College 1
Belang vroege interventie
- Mentale gezondheidsproblemen van jongeren (10-24 jaar) grootste oorzaak van alle
ziektelast
- Interfereert met sociaal en academisch functioneren
- Bewezen lange termijneffecten op volwassen functioneren
Psychotherapie bij jongeren
- Motivatie? Kinderen melden zich niet zelf aan
- Gekleurd? Volwassene geven informatie
- ‘gevangenen’? zijn afhankelijk van hun omgeving
Maar wel een flexibel en plastisch brein
Interventie criteria
- Doelen stellen – wat?
o Concreet zijn
o Gericht op verandering van gedachten of gedrag
o Positieve doelen zijn motiverender
o SMART criteria
- Methode – hoe?
o Niet in isolatie mediatoren en moderatoren meenemen
- Evidentie – hoe?
o Etiologie en in standhoudende factoren
o Conceptuele analyse op risico en protectieve factoren
o Wat zijn de veranderbare factoren = het doel
- Uitvoering – hoe?
o Toepasbaar en uitvoerbaar binnen de klinische setting
o Overdraagbaar (transferable)
o Grenzen en mogelijkheden zijn helder
,College 2
NJI – interventie is een weldoordachte, systematische aanpak
- Planmatig en doelgericht
- Bevorderen van ontwikkeling
- Gericht op kind/jongere, de opvoeders of diens omgeving
- Afgebakend in tijd, duur en frequentie
Multi systeem therapie (MST)
- Gezinsbehandeling voor kinderen/adolescenten van 10-18 jaar met opvoeders
- Doel: verminderen van gedragsproblemen, veerkracht in het gezin/netwerk
vergroten en uithuisplaatsing voorkomen
- Aanpakken van risicofactoren in het netwerk en benadrukken van de sterke kanten
van het gezin
- 4-5 maanden met 24/7 beschikbaarheid van de therapeut
- Empirische effectiviteit
o De groep met extreme agressiviteit liet het grootste effect van interventie
zien
The incredible years
- Groepstraining voor ouders van kinderen van 3-8 jaar
- Doel: het verminderen van gedragsproblemen, sociaal-, emotionele en schoolse
vaardigheden ontwikkelen
- Aanleren positieve opvoedvaardigheden
- 18 wekelijkse sessies met opvoeders
Scientific evidence – de rol van de wetenschap
- Theoretische onderbouwing – fundamenteel onderzoek
o Waarom verwacht je dat de interventie werkt?
o Georganiseerde beschrijving van hoe bepaalde concepten samenhangen
o Wordt gebruikt om fenomenen te voorspellen en verklaren
o Vaak geconstrueerd op basis van verschillende empirische bevindingen
- Empirische effectiviteit – effectonderzoek
o Heeft de interventie het gewenste effect en wat is de sterkte?
o Waarnemingen of kennis die door ondervinding wordt verkregen (bijv.
observatie of metingen)
o Wordt gebruikt om hypotheses te toetsen in bepaalde populatie
o Verzameling van empirische bewijs kan theorieën bevestigen of ontkrachten
Theoretisch onderbouwing – criteria die beschreven moeten worden
- Probleem
o Aard, ernst, spreiding en gevolgen
- Oorzaken
o Veroorzakende en in standhoudende en belemmerende factoren
- Aan te pakken factoren
, o Factoren die in de interventie worden aangepakt, inclusief terugkoppeling
naar de interventiedoelen
- Verantwoording
o Argumentatie dat met deze aanpak de doelen bij de doelgroep bereikt
kunnen worden
Empirische effectiviteit
- Kenmerken
o Titel, auteurs, organisatie, jaartal
- Beschrijving onderzoek
o Type onderzoek, methodes, kenmerken en omvang van steekproef,
repsonspercentage, meetinstrumenten
- Uitkomsten
o Proces: bereik, fidelity (uitgevoerd volgens protocol?), waardering door
doelgroep, succes- en faalfactoren
o Effect: gevonden effecten, inclusief effect size
Hierarchy of evidence – type effect onderzoek
1. Meta-analyses CT
2. Narrative reviews CT
a. ‘gouden standaard’ – random indeling proefpersonen
b. Voorkomen systematische verschillen in condities
c. Blindering (single (= onderzoeker of participant weet niet welke interventie hij
krijgt)/double (= onderzoeker en participant weten niet welke interventie))
d. Oorzaak-gevolg relatie
3. Controlled trials (CT) + controlled single case experiments
a. Controlegroep toevoegen aan onderzoek
4. Single group outcome studies
a. Vergelijking voor en na interventie op groepsniveau
5. Uncontrolled case studies
a. Studie van 1 individu
b. Verschillende designs, zoals ABAB
Effectiveness vs. Efficacy trials
- Efficacy – interne validiteit
o Meer controle
o Minder generaliseerbaarheid
o Bekijkt of een interventie de verwachte resultaten heeft onder ideale
omstandigheden
- Effectiveness – externe validiteit
o Minder controle
o Meer generaliseerbaarheid
o Minder duidelijk of de uitkomst echt door de interventie komt
o Meet de effecten in ‘echte wereld’ klinische settingen
RCT de gouden standaard? vooralsnog wel
Belang vroege interventie
- Mentale gezondheidsproblemen van jongeren (10-24 jaar) grootste oorzaak van alle
ziektelast
- Interfereert met sociaal en academisch functioneren
- Bewezen lange termijneffecten op volwassen functioneren
Psychotherapie bij jongeren
- Motivatie? Kinderen melden zich niet zelf aan
- Gekleurd? Volwassene geven informatie
- ‘gevangenen’? zijn afhankelijk van hun omgeving
Maar wel een flexibel en plastisch brein
Interventie criteria
- Doelen stellen – wat?
