Voornaamwoorden
Persoonlijke voornaamwoorden
1. De persoonlijke voornaamwoorden
NL Wanneer het ondw. is NL Wanneer het geen ondw is
Ik I mij me
Jij you jou you
Hij he hem him
Zij she haar her
Wij we ons us
Jullie you jullie you
Zij (MV) they hen them
2. It
It gebruik je voor dieren en dingen in het Engels, ook wanneer wij dit in het
Nederlands niet doen.
Bijv:
Waar is mijn pen? Ik heb hem net gebruikt -> Where is my pen? I just used it.
Waar is de hond? Hij is in de tuin. -> Where is the dog? It is in the garden.
3. Nederlands = het, Engels = niks
Na een paar werkwoorden in het Engels word “het” niet vertaald naar it.
Deze woorden zijn: to ask/know/mind/remember/tell/try/understand
Hij vroeg het niet. -> He didn’t ask. (NIET didn’t ask IT)
Ik weet het. -> I know.
Ik vind het niet erg. -> I don’t mind.
Ik herinner me het niet. -> I don’t remember.
Ik heb het je verteld. -> I told you.
Ik zal het proberen. -> I will try.
Ik begrijp het. -> I understand.
4. Het = So
Na to hope en to think gebruik je so, niet it.
Bijv:
I hope so.
I hope it.
Bezittelijke voornaamwoorden
1. De bezittelijke voornaamwoorden
NL EN
Mijn my
Jouw your
Zijn his
Haar her
Ons our
Jullie your
Hun their
Persoonlijke voornaamwoorden
1. De persoonlijke voornaamwoorden
NL Wanneer het ondw. is NL Wanneer het geen ondw is
Ik I mij me
Jij you jou you
Hij he hem him
Zij she haar her
Wij we ons us
Jullie you jullie you
Zij (MV) they hen them
2. It
It gebruik je voor dieren en dingen in het Engels, ook wanneer wij dit in het
Nederlands niet doen.
Bijv:
Waar is mijn pen? Ik heb hem net gebruikt -> Where is my pen? I just used it.
Waar is de hond? Hij is in de tuin. -> Where is the dog? It is in the garden.
3. Nederlands = het, Engels = niks
Na een paar werkwoorden in het Engels word “het” niet vertaald naar it.
Deze woorden zijn: to ask/know/mind/remember/tell/try/understand
Hij vroeg het niet. -> He didn’t ask. (NIET didn’t ask IT)
Ik weet het. -> I know.
Ik vind het niet erg. -> I don’t mind.
Ik herinner me het niet. -> I don’t remember.
Ik heb het je verteld. -> I told you.
Ik zal het proberen. -> I will try.
Ik begrijp het. -> I understand.
4. Het = So
Na to hope en to think gebruik je so, niet it.
Bijv:
I hope so.
I hope it.
Bezittelijke voornaamwoorden
1. De bezittelijke voornaamwoorden
NL EN
Mijn my
Jouw your
Zijn his
Haar her
Ons our
Jullie your
Hun their