Doelen:
• Je kent de basis-anatomie van de wervelkolom (wervels, stabiliteit,
beweging)
• Je kent de anatomie en de klinisch relevante kenmerken van de CWK
• Je kunt iets vertellen over een Whiplash
- Wervels (bot) en tussenwervelschijven (kraakbeen). Stevigheid en flexibiliteit
Kromming naar voren= lordose (cervicaal, lumbaal)
Kromming naar achteren= kyfose (thoracaal)
5 onderdelen:
7 cervicaal, 12 thoracaal, 5 lumbaal
7 uur ontbijt, 12 uur lunch, 5 uur diner
Sacrum
Coccyx
Corpus vertebrae= het lichaam, gele stuk,
gewichtdragende gedeelte
Het raam (gat)= foramen vertebrae, ligt
ruggenmerg in →
Op elk wervel gedeelte komt er een spinale zenuw uit (geven de lijnen aan)
Facet gewrichtjes= synoviale gewrichten. Grijpen
op elkaar in: stabiel.