o Concreet zijn
o Gericht op verandering van gedachten of gedrag
o Positieve doelen zijn motiverender
o SMART criteria
- Methode – hoe?
o Niet in isolatie mediatoren en moderatoren meenemen
- Evidentie – hoe?
o Etiologie en in standhoudende factoren
o Conceptuele analyse op risico en protectieve factoren
o Wat zijn de veranderbare factoren = het doel
- Uitvoering – hoe?
o Toepasbaar en uitvoerbaar binnen de klinische setting
o Overdraagbaar (transferable)
o Grenzen en mogelijkheden zijn helder
,College 2
NJI – interventie is een weldoordachte, systematische aanpak
- Planmatig en doelgericht
- Bevorderen van ontwikkeling
- Gericht op kind/jongere, de opvoeders of diens omgeving
- Afgebakend in tijd, duur en frequentie
Multi systeem therapie (MST)
- Gezinsbehandeling voor kinderen/adolescenten van 10-18 jaar met opvoeders
- Doel: verminderen van gedragsproblemen, veerkracht in het gezin/netwerk
vergroten en uithuisplaatsing voorkomen
- Aanpakken van risicofactoren in het netwerk en benadrukken van de sterke kanten
van het gezin
- 4-5 maanden met 24/7 beschikbaarheid van de therapeut
- Empirische effectiviteit
o De groep met extreme agressiviteit liet het grootste effect van interventie
zien
The incredible years
- Groepstraining voor ouders van kinderen van 3-8 jaar
- Doel: het verminderen van gedragsproblemen, sociaal-, emotionele en schoolse
vaardigheden ontwikkelen
- Aanleren positieve opvoedvaardigheden
- 18 wekelijkse sessies met opvoeders
Scientific evidence – de rol van de wetenschap
- Theoretische onderbouwing – fundamenteel onderzoek
o Waarom verwacht je dat de interventie werkt?
o Georganiseerde beschrijving van hoe bepaalde concepten samenhangen
o Wordt gebruikt om fenomenen te voorspellen en verklaren
o Vaak geconstrueerd op basis van verschillende empirische bevindingen
- Empirische effectiviteit – effectonderzoek
o Heeft de interventie het gewenste effect en wat is de sterkte?
o Waarnemingen of kennis die door ondervinding wordt verkregen (bijv.
observatie of metingen)
o Wordt gebruikt om hypotheses te toetsen in bepaalde populatie
o Verzameling van empirische bewijs kan theorieën bevestigen of ontkrachten
Theoretisch onderbouwing – criteria die beschreven moeten worden
- Probleem
o Aard, ernst, spreiding en gevolgen
- Oorzaken
o Veroorzakende en in standhoudende en belemmerende factoren
- Aan te pakken factoren
, o Factoren die in de interventie worden aangepakt, inclusief terugkoppeling
naar de interventiedoelen
- Verantwoording
o Argumentatie dat met deze aanpak de doelen bij de doelgroep bereikt
kunnen worden
Empirische effectiviteit
- Kenmerken
o Titel, auteurs, organisatie, jaartal
- Beschrijving onderzoek
o Type onderzoek, methodes, kenmerken en omvang van steekproef,
repsonspercentage, meetinstrumenten
- Uitkomsten
o Proces: bereik, fidelity (uitgevoerd volgens protocol?), waardering door
doelgroep, succes- en faalfactoren
o Effect: gevonden effecten, inclusief effect size
Hierarchy of evidence – type effect onderzoek
1. Meta-analyses CT
2. Narrative reviews CT
a. ‘gouden standaard’ – random indeling proefpersonen
b. Voorkomen systematische verschillen in condities
c. Blindering (single (= onderzoeker of participant weet niet welke interventie hij
krijgt)/double (= onderzoeker en participant weten niet welke interventie))
d. Oorzaak-gevolg relatie
3. Controlled trials (CT) + controlled single case experiments
a. Controlegroep toevoegen aan onderzoek
4. Single group outcome studies
a. Vergelijking voor en na interventie op groepsniveau
5. Uncontrolled case studies
a. Studie van 1 individu
b. Verschillende designs, zoals ABAB
Effectiveness vs. Efficacy trials
- Efficacy – interne validiteit
o Meer controle
o Minder generaliseerbaarheid
o Bekijkt of een interventie de verwachte resultaten heeft onder ideale
omstandigheden
- Effectiveness – externe validiteit
o Minder controle
o Meer generaliseerbaarheid
o Minder duidelijk of de uitkomst echt door de interventie komt
o Meet de effecten in ‘echte wereld’ klinische settingen
RCT de gouden standaard? vooralsnog wel