Week 1 - Inleiding, legaliteit & wederrechtelijkheid
Stof:
- 2x hoorcollege (geen werkgroep)
- Studieboek: H1, 2.1-2.4, 6.1, H3, H4
- Artikel: Legaliteit in Brussel en Luxemburg
Arresten:
- HR Veearts
- HR Dreigbrief
- HR Onbehoorlijk gedrag
- EHRM Legaliteit in Straatsburg
- HvJ EU 11 juni 2020
Hoorcollege 1 - Inleiding materieel strafrecht
Materieel strafrecht= deel van het strafrecht waarin wordt bepaald waarvoor, wanneer, op
wie, binnen welke grenzen en waarom een strafrechtelijke sanctie kan worden opgelegd.
1. Wat is materieel strafrecht?
a. Strafbaarstellingen
- Bevatten delictsomschrijving (gedraging + subjectieve omstandigheden
(opzet/schuld)) + sanctienorm (max. straf)
- Opgedeeld in misdrijven en overtredingen (Boek 2 of Boek 3)
- Nadere onderscheidingen mogelijk zoals:
→ Rechtsdelicten = strafbaarstellingen die een hele essentiële norm
beschermen (recht op leven), er is een subjectief bestanddeel vereist (door
beroep op gewetensfunctie vd mens)
→ Wetsdelicten = beschermen een norm die te maken heeft met de ordening
van de maatschappij, subjectieve bestanddeel niet vereist enkel handelen
voldoende
→ Krenkingsdelicten = leed is al wel geschied, een bepaald belang of
rechtsgoed wordt geschonden
→ Gevaarzettingsdelicten = leed is nog niet geschied, gevaar voor
bepaald gevolg bestraft. denk aan poging, opruiing
→ Materieel omschreven delicten = gevolg van het handelen staat centraal
(dood die intreed)
→ Formeel omschreven delicten = handelen staat centraal (Diefstal)
→ verschil in causaliteit
→ Commissiedelict = iets wordt gedaan
→ Omissiedelict = iets wordt nagelaten
1
,Let op: Soms bevat de delictsomschrijving ook een kwalificatie van de
delictsomschrijving zoals: ‘als schuldig aan doodslag’ = geen onderdeel van
delictsomschrijving + heeft niets te maken met subjectieve bestanddelen
Bestanddelen = vereisten om te kunnen spreken van een bepaald delict
b. Algemene leerstukken van strafrechtelijke aansprakelijkheid (Zie algemeen Deel
WSr) (zoals poging) = al dan niet in de wet tot uitdrukking komende
termen/begrippen die betrekking hebben op strafrechtelijke aansprakelijkheid
c. Sanctierecht → komt niet echt aanbod
Plaatsbepaling materieel strafrecht
● In relatie tot formeel strafrecht → door formeel strafrecht wordt materieel
strafrecht verwezenlijkt → opportuniteitsbeginsel = OM bepaalt wanneer wat
wordt vervolgd
● In relatie tot andere rechtsgebieden → elk rechtsgebied heeft een andere
invulling van begrippen → want er zijn ook andere gevolgen
2. Bronnen van materieel strafrecht
Rangorde:
1. Internationale verdragen (EVRM, VN verdragen, mensenrechten waarborgen en
verplichte strafbaarstellingen)
2. EU-recht (EU handvest van de grondrechten= primair eu-recht, legaliteitsbeginsel,
secundair recht in richtlijnen)
3. De wet: commuun (WvSr) en bijzonder strafrecht (de rest)
4. Nationale en internationale rechtspraak
Betekenis van bronnen
● Primaat van de wet (art.1 Sr juncto art. 16 Gw) → legaliteitsbeginsel
● Primaat van het wetboek van strafrecht (commuun) (art. 91 Sr of art. 107 GW)
● Maar: praktijk is weerbarstig → vage formulering van wetten
● En bijzondere wetten ook best wel uitgebreid
3. Nederlands strafrecht 1886-heden
● Tot 1886: Franse Code Penal (1810) van kracht → hiervoor verstrooid
strafrecht
→ bleef heel lang door codificatiegebod (GW) (niets was beter)
● 1886: Inwerkingtreding van nieuw nationaal wetboek van strafrecht
● Gekenmerkt door: eenvoud, rechterlijke interpretatie- en
straftoemetingsvrijheid, terughoudendheid (liberaal) → klassieke school
● Ordenen en beschermen tegen de overheid
Behouden gebleven sinds 1886
● Algemene leerstukken niet/nauwelijks gedefinieerd → nadere uitwerking
overgelaten aan de rechtspraak
2
, ● Tweedeling: Misdrijven & overtredingen
● Grote straftoemetingsvrijheid voor de rechter → vertrouwen
(taakstrafverbod?)
