- PO = psychodiagnostisch onderzoek
- → onderzoek met gestandaardiseerde instrumenten
- Als behoefte is aan nadere diagnostiek
- Na intake
- Bij stagnatie behandeling
- Na afloop behandeling
- Bij meningsverschil over diagnose (second opinion)
- Rechtszaak (expertise)
- Klinische PO vragen
- Onderkenning → wat is er aan de hand?
- Verklaring → wat beïnvloedt ontstaan of beloop?
- Indicering → hoe het beste verholpen?
- Format ‘klinisch PO’
- 1. Clientgegevens
- 2. Reden van aanmelding
- 3. Anamnese
- 4. Vraagstellingen
- 5. Observaties en indrukken
- 6. Testresultaten
- 7. Samenvatting en integratief beeld (beschrijvende diagnose)
- 8. Conclusies en advies
- 9. Bijlage: ruwe en normscores
- BAPD format
- 1. Geanonimiseerde clientgegevens
- 2. Reden can aanmelding
- 3. Verkorte anamnese
- 4. Vraagstelling
- 5. Onderbouwde hypothesen
- 6. Onderbouwde testverantwoording
- 5. Observaties en indrukken
- 6. Testresultaten
- 7. Samenvatting en integratief beeld
- 8. Onderbouwde conclusies en advies
- 9. Evaluatie en ethiek
- 10. Bijlage: ruwe en normscores en bronnenlijst
- Hoofddoel BAPD
- Navolgbaar maken, onderbouwen en kritisch evalueren van het eigen
diagnostisch redeneerproces, aan de hand van de huidige staat van
empirische kennis en theorie
- Stappen PO navolgbaar: hypothesen en testverantwoording
- Evidence based / best practice opzet: onderbouwing keuzes en
conclusies a.d.h.v. gedegen bronnenonderzoek (o.a. GGZ richtlijenn,
GGZ standaarde, Cotan)
- Zicht op beperkingen en verbeterpunten; Evaluatie en Ethiek
- HTM (hypothesetoetsend)
, - Scientist-pracioner BAPD format volgt expliciet HTM
-
- 1) Observatie: de eerste verzameling en groepering gedachten over totstandkoming
en voortduren probleemgedrag
2) Inductie: genereren van hypothesen
3) Deductie: omzetten van hypothesen naar toetsbare voorspellingen
4) Toetsing: toetsen van voorspellingen
5) Evaluatie : keuze verwerpen of behouden hypothesen
- Hoe het niet moet
-
- Waarom niet?
- Confirmation bias
- → denk ook aan alternatieve hypothesen
- HTM gaat veelal van breed naar smal
-
- Waarom niet?
- Vermijd excessive data collection bias (niet duidelijk welke
persoonlijkheidsproblematiek (neurotisch, extravert, etc.)): ongerichte
en overmatige dataverzameling leidt tot vals-positieve uitslagen
- HTM van tevoren hypothese opstellen, met indien nodig de toetsbare
voorspelling (indien nodig)
- Toetsbare voorspelling
- Vuistregel:
- Als hypothese (borderline) = meetpretentie (test die borderline meet)
- Dan geen toetsbare voorspelling geven
- Pointers HTM
, - Onderbouw hypothese - en denk aan alternatieven
- Koppeling met testselectie
- Meetpretentie sluit niet aan bij hypothese → geef en onderbouw de
toetsbare voorspelling
- Best practice / evidence based
- Vermijd een PO als black box (er gaat iets in en komt iets uit, maar wat daarin
gebeurt is een mysterie)
- Wanneer niet-hypothese toetsend
- Exploratief onderzoek
- Geef dan dit expliciet aan bij testverantwoording, leg meerwaarde uit
en houd gepaste conclusies aan (NIET BIJ PKP)
- Indicatiestellingsvragen
- Leg uit HOE het onderzoek gebruikt wordt om bepaalde
behandeladviezen wel/niet te geven
- BAPD eisen reikwijdte
- Methoden van onderzoek
- (1) zelfrapportage, (2), prestatietaken en (3)
beoordeling/observatie/interpretatie instrumenten
- Per verslag ≥ 2, in totaal 3
- Vraagstellingstypen
- (1) onderkennend, (2) verklarend en (3) indicerend
- Per verslag ≥ 1, in totaal 3
- Onderkennen vs verklaren
- Onderkennende diagnostiek
- o.a. DSM classificatie
- benoemen
- niet oorzakelijk
- vs.
- Beschrijvende diagnostiek
- Beschrijving van klachtenbeeld in relatie tot specifieke cliënt en wat
hierbij de predispositionerende, inducerende, onderhoudende,
versterkende en/of beschermende factoren betreffen
- begrijpen, verklaren
- subjectief
- Standaard template intake / anamnese
-
- Doelen anamnese
- 1) Genereren (en eerste keuze behouden/verwerpen) hypothesen
classificerende diagnoseN
- 2) Genereren (en eerse keuze behouden/verwerpen) hypothesen
beschrijvende diagnose
, - 3) Indicatiestelling met eerste opbouw werkrelatie
- 4 peilers klachtenanamnese
- 1. Heb ik een compleet overzicht van de klachten en probleemgebieden?
-
- 2. Heb ik een goed beeld van de ernst?
-
- 3. Heb ik een goed beeld van de tijdslijn, met de context: eventuele
predispositionerende, inducerende, onderhoudende/versterkende en
beschermende factoren?
-
- 4. Heb ik een idee van de behandelfocus?
-
- Sociale anamnese
- Heden: huidige leefsituaie en relaties
-
- Zelfzorg en rolfunctioneren: klachten/problemen en ernst
- Verleden: biografie