordat het naar de twee nieuwe vaten stroomt. De weerstand wordt dan ook anders berekent:
• Series: R = RA + Ra + Rc + Rv +RV
• Parallel: 1/RX = (1/R1) + (1/R2) + (1/R3)
1
Fysiologie van bloedvaten
Genereren van druk
Arteriën bevatten spieren die de bloeddruk kunnen moduleren, venen doen dit minder. De grootste
weerstand wordt gecreëerd in de artereien, arteriolen en het begin van het capillaire vaatbed. Door
spierpompen en kleppen kan het bloed door het veneuze stelsel vervoerd worden.
Het hart genereert kracht en druk. De bloeddruk is het hoogst in de aortaboog tijdens de systole. In
grote vaten is er een kleine afname in bloeddruk door lage vasculaire weerstand. Er is een groter
bloeddrukverlies in kleine arteriën en arteriolen door wrijving en een groter oppervlak. In de capillairen
en venen heerst een lage bloeddruk. De bloeddruk neemt af bij de overgang van arteriën naar venen.
Het verschil tussen de systolische en diastolische bloeddruk wordt de polsdruk genoemd. De polsdruk
neemt geleidelijk af van arteriën naar venen. De mean arterial pressure (MAP) is de gemiddelde druk
in een persoons arteriën tijdens 1 hartcyclus. De MAP is het meest indicatief voor fysiologische
perfusie. De central venous pressure (CVP) is de druk in de venen bij de ingang van het rechter atrium.
• MAP = Pdias + 1/3 (Psys – Pdias)
• Systemic vascular resistance (SVR) = (MAP – CVP)/cardiac output
Karakteristieken van druk en stroomsnelheid
De hartslag genereert pulsgolven, deze zijn sneller dan de stroomsnelheid. Bij het meten van de
polsslag wordt de puls die door de vaten gaat gemeten. De vorm en snelheid veranderen in het
arteriële vaatbed door compliantie, vasculaire weerstand, shear stress en stroomsnelheid.
Compliantie
Compliantie is niet hetzelfde als elasticiteit. Elasticiteit is de eigenschap van weefsel die meet hoe goed
een weefsel terug zal keren naar zijn oorspronkelijke vorm wanneer een bepaalde druk verdwijnt.
Compliantie is de eigenschap van weefsel die meet hoe goed het zich kan aanpassen aan druk. Een
compliante long kan makkelijk uitzetten wanneer de spieren hun werk doen. Compliantie hangt af van
collageenvezels in arteriën.
• C = DV/DP
Vasculaire weerstand
De vasculaire weerstand kan met de SVR formule berekend worden. Bloedvaten kunnen in series
geplaats zijn dus achter elkaar maar ook parallel waarbij 1 bloedvat in meerdere vaten splitst. Door
parallelle plaatsing ontstaat frictie: vaten splitsen waardoor het bloed even ergens tegenaan komt
voordat het naar de twee nieuwe vaten stroomt. De weerstand wordt dan ook anders berekent:
• Series: R = RA + Ra + Rc + Rv +RV
• Parallel: 1/RX = (1/R1) + (1/R2) + (1/R3)
1