Ontwikkelingen sinds 1886
● Opkomst Moderne Richting → thans: verenigingstheorie
- Kijken naar effecten en de maatschappij → hoe kunnen we de samenleving
beschermen?
- Nut van straffen? Persoon van de dader krijgt op een andere manier vorm
● Nieuwe vormen van criminaliteit
● Internationalisering en Europeanisering
● Toegenomen invloed andere disciplines
● Toegenomen nadruk op veiligheid
● Differentiatie van wederrechtelijkheid → is elk in de wet strafbaar gesteld
handelen strafbaar?
● Meer aandacht voor schuld
Enige belangrijke veranderingen
● Hoe Nederlands is ons Nederlandse strafrecht?
- Positieve verplichtingen ogv EVRM
- Invloed bovennationaal recht, m. n. van (afdwingbaar) EU-recht
- Plicht tot conforme interpretatie
- Rechtspraak Hof van Justitie EU
● Strafbaarstelling van de voorfase
- Strafbare voorbereiding
- Gevaarzettingsdelicten steeds meer op de voorgrond
● Veranderde opvatting van daderschap
- Naast fysiek ook functioneel daderschap → medeplichtigheid etc
- Strafbaarheid van de rechtspersoon
● Forse groei bijzondere strafwetgeving
- Mede onder invloed van EU-regelgeving en internationaal recht
- Gelede normstelling → in allerlei wetten staat 1 strafbaarstelling
Criteria voor strafbaarstelling
● Schadebeginsel
- Schade of gevaar voor schade?
● Schending van rechtsbelangen
4. De mens in het strafrecht
● strafbaar gedrag is menselijk gedrag
● wie de misdadiger als mens eerbiedigt en werkelijk verantwoordelijk houdt, biedt de
misdadiger de gelegenheid het verloren vertrouwen opnieuw te verdienen
3
, Hoorcollege 2 - Legaliteit & Wederrechtelijkheid
Voorwaarden voor strafbaarheid
1. Er is een menselijke gedraging
2. .. die valt binnen de grenzen van een wettelijke delictsomschrijving
3. … die wederrechtelijk is
4. … en aan schuld te wijten
Wederrechtelijkheid & Verwijtbaarheid → elementen van de voorwaarden voor
strafbaarheid (staan niet altijd in de delictsomschrijving)
Legaliteitsbeginsel
● Want: menselijke gedraging ‘die valt binnen de grenzen van een wettelijke
delictsomschrijving → moet dus in de wet staan
● In dit vak: materieelrechtelijk legaliteitsbeginsel
Achtergrond legaliteitsbeginsel
● Een diepgeworteld fundamenteel beginsel
- rechtsstaatgedachte (rule of law)
- Bescherming tegen willekeur
- Generale preventie
3 dimensies van het legaliteitsbeginsel:
● Constitutionele dimensie: wetgever verleent bij wet het recht tot straffen
aan staatsorganen → bevoegdheden
● Rechtsbeschermende dimensie: de wet stelt grenzen aan het recht tot straffen
(gelijkheid en rechtszekerheid)
● Generaal-preventieve dimensie: rationele reactie op criminaliteit houdt volk onder
controle
Codificaties legaliteitsbeginsel
● Art. 1 lid 1 Sr
● Art. 16 Gw
● Art. 7 EVRM
● Art. 49 HGEU (bij ten uitvoer brengen Unierecht)
● Art. 15 lid 1 IVBPR
Vier deelnormen
1. Vereiste van geschreven strafbepalingen (Lex scripta): er moet een basis zijn in
het recht (dus gewoonterecht geen directe bron van strafrecht)
2. Verbod van terugwerkende kracht
- Tenzij: mildheidsgebod (art. 1 lid 2 Sr; art. 49 HGEU) (als de wijziging van
een bepaling juist gunstig uitpakt)
4