Hoorcollege 1 – introductie en perceptie............................................................................................................................................... 3
Hoorcollege 2 – individuelen verschillen en persoonlijkheid .................................................................................................................. 4
Hoorcollege 3 – attitudes en motivatie .................................................................................................................................................. 5
Hoorcollege 4 – conflict, rechtvaardigheid, onderhandelingen ............................................................................................................... 6
Hoorcollege 5 – groepen en teams ........................................................................................................................................................ 7
Hoorcollege 6 – leiderschap .................................................................................................................................................................. 9
Hoorcollege 7 – gedragsverandering ................................................................................................................................................... 11
, Hoorcollege 1 – introductie en perceptie
Gedrag in organisaties – de studie van het gedrag van mensen in organisaties (kennis op economie, sociologie, psychologie en andere
sociale wetenschappen)
relevantie gedragspatronen begrijpen
gedrag te voorspellen
gebruiken om doelen te bereiken
Organisatie – een sociale structuur twee of meer mensen die samenwerken om een doel te bereiken
Hawthorne effect – mensen veranderen hun gedrag wanneer ze geobserveerd worden
Perceptie – het proces waarin het individu zijn zintuigelijke indrukken ordent en interpreteert om zin te geven aan zijn omgeving
relevantie heeft invloed op gedrag
Kahneman stelt: er zijn twee manieren van denken
1) Snel, automatisch, onbewust, alledaagse beslissingen
2) Langzaam, bewust, complexe beslissingen
Mensen zijn begrensd rationeel (boundedly rational) in:
aandacht
intelligentie
beschikbare informatie
wilskracht
eigenbelang
Mensen gebruiken heuristieken (mentale shortcuts) bij het maken van beslissingen:
relevantie kan leiden tot fouten in redenaties en beslissingen
1) Achteraf fout (hindsight bias)
nadat iets bekend is, voelt het voorspelbaarder
relevantie verandert hoe we gebeurtenissen evalueren en hoeveel we daarvan leren
2) Beschikbaarheid heuristiek (availability heuristic)
overschatten wat je makkelijk te binnen schiet
3) Bevestigingsheuristiek (confirmation bias)
informatie zoeken die bevestigt wat je al weet of wil weten
relevantie kan leiden tot het oplossen van verkeerde problemen, stereotypering, kwaliteit beslissingen
4) Over-vertrouwen heuristiek (overconfidence heuristic)
eigen vaardigheden of de accuraatheid van je eigen schattingen overschatten
relevantie onnodige risico’s, verkeerde voorspellingen, gebrekkige voorbereiding, verkeerde planningen vermijden
‘Beter-dan-gemiddeld’ effect – mensen denken dat ze over het algemeen beter zijn dan anderen
effect sterker ambiguïteit over interpretatie
taak van belang voor zelfbeeld
bedreiging zelfwaarde
Verzonken kosten (sunk cost fallacy) – neiging van mensen om door te gaan met iets waarin we al veel hebben geïnvesteerd (tijd,
moeite, geld, emotionele energie), zelfs als opgeven beter is
Escalatie van inzet (escalation of commitment) – de neiging om middelen te blijven investeren in een schijnbaar verliezende situatie,
vanwege eerdere inspanningen, geld en tijd die al zijn besteed (de verzonken kosten)
gebeurt omdat biases – perceptie wijkt af van realiteit
verlies-aversie – we reageren sterker op verlies, dan winst van dezelfde grootte
impressie management – we willen gezien worden als competent
tegengaan door regelmatige feedback
verschillende personen laten beslissen
consequenties van falen verminderen
inzicht in verwachte kosten geven van doorzetting