Arbeidsrecht – Hoorcollege 1
Duiding van de arbeidsovereenkomst
Bijzondere status arbeidsovereenkomst
Arbeidsovereenkomst is duurovereenkomst: de werknemer verbindt zich ten opzichte van de
werkgever om gedurende een bepaalde periode arbeid te verrichten; voor het verrichten van
de arbeid krijgt hij loon van de werkgever
Doelstellingen van het arbeidsrecht
o Bescherming economisch zwakkere partij (ongelijkheidscompensatie). Er is sprake
van economische ongelijkwaardigheid. De werknemer bevindt zich in economisch
afhankelijke, ondergeschikte positie ten opzichte van de werkgever die economisch
veel sterker is. Die ongelijkheid wordt in het arbeidsovereenkomstenrecht min of
meer gelijkgetrokken. Dit noemen we ook wel ongelijkheidscompensatie.
o Institutioneel karakter (werknemers onderdeel onderneming). Ordenende functie.
Een arbeidsovereenkomst wordt gesloten tussen een werknemer en een werkgever,
maar de werknemer is onderdeel van een groter geheel. De werknemer werkt in
een onderneming waarin meerdere werknemers en eventueel andere aspecten
aan de orde zijn. Het institutionele karakter brengt mee dat de werkgever bepaalde
beslissingen moet nemen die het individuele belang van de werknemer opzij kunnen
zetten. Er zijn een aantal bepalingen in het arbeidsrecht te vinden die de werkgever
de mogelijkheid bieden om iets voor meerdere werknemers tegelijkertijd te regelen.
Bij het ontslagrecht denk je in eerste instantie aan de beschermende functie, maar het
ontslagrecht heeft ook een ordenende functie. Denk bijvoorbeeld aan de discussie over de
preventieve ontslagtoets en de vraag of een dergelijke preventieve toets anno 2019 nog
houdbaar is. De preventieve ontslagtoets heeft een ordenende functie. Door een preventieve
toetsing te laten plaatsvinden, hebben werkgevers veel eerder zekerheid over het al dan niet
voortbestaan van de arbeidsovereenkomst. Hierdoor zullen werkgevers sneller overgaan tot
het afsluiten van een overeenkomst.
Bijzondere status arbeidsovereenkomst
Arbeidsrechtelijk regenwoud
o Titel 10 boek 7 behelst belangrijkste raamwerk
o Tal van bijzondere wetten en ministeriële regelgeving
o Steeds meer regelgeving komt uit Europa (EU-richtlijnen maar ook grondrechten):
uitleg van Hof van Justitie moet door onze nationale rechters worden gerespecteerd
Wetgever regelt niet alles dwingend maar laat soms bepaalde ruimte aan
arbeidsmarktpartijen
o Dwingend recht: afwijken niet toegestaan (bijv. loondoorbetaling bij ziekte,
ontslagrecht)
o Driekwartdwingend recht: afwijking mogelijk bij cao
o Semidwingend recht: eis van schriftelijkheid: het geldt alleen indien het duidelijk in
de arbeidsovereenkomst staat (bijv. concurrentiebeding)
o Regelend recht: partijen kunnen vrij afwijken
Belangrijke rol komt toe aan sociale partners
, Artikel 7:610 BW: toegangspoort tot arbeidsrecht
Ingrediënten van de arbeidsovereenkomst
o Loon, (persoonlijk te verrichten) arbeid, zekere tijd en gezag. Het criterium ‘gezag’
wordt niet met zo veel woorden vermeld in art. 7:610 BW, maar wordt afgeleid uit
de woorden ‘in dienst van’. In het kader van het gezagscriterium is sprake van een
verschuiving van instructies met betrekking tot de inhoud van het werk naar
instructies met betrekking tot de organisatorische kant van de werkzaamheden.
Definitie arbeidsovereenkomst
Lastige afbakening met opdrachtovereenkomst (art. 7:400 BW)
Het geven van een andere benaming aan de overeenkomst maakt niet dat je de regels van
het arbeidsovereenkomstenrecht kunt omzeilen. De eerste drie criteria uit artikel 7:610 BW
geven weinig duidelijkheid over de vraag of sprake is van een opdracht-overeenkomst of een
arbeidsovereenkomst. Gezag is het beslissende criterium. De arbeid moet worden verricht in
dienst van de werkgever. De woorden ‘’in dienst van’’ betekenen dat de werkgever bevoegd
is om de werknemer instructies te geven over de wijze waarop het werk wordt verricht. De
werknemer is ondergeschikt aan de werkgever. De instructiebevoegdheid valt of staat niet
alleen met instructies die zien op de inhoud van het werk. Het kan dus gaan om alle
instructies die zien op de wijze waarop het werk moet worden verricht. Als je op basis van
een overeenkomst van opdracht werkzaamheden verricht, dan ben je niet ondergeschikt aan
de opdrachtgever. De opdrachtnemer staat niet in een (economisch) afhankelijke positie en
heeft dan ook niet zozeer de bescherming van de arbeidswetgeving nodig. Je zou denken dat
dit onderscheid voldoende duidelijkheid geeft. Toch heeft het onderscheid tussen de
arbeidsovereenkomst en de overeenkomst van opdracht tot enorm veel jurisprudentie
aanleiding gegeven. Dit wordt veroorzaakt door het feit dat de opdrachtgever op grond van
de wet de mogelijkheid heeft om de opdrachtnemer instructies te geven over de manier
waarop de werkzaamheden worden verricht.
Toetsingscriterium:
o Groen/Schoevers: partijbedoeling, mede in aanmerking genomen de wijze waarop zij
feitelijk aan de overeenkomst uitvoering hebben gegeven en aldus daaraan inhoud
hebben gegeven
Welke rol komt toe aan de maatschappelijke positie? In het arrest HR Groen/ Schoevers
maakt de maatschappelijke positie dat de partijbedoeling een grote rol krijgt. Groen had in
het verleden vaker gewerkt op basis van een opdrachtovereenkomst en hij wist aldus wat
een opdrachtovereenkomst was. Hij was ook helemaal geen economisch afhankelijke en
zwakkere partij. Dit maakt het redelijk om de partijbedoeling een grote rol te laten spelen.
In de zaak van de Post NL-bezorgers zou je kunnen zeggen dat de partijbedoeling niet op
gelijke hoogte zou moeten staan als de feitelijke invulling. Het arbeidsrecht bestaat immers
ter bescherming van de economisch afhankelijke en zwakkere partij. Het lijkt vreemd om in
het geval van de Post NL-bezorgers de partijbedoeling als uitgangspunt te nemen. Zou de
Post NL-bezorger bij het totstandkomen van de opdrachtovereenkomst iets te zeggen
hebben gehad over de inhoud daarvan? Nee! Indien de economisch zwakkere positie meer
relevantie zou hebben, dan gaat de partijbedoeling een kleinere rol spelen. Hoe zwakker de
positie is van de werkende met wie het contract is gesloten, hoe minder relevantie we aan de
partijbedoeling zouden moeten toekennen. Als we de partijbedoeling loslaten, dan kom
je eerder tot de conclusie dat sprake is van een arbeidsovereenkomst. Er zijn kantonrechters
die zeggen dat de partijbedoeling in het geval van de Post NL-bezorgers zou moeten worden
Duiding van de arbeidsovereenkomst
Bijzondere status arbeidsovereenkomst
Arbeidsovereenkomst is duurovereenkomst: de werknemer verbindt zich ten opzichte van de
werkgever om gedurende een bepaalde periode arbeid te verrichten; voor het verrichten van
de arbeid krijgt hij loon van de werkgever
Doelstellingen van het arbeidsrecht
o Bescherming economisch zwakkere partij (ongelijkheidscompensatie). Er is sprake
van economische ongelijkwaardigheid. De werknemer bevindt zich in economisch
afhankelijke, ondergeschikte positie ten opzichte van de werkgever die economisch
veel sterker is. Die ongelijkheid wordt in het arbeidsovereenkomstenrecht min of
meer gelijkgetrokken. Dit noemen we ook wel ongelijkheidscompensatie.
o Institutioneel karakter (werknemers onderdeel onderneming). Ordenende functie.
Een arbeidsovereenkomst wordt gesloten tussen een werknemer en een werkgever,
maar de werknemer is onderdeel van een groter geheel. De werknemer werkt in
een onderneming waarin meerdere werknemers en eventueel andere aspecten
aan de orde zijn. Het institutionele karakter brengt mee dat de werkgever bepaalde
beslissingen moet nemen die het individuele belang van de werknemer opzij kunnen
zetten. Er zijn een aantal bepalingen in het arbeidsrecht te vinden die de werkgever
de mogelijkheid bieden om iets voor meerdere werknemers tegelijkertijd te regelen.
Bij het ontslagrecht denk je in eerste instantie aan de beschermende functie, maar het
ontslagrecht heeft ook een ordenende functie. Denk bijvoorbeeld aan de discussie over de
preventieve ontslagtoets en de vraag of een dergelijke preventieve toets anno 2019 nog
houdbaar is. De preventieve ontslagtoets heeft een ordenende functie. Door een preventieve
toetsing te laten plaatsvinden, hebben werkgevers veel eerder zekerheid over het al dan niet
voortbestaan van de arbeidsovereenkomst. Hierdoor zullen werkgevers sneller overgaan tot
het afsluiten van een overeenkomst.
Bijzondere status arbeidsovereenkomst
Arbeidsrechtelijk regenwoud
o Titel 10 boek 7 behelst belangrijkste raamwerk
o Tal van bijzondere wetten en ministeriële regelgeving
o Steeds meer regelgeving komt uit Europa (EU-richtlijnen maar ook grondrechten):
uitleg van Hof van Justitie moet door onze nationale rechters worden gerespecteerd
Wetgever regelt niet alles dwingend maar laat soms bepaalde ruimte aan
arbeidsmarktpartijen
o Dwingend recht: afwijken niet toegestaan (bijv. loondoorbetaling bij ziekte,
ontslagrecht)
o Driekwartdwingend recht: afwijking mogelijk bij cao
o Semidwingend recht: eis van schriftelijkheid: het geldt alleen indien het duidelijk in
de arbeidsovereenkomst staat (bijv. concurrentiebeding)
o Regelend recht: partijen kunnen vrij afwijken
Belangrijke rol komt toe aan sociale partners
, Artikel 7:610 BW: toegangspoort tot arbeidsrecht
Ingrediënten van de arbeidsovereenkomst
o Loon, (persoonlijk te verrichten) arbeid, zekere tijd en gezag. Het criterium ‘gezag’
wordt niet met zo veel woorden vermeld in art. 7:610 BW, maar wordt afgeleid uit
de woorden ‘in dienst van’. In het kader van het gezagscriterium is sprake van een
verschuiving van instructies met betrekking tot de inhoud van het werk naar
instructies met betrekking tot de organisatorische kant van de werkzaamheden.
Definitie arbeidsovereenkomst
Lastige afbakening met opdrachtovereenkomst (art. 7:400 BW)
Het geven van een andere benaming aan de overeenkomst maakt niet dat je de regels van
het arbeidsovereenkomstenrecht kunt omzeilen. De eerste drie criteria uit artikel 7:610 BW
geven weinig duidelijkheid over de vraag of sprake is van een opdracht-overeenkomst of een
arbeidsovereenkomst. Gezag is het beslissende criterium. De arbeid moet worden verricht in
dienst van de werkgever. De woorden ‘’in dienst van’’ betekenen dat de werkgever bevoegd
is om de werknemer instructies te geven over de wijze waarop het werk wordt verricht. De
werknemer is ondergeschikt aan de werkgever. De instructiebevoegdheid valt of staat niet
alleen met instructies die zien op de inhoud van het werk. Het kan dus gaan om alle
instructies die zien op de wijze waarop het werk moet worden verricht. Als je op basis van
een overeenkomst van opdracht werkzaamheden verricht, dan ben je niet ondergeschikt aan
de opdrachtgever. De opdrachtnemer staat niet in een (economisch) afhankelijke positie en
heeft dan ook niet zozeer de bescherming van de arbeidswetgeving nodig. Je zou denken dat
dit onderscheid voldoende duidelijkheid geeft. Toch heeft het onderscheid tussen de
arbeidsovereenkomst en de overeenkomst van opdracht tot enorm veel jurisprudentie
aanleiding gegeven. Dit wordt veroorzaakt door het feit dat de opdrachtgever op grond van
de wet de mogelijkheid heeft om de opdrachtnemer instructies te geven over de manier
waarop de werkzaamheden worden verricht.
Toetsingscriterium:
o Groen/Schoevers: partijbedoeling, mede in aanmerking genomen de wijze waarop zij
feitelijk aan de overeenkomst uitvoering hebben gegeven en aldus daaraan inhoud
hebben gegeven
Welke rol komt toe aan de maatschappelijke positie? In het arrest HR Groen/ Schoevers
maakt de maatschappelijke positie dat de partijbedoeling een grote rol krijgt. Groen had in
het verleden vaker gewerkt op basis van een opdrachtovereenkomst en hij wist aldus wat
een opdrachtovereenkomst was. Hij was ook helemaal geen economisch afhankelijke en
zwakkere partij. Dit maakt het redelijk om de partijbedoeling een grote rol te laten spelen.
In de zaak van de Post NL-bezorgers zou je kunnen zeggen dat de partijbedoeling niet op
gelijke hoogte zou moeten staan als de feitelijke invulling. Het arbeidsrecht bestaat immers
ter bescherming van de economisch afhankelijke en zwakkere partij. Het lijkt vreemd om in
het geval van de Post NL-bezorgers de partijbedoeling als uitgangspunt te nemen. Zou de
Post NL-bezorger bij het totstandkomen van de opdrachtovereenkomst iets te zeggen
hebben gehad over de inhoud daarvan? Nee! Indien de economisch zwakkere positie meer
relevantie zou hebben, dan gaat de partijbedoeling een kleinere rol spelen. Hoe zwakker de
positie is van de werkende met wie het contract is gesloten, hoe minder relevantie we aan de
partijbedoeling zouden moeten toekennen. Als we de partijbedoeling loslaten, dan kom
je eerder tot de conclusie dat sprake is van een arbeidsovereenkomst. Er zijn kantonrechters
die zeggen dat de partijbedoeling in het geval van de Post NL-bezorgers zou moeten